RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst – Verordening Rome I

Deze verordening vervangt het Verdrag van Rome dat eenvormige regels vastlegde voor het bepalen van het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst in de Europese Unie (EU).

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (Rome I).

SAMENVATTING

Deze verordening is van toepassing op verbintenissen uit overeenkomst in burgerlijke en handelszaken in gevallen waarin uit het recht van verschillende landen moet worden gekozen. Zij is in het bijzonder niet van toepassing op fiscale zaken, douanezaken en administratiefrechtelijke zaken, noch op bewijs en rechtspleging.

Verder is de verordening evenmin van toepassing op de verbintenissen die verband houden met:

  • de staat en bevoegdheid van natuurlijke personen;
  • familierechtelijke betrekkingen;
  • huwelijksvermogensrechtelijke regelingen;
  • verhandelbare waardepapieren, zoals wissels, cheques en orderbriefjes;
  • arbitrage en aanwijzing van een bevoegde rechter;
  • het recht inzake vennootschappen, verenigingen en rechtspersonen;
  • het binden van een principaal of een vennootschap aan een derde;
  • trusts;
  • onderhandelingen voorafgaand aan de sluiting van een overeenkomst;
  • verzekeringsovereenkomsten, behalve diegene die in artikel 2 van Richtlijn 2002/83/EG betreffende levensverzekeringen bedoeld worden.

Het door deze verordening aangewezen recht is toepasselijk, ongeacht de vraag of het het recht van een lidstaat is.

Rechtskeuze door partijen

De partijen bij een contract kiezen het toepasselijke recht. Het kan toegepast worden op een deel van de overeenkomst of de overeenkomst in haar geheel. De partijen kunnen te allen tijde overeenkomen om de overeenkomst aan een ander recht te onderwerpen. Indien het gekozen recht het recht van een ander land is dan dat van het land dat het sterkst met het contract verbonden is, dienen de rechtsregels van dit laatste recht gerespecteerd te worden. Indien de overeenkomst met één of meerdere lidstaten verband houdt, mag het gekozen toepasselijke recht dat niet het recht van een lidstaat is, niet indruisen tegen de bepalingen van het Gemeenschapsrecht.

Het recht, dat bij gebreke van een rechtskeuze door de partijen toepasselijk is

Indien er door de partijen geen toepasselijk recht werd gekozen voor overeenkomsten in verband met de verkoop van goederen, de levering van diensten, franchises of distributie, wordt dit recht bepaald op basis van het land waar de belangrijkste actor die de overeenkomst uitvoert, zijn woonplaats heeft. Op overeenkomsten die betrekking hebben op een onroerende goed, wordt het recht van het land toegepast, waar het goed gelegen is, behalve bij huurovereenkomsten voor tijdelijk particulier gebruik (met een duur van ten hoogste zes opeenvolgende maanden). In dergelijke gevallen is het recht van het land waar de verhuurder zijn gewone verblijfplaats heeft, van toepassing. Een overeenkomst met betrekking tot de veiling van goederen wordt beheerst door het recht van het land waar de veiling plaatsvindt. Een overeenkomst die verband houdt met bepaalde financiële instrumenten die worden beheerst door één recht, wordt beheerst door dat recht.

Indien er geen of meerdere voormelde regels van toepassing zijn op een overeenkomst, dan wordt het toepasselijke recht bepaald op basis van het land waar de belangrijkste actor die de overeenkomst uitvoert, zijn woonplaats heeft. Indien de overeenkomst echter een kennelijk nauwere band heeft met een ander land dan bepaald wordt door deze regels, is het recht van dat andere land van toepassing. Dat geldt ook wanneer er geen toepasselijk recht bepaald kan worden.

Regels die op specifieke overeenkomsten van toepassing zijn

Voor de volgende types van overeenkomsten voorziet de verordening meerdere keuzemogelijkheden voor het toepasselijke recht en bepaalt daarnaast ook het toepasselijke recht bij gebrek aan een keuze ter zake:

  • Overeenkomsten voor het vervoer van goederen – indien er geen rechtskeuze werd gemaakt, wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar de vervoerder zijn gewone verblijfplaats heeft, mits de plaats van ontvangst of de plaats van aflevering of de gewone verblijfplaats van de verzender ook in dat land is gelegen. Zo niet wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar de plaats van aflevering is gelegen.
  • Overeenkomsten voor het vervoer van passagiers – als toepasselijk recht kan het recht gekozen worden van het land waar de passagier of de vervoerder zijn gewone verblijfplaats heeft, het land waar de vervoerder zijn hoofdvestiging heeft of het land waar het vertrek of de aankomst plaatsvindt. Indien er geen rechtskeuze werd gemaakt, is het recht van het land waar de passagier zijn gewone verblijfplaats heeft, van toepassing, mits de plaats van vertrek of de plaats van bestemming eveneens in dat land is gelegen. Indien de overeenkomst echter een kennelijk nauwere band heeft met een ander land, dan is het recht van dat land van toepassing.
  • Consumentenovereenkomsten tussen consumenten en verkopers – het toepasselijke recht is het recht van het land waar de consument zijn gewone verblijfplaats heeft, op voorwaarde dat dit ook het land is, waar de verkoper zijn/haar activiteiten ontplooit of waarop de verkoper zijn/haar activiteiten richt. De partijen kunnen echter ook, op basis van hun keuzevrijheid, voor de toepassing van een ander recht opteren, op voorwaarde dat het de consument hetzelfde beschermingsniveau biedt, als dat van het land waar hij/zij zijn/haar gewone verblijfplaats heeft.
  • Verzekeringsovereenkomsten – voor zover het toepasselijke recht niet is gekozen, wordt de verzekeringsovereenkomst beheerst door het recht van het land waar de verzekeraar zijn gewone verblijfplaats heeft. Indien de overeenkomst echter een kennelijk nauwere band heeft met een ander land, dan is het recht van dat land van toepassing.
  • Individuele arbeidsovereenkomsten – het toepasselijke recht kan bepaald worden op basis van het keuzevrijheidsbeginsel, op voorwaarde dat de werknemer hetzelfde niveau van bescherming blijft genieten als onder het recht dat van toepassing zou zijn, wanneer er ter zake geen keuze zou zijn gemaakt. In dit laatste geval wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar of van waaruit de werknemer zijn/haar arbeid verricht. Indien dit niet bepaald kan worden, wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar zich de vestiging bevindt, die de werknemer in dienst heeft genomen. Indien de overeenkomst echter een kennelijk nauwere band heeft met een ander land, dan is het recht van dat land van toepassing.

Toepassingsgebied van het toepasselijke recht

Het recht dat ingevolge deze verordening op de overeenkomst van toepassing is, beheerst met name de uitlegging ervan, de nakoming ervan, de gevolgen van gehele of gedeeltelijke tekortkomingen, de vaststelling van eventuele schade, de beëindiging van verbintenissen, de instructies voor acties en de sancties voor ongeldige overeenkomsten. Het Gemeenschapsrecht dat de op bepaalde gebieden geldende regels inzake het toepasselijke recht op verbintenissen uit overeenkomst vastlegt, prevaleert op deze verordening, behalve in het geval van verzekeringsovereenkomsten.

Uiterlijk op 17 juni 2013 brengt de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité verslag uit over de toepassing van deze verordening.

De verordening is van toepassing op overeenkomsten die vanaf 17 december 2009 gesloten worden.

Context

Het Actieplan van Wenen van 1998 erkent het belang van geharmoniseerde regels voor het bepalen van het toepasselijke recht bij de implementatie van het beginsel van wederzijdse erkenning voor beslissingen in burgerlijke en handelszaken. Het gezamenlijke programma van de Commissie en de Raad van 2000 voorziet maatregelen voor deze harmonisatie. Het Haagse programma van 2004 bevestigde het belang van voortvarend te werken aan de collisieregels op het vlak van verbintenissen uit overeenkomst met zijn actieplan ter goedkeuring van het Rome I-voorstel. Deze daaruit voortvloeiende Verordening vervangt het Verdrag van Rome van 1980 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, vormt het om tot een communautair instrument en moderniseert het.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad

Verordening (EG) nr. 593/2008

24.7.2008PB L 177 van 4.7.2008

Deze samenvatting is louter bedoeld ter informatie. Ze wil het referentiedocument, dat de enige bindende wettekst blijft, niet interpreteren of vervangen.

Laatste wijziging: 22.09.2008

Zie ook

  • Voor meer informatie, zie de „toepasselijk recht” (EN)-website van het Directoraat-generaal Justitie van de Europese Commissie
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven