RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Uniform model voor verblijfstitels

De Europese Unie heeft een uniform model vastgesteld voor de verblijfstitels voor onderdanen van derde landen.

MAATREGEL

Verordening (EG) nr. 1030/2002 van de Raad van 13 juni 2002 betreffende de invoering van een uniform model voor verblijfstitels voor onderdanen van derde landen [zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

Deze verordening treedt in de plaats van Gemeenschappelijk optreden 97/11/JBZ (zie hierna, in de rubriek "Gerelateerde besluiten") van de Raad inzake een uniform model voor verblijfstitels * en van de door de Raad met het oog op de toepassing ervan goedgekeurde maatregelen. In het kader van de ScheSection-l33020-nlngen uitvoeringsovereenkomst kan de verblijfstitel tezamen met een reisdocument de plaats van een visum innemen. Een onderdaan van een derde land * die een paspoort of een verblijfstitel overlegt, kan zonder visum voor een kort verblijf tot een Schengenstaat worden toegelaten.

In de verordening worden de algemene kenmerken beschreven van het uniform model waarvan een model in de bijlage is opgenomen. De verblijfstitels dienen als afzonderlijke documenten te worden afgegeven op basis van dit model. De overige technische specificaties om namaak en vervalsing te voorkomen, worden vastgesteld door de Commissie en het comité dat werd ingesteld bij Verordening (EG) nr. 1683/95 betreffende de invoering van een uniform visummodel. Indien wordt beslist deze specificaties geheim te houden, worden zij enkel medegedeeld aan de door de lidstaten aangewezen organen die belast zijn met het drukken van de verblijfstitels.

Overeenkomstig Richtlijn 95/46/EG betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, heeft een persoon aan wie een verblijfstitel is afgegeven het recht om zijn of haar persoonsgegevens op die verblijfstitel te laten corrigeren.

Biometrische * identificatiegegevens worden in de verblijfstitels geïntegreerd om de authenticiteit van het document en de identiteit van de betrokken onderdaan van een derde land vast te kunnen stellen. De identificatiegegevens omvatten een gezichtsopname (foto) en twee vingerafdrukken, die worden verwerkt overeenkomstig de nationale praktijken, met inachtneming van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden en het VN-Verdrag inzake de rechten van het kind. De technische specificaties voor het verzamelen van biometrische identificatiegegevens worden aangenomen in overeenstemming met de normen van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie en zijn gebaseerd op de technische specificaties voor de afgifte van nationale paspoorten, zoals bepaald in Verordening (EG) nr. 2252/2004.

Deze verordening is niet van toepassing op de onderdanen van derde landen die:

  • gezinslid zijn van burgers van de Unie en gebruikmaken van hun recht van vrij verkeer;
  • onderdaan zijn van lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie welke partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, alsmede hun gezinsleden die ingevolge deze overeenkomst gebruikmaken van hun recht van vrij verkeer;
  • van de visumplicht vrijgesteld zijn en die voor een periode van minder dan drie maanden in een lidstaat mogen verblijven.

De lidstaten mogen dit uniforme model gebruiken voor andere doeleinden dan welke werden vastgesteld in de verordening. Er dienen evenwel maatregelen te worden getroffen om verwarring met de uniforme verblijfstitel te voorkomen.

De lidstaten moeten het uniforme model voor verblijfstitels overeenkomstig de verordening uiterlijk één jaar na de goedkeuring van de bijkomende veiligheidsmaatregelen in omloop brengen. De biometrische identificatiegegevens moeten uiterlijk twee jaar (gezichtsopname) of drie jaar (vingerafdrukken) na de goedkeuring van passende technische specificaties in gebruik worden genomen. Vergunningen die eerder al werden afgegeven in andere soorten verblijfstitels blijven geldig, tenzij de lidstaten anders beslissen. De verblijfstitels kunnen gedurende een overgangsperiode van twee jaar na de goedkeuring van de technische specificaties voor de gezichtsopname afgegeven worden in de vorm van kleefbladen.

Ierland en het Verenigd Koninkrijk hebben medegedeeld dat zij wensen deel te nemen aan de aanneming en de toepassing van de verordening. Wat Denemarken, de Republiek IJsland, het Koninkrijk Noorwegen en de Zwitserse Confederatie betreft, vormt deze verordening een ontwikkeling van het Schengen-acquis.

Achtergrond

De Europese Raad heeft op zijn bijeenkomst in Thessaloniki op 19 en 20 juni 2003 gewezen op de noodzaak van samenhang voor de biometrische identificatiegegevens zodat ook de samenhang van de documenten voor onderdanen van derde landen, paspoorten van EU-burgers en informatiesystemen kan worden gegarandeerd. Een uniform model voor verblijfstitels voor onderdanen van derde landen draagt in de eerste plaats bij tot de strijd tegen illegale immigratie en illegaal verblijf. Het gebruik van biometrische identificatiegegevens beschermt de verblijfstitels tegen frauduleus gebruik door de titel op een betrouwbaarder wijze te koppelen aan zijn houder.

Sleutelbegrippen

  • Verblijfstitel: iedere door de autoriteiten van een lidstaat aan een onderdaan van een derde land verstrekte vergunning om legaal op zijn grondgebied te verblijven (met een aantal uitzonderingen, zoals bepaald in artikel 1, lid 2, onder a)).
  • Onderdaan van een derde land: eenieder die geen burger is van de Unie (met een aantal uitzonderingen, zoals bepaald in artikel 5).
  • Biometrie: hieronder wordt een identificatiemethode verstaan aan de hand waarvan een of meer van de lichaamskenmerken van een persoon (vingerafdrukken, opname van het gezicht, de iris van het oog) wordt/worden opgeslagen op een drager (chipkaart, barcode of gewoon document) teneinde te kunnen nagaan of diegene die een document in zijn bezit heeft wel degelijk de houder ervan is. Aangezien een biometrisch kenmerk aan één enkele persoon is gebonden, vormt het een beslissende factor voor de authenticatie van de gebruiker.

REFERENTIES

Wijzigingsbesluit(en)Datum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 380/200819.5.2008-PB L 115 van 29.4.2008

GERELATEERDE BESLUITEN

Besluit 98/243/JBZ van de Raad van 19 maart 1998 inzake de verdeling van de kosten van de vervaardiging van drukfolie voor het uniforme model voor verblijfstitels [Publicatieblad L 99 van 31.03.1998].

Besluit 98/701/JBZ van de Raad van 3 december 1998 betreffende gemeenschappelijke normen voor het invullen van het uniform model voor verblijfstitels [Publicatieblad L 333 van 09.12.1998].

Gemeenschappelijk optreden 97/11/JBZ van de Raad van 16 december 1996, aangenomen op basis van artikel K.3 Van het Verdrag betreffende de Europese Unie, inzake een uniform model voor verblijfstitels [Publicatieblad L 7 van 10.1.1997].
Dit gemeenschappelijk optreden beoogt de totstandbrenging van een uniform model voor verblijfstitels voor onderdanen van derde landen. Volgens dit gemeenschappelijk optreden dient onder verblijfstitel te worden verstaan “elke door de autoriteiten van een lidstaat verleende machtiging waarbij een onderdaan van een derde land legaal op het grondgebied van de lidstaat mag verblijven”. Het gemeenschappelijk optreden geldt niet voor:

  • visa;
  • titels welke voor ten hoogste zes maanden gelden;
  • titels die in afwachting van de behandeling van de aanvraag van een verblijfstitel of van een asielverzoek worden afgegeven.

Dit gemeenschappelijk optreden is voorts niet van toepassing op:

  • gezinsleden van burgers van de Europese Unie die gebruikmaken van hun recht op vrij verkeer;
  • onderdanen van de lidstaten van de EVA die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en hun gezinsleden die gebruikmaken van hun recht op vrij verkeer.
Laatste wijziging: 24.04.2009
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven