RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven

De doelstelling van deze richtlijn is het instellen van een samenwerkingssysteem waarmee slachtoffers van criminaliteit gemakkelijker toegang krijgen tot schadeloosstelling in grensoverschrijdende situaties. Dit systeem gaat uit van de schadeloosstellingsregelingen van de lidstaten voor slachtoffers van op hun grondgebied gepleegde opzettelijke geweldmisdrijven.

BESLUIT

Richtlijn 2004/80/EG van de Raad van 29 april 2004 betreffende de schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven.

SAMENVATTING

Slachtoffers van misdrijven in de Europese Unie moeten aanspraak kunnen maken op een billijke en passende schadeloosstelling wegens letsel, ongeacht de plaats in de Europese Unie (EU) waar het misdrijf is gepleegd. De onderhavige richtlijn draagt daartoe bij door:

  • de lidstaten te verplichten in hun nationale wetgeving een schadeloosstellingsregeling te voorzien voor slachtoffers van op hun grondgebied gepleegde opzettelijke geweldmisdrijven;
  • een samenwerkingssysteem op te zetten waardoor slachtoffers van misdrijven in grensoverschrijdende situaties gemakkelijker toegang krijgen tot schadeloosstelling (mogelijkheid tot het indienen van een aanvraag in de lidstaat waarin zij verblijven, aanwijzen van centrale contactpunten in de lidstaten, enz.).

Een passende schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven garanderen in de hele EU

Voor een slachtoffer is het vaak moeilijk schadeloosstelling te bekomen omdat de dader over onvoldoende financiële middelen beschikt of omdat de dader niet kon worden geïdentificeerd of vervolgd (de mogelijkheid om schadeloosstelling door de dader te verkrijgen wordt behandeld in het kaderbesluit betreffende de status van slachtoffers in strafprocedures). De meeste lidstaten zijn zich hiervan bewust en hebben reeds regelingen voor schadeloosstelling door de overheid ingesteld. Deze regelingen vertonen echter belangrijke verschillen, die hebben geleid tot grote ongelijkheden, zowel wat de volledige dekking van alle burgers van de EU als wat het bedrag van de schadeloosstelling betreft.

Zodra de richtlijn in werking is getreden, zullen slachtoffers van een misdrijf in grensoverschrijdende en nationale situaties schadeloos kunnen worden gesteld, ongeacht de lidstaat waarin zij verblijven of de lidstaat waarin het misdrijf is gepleegd. De lidstaat waarin het misdrijf is gepleegd, bepaalt de omvang van de schadeloosstelling die moet worden betaald aan individuele slachtoffers, maar deze moet wel billijk en passend zijn.

Vergemakkelijken van de toegang van slachtoffers tot schadeloosstelling in grensoverschrijdende situaties

Bij deze richtlijn wordt een systeem van samenwerking opgezet om de toegang van slachtoffers van misdrijven tot schadeloosstelling in grensoverschrijdende situaties te vergemakkelijken. Dit systeem dient te functioneren op basis van de schadeloosstellingsregelingen van de lidstaten voor slachtoffers van op hun respectieve grondgebied gepleegde opzettelijke geweldmisdrijven. Alle lidstaten dienen derhalve uiterlijk tegen 1 juli 2005 een schadeloosstellingsmechanisme te voorzien en nationale wetgeving aan te nemen tot instelling van een schadeloosstellingsregeling voor slachtoffers.

Opzetten van een schadeloosstellingsregeling en versterken van de samenwerking tussen de lidstaten

Alle lidstaten dienen ervoor te zorgen dat hun nationale wetgeving voorziet in een schadeloosstellingsregeling voor slachtoffers van op hun respectieve grondgebied gepleegde opzettelijke geweldmisdrijven, die een billijke en passende schadeloosstelling van slachtoffers garandeert.

Bij deze richtlijn wordt een systeem van samenwerking tussen de nationale autoriteiten ingesteld om de toegang van slachtoffers tot schadeloosstelling in grensoverschrijdende situaties te vergemakkelijken. Slachtoffers van een misdrijf dat is gepleegd buiten de lidstaat waar zij gewoonlijk verblijven, kunnen zich richten tot een overheidsdienst van de lidstaat waar zij verblijven (bijstandverlenende instantie) voor informatie over het indienen van een aanvraag tot schadeloosstelling. De overheidsdienst van de lidstaat waar het slachtoffer gewoonlijk verblijft, geeft de aanvraag rechtstreeks door aan de overheidsdienst van de lidstaat waar het misdrijf is gepleegd (beslissende instantie), die bevoegd is voor het onderzoek van de aanvraag en de betaling van de schadeloosstelling.

De Commissie heeft standaardformulieren opgesteld voor de toezending van aanvragen en beslissingen in verband met de schadeloosstelling van slachtoffers (zie “Gerelateerde besluiten”).

Als uitvoeringsmaatregel voorziet de richtlijn in de opstelling en publicatie op het internet van een handleiding voor de bijstandverlenende instanties. De richtlijn voorziet tevens in de totstandbrenging in elke lidstaat van een systeem van centrale contactpunten om de samenwerking in grensoverschrijdende gevallen te vergemakkelijken. Bijkomende informatie is beschikbaar op de website van de Europese justitiële atlas voor burgerlijke zaken.

De lidstaten dienen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking te doen treden om vóór 1 januari 2006 aan deze richtlijn te voldoen.

Uiterlijk op 1 januari 2009 dient de Commissie bij het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité een verslag in over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn.

Context

In 1999 diende de Commissie een mededeling in teneinde de situatie van slachtoffers van misdrijven in de EU te verbeteren. Bovendien erkenden de lidstaten op de Europese Raad van Tampere dat minimumnormen moesten worden vastgesteld met betrekking tot de bescherming van slachtoffers van misdrijven in de EU. Op 15 maart 2001 nam de Raad een kaderbesluit aan betreffende de status van slachtoffers in strafprocedures. Dit kaderbesluit bevat bepalingen betreffende schadeloosstelling door de dader van een misdrijf, maar gaat verder niet in op de schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven.

Vervolgens presenteerde de Commissie op 28 september 2001 een groenboek betreffende de schadeloosstelling van slachtoffers van geweldmisdrijven, waarin twee grote werkterreinen werden vastgesteld voor eventuele maatregelen:

  • het vaststellen van minimumnormen voor schadeloosstelling op Europees niveau door de lidstaten te verplichten slachtoffers een billijke schadeloosstelling van de overheid te garanderen;
  • het aannemen van maatregelen om de toegang tot schadeloosstelling in de praktijk te vergemakkelijken, ongeacht de plaats in de EU waar het misdrijf is gepleegd.

Deze richtlijn sluit aan op het groenboek. Na de terroristische aanslagen in Madrid in maart 2004 deed de Commissie in haar verklaring betreffende de bestrijding van terrorisme een oproep om de richtlijn vóór 1 mei 2004 goed te keuren.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Richtlijn 2004/80/EG

26.8.2004

1.1.2006

L 261 van 6.8.2004

GERELATEERDE BESLUITEN

Verslag van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement en het Europees Economisch en Sociaal Comité over de toepassing van richtlijn 2004/80/EG van de Raad betreffende de schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven [COM(2009) 170definitief – Niet in het Publicatieblad verschenen].
In dit verslag evalueert de Commissie de tenuitvoerlegging van de richtlijn in de lidstaten in de periode van 1 januari 2006 tot 31 december 2008. Slechts 15 lidstaten zijn erin geslaagd de richtlijn tijdig om te zetten (vóór 1 januari 2006). Achteraf werden nog 11 kennisgevingen van omzettingsmaatregelen ingediend. De evaluatie is dus niet volledig.
In ieder geval hebben 25 lidstaten een regeling ingevoerd in het kader waarvan slachtoffers een aanvraag tot schadeloosstelling kunnen indienen, de bevoegde instanties opgericht en de bepalingen inzake administratieve procedures ten uitvoer gelegd. De meeste lidstaten hebben ook melding gemaakt van maatregelen en methoden voor het informeren van aanvragers over de schadeloosstellingsregelingen.
Doordat bepaalde lidstaten de richtlijn nog maar recentelijk hebben uitgevoerd alsook ten gevolge van taalbarrières die sommige lidstaten hebben ervaren en een gebrek aan kennis van de rechtsstelsels en juridische procedures van andere lidstaten is het aantal grensoverschrijdende aanvragen en ondernomen acties heel laag gebleven. Bovendien zijn er grote verschillen tussen de lidstaten wat het verwerken en verzenden van aanvragen en beslissingen betreft.
Op één na hebben alle lidstaten een billijke en passende nationale schadeloosstellingsregeling ingevoerd. De meeste regelingen voorzien in de schadeloosstelling van slachtoffers voor letsels, langdurige arbeidsongeschiktheid en overlijden, alsook van naaste familieleden in geval van doodslag, maar sluiten schadeloosstelling voor onopzettelijke letsels uit. Om in aanmerking te kunnen komen, moeten de misdrijven wel bij de politie zijn aangegeven. De meeste lidstaten hebben een termijn vastgesteld voor het indienen van aanvragen alsook een bovengrens voor de totale schadeloosstelling. De meeste lidstaten voorzien ook een lagere schadeloosstelling wanneer een slachtoffer heeft bijgedragen tot zijn of haar letsels.
Slechts 13 lidstaten hebben de Commissie de aanvraagformulieren bezorgd en alle gegevens meegedeeld over de assistentieverlenende en beslissende instanties, de talen waarin informatie tussen deze instanties mag worden verzonden en de maatregelen die zijn genomen om aanvragers te informeren. Het handboek dat deze gegevens bevat, en dat in de atlas is gepubliceerd, zal dan ook geregeld worden bijgewerkt.

Besluit 2006/337/EG van de Commissie van 19 april 2006 tot vaststelling van standaardformulieren voor de toezending van aanvragen en beslissingen overeenkomstig Richtlijn 2004/80/EG van de Raad betreffende de schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven [Publicatieblad L 125 van 12.5.2006].
De Commissie heeft standaardformulieren opgesteld voor de toezending van aanvragen en beslissingen in verband met de schadeloosstelling van slachtoffers. Deze formulieren zijn als bijlage toegevoegd aan het besluit.

Laatste wijziging: 10.11.2009
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven