RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 23 talen
Nieuwe beschikbare talen:  BG - CS - ET - GA - LV - LT - HU - MT - PL - RO - SK - SL

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Het verdrag van Lissabon: inleiding

Het verdrag van Lissabon is een antwoord op de noodzaak om de structuur en werkwijze van de EU te hervormen. De opeenvolgende uitbreidingen van de EU hebben het aantal lidstaten op 27 gebracht. Als gevolg daarvan zijn aanpassingen in de werking van de instellingen en in de wijze waarop de Europese besluitvorming plaatsvindt noodzakelijk.

Het verdrag van Lissabon biedt bovendien mogelijkheden om het beleid van de EU op meerdere fronten te hervormen. In het verdrag worden acties die op Europees niveau worden ondernomen opnieuw gedefinieerd en versterkt.

GESCHIEDENIS

Een eerste poging tot hervormen vond plaats met het opstellen van het verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa. Het doel was om de oprichtingsverdragen van de EU te vervangen door een Europese Grondwet.

De Grondwet werd op 29 oktober 2004 in Rome ondertekend. Voordat de Grondwet in werking kon treden, moest ze echter door alle lidstaten geratificeerd worden. Het ratificatieproces liep in verschillende lidstaten echter uit op een fiasco.

Op 23 juli 2007 werd een nieuwe intergouvernementele conferentie bijeengeroepen in Lissabon met als doel een alternatief te vinden voor het constitutioneel verdrag en de hervormingen voort te zetten. Het idee van een Europese Grondwet werd dus opgegeven en er vinden nieuwe onderhandelingen plaats met het doel een hervormingsverdrag op te stellen.

Op 13 december 2007 ondertekenden de 27 staatshoofden of regeringsleiders van de EU in Lissabon een nieuw hervormingsverdrag. Het verdrag van Lissabon trad op 1 december 2009 in werking, nadat het door alle lidstaten was geratificeerd volgens de in hun respectievelijke landen geldende constitutionele regels.

VERSCHILLEN MET HET VERDRAG TOT VASTSTELLING VAN EEN GRONDWET VOOR EUROPA

Het verdrag van Lissabon is grotendeels geïnspireerd op het constitutionele verdrag. Het grootste deel van de institutionele en beleidshervormingen waarin werd voorzien door de Grondwet worden in het verdrag van Lissabon herhaald, maar ze worden in een andere vorm gepresenteerd.

Het constitutionele verdrag zou in feite de oprichtingsverdragen van de EU opheffen en ze vervangen door één en dezelfde tekst: de Grondwet voor Europa. Het verdrag van Lissabon daarentegen vervangt de oprichtingsverdragen niet, het brengt er enkel wijzigingen in aan, zoals eerder al de verdragen van Amsterdam en Nice dat deden. Het verdrag van Lissabon wordt dus eigenlijk gevormd door een reeks wijzigingen die zijn aangebracht in de oprichtingsverdragen.

Deze vormverandering heeft geen gevolgen op het juridische vlak, maar is van groot belang op symbolisch vlak en op beleidsgebied. Het idee om Europa van een grondwet te voorzien is opgegeven en het Europees recht wordt nog steeds opgesteld via internationale verdragen.

De EU rust dus nog altijd op twee oprichtingsverdragen: het verdrag betreffende de Europese Unie en het verdrag tot oprichting van de Europese gemeenschap. Het verdrag tot oprichting van de Europese gemeenschap is echter omgedoopt tot ”verdrag betreffende de werking van de EU”.

BIJDRAGEN VAN HET VERDRAG VAN LISSABON

Het verdrag van Lissabon:

  • hervormt de instellingen en verbetert het besluitvormingsproces van de EU;
  • versterkt de democratische dimensie van de EU;
  • hervormt het interne beleid van de EU;
  • versterkt het buitenlandbeleid van de EU.

Institutionele kwesties

De hervorming van de EU-instellingen was noodzakelijk vanwege de vermeerdering van het aantal lidstaten. Het verdrag van Lissabon wijzigt de regels met betrekking tot de samenstelling van de Commissie, het Europees Parlement, het Comité van de Regio’s en het Europees Economisch en Sociaal Comité.

Daarnaast hervormt het verdrag van Lissabon het besluitvormingsproces binnen de Raad. Het oude systeem van weging van stemmen is zelfs afgeschaft en nu is er een nieuwe definitie van de gekwalificeerde meerderheid voor het stemmen op besluiten.

Het verdrag van Lissabon heeft tevens twee nieuwe functies geschapen binnen de institutionele architectuur van de EU:

Overigens tracht het verdrag van Lissabon de werking van de EU te verduidelijken en te verbeteren. De oude pijlerstructuur is afgeschaft en opgevolgd door een nieuwe verdeling van de bevoegdheden tussen de EU en de lidstaten. Het verdrag van Lissabon vereenvoudigt eveneens de wetgevingsprocedures en de indeling van de rechtshandelingen die in de EU worden vastgesteld.

Bovendien verleent het verdrag van Lissabon meer flexibiliteit aan de werking van de EU. Er zijn verscheidene institutionele clausules ingesteld om de vormgeving van de EU in bepaalde beleidsgebieden te vergemakkelijken. Het opzetten van nauwere samenwerking tussen lidstaten is eveneens vergemakkelijkt.

Versterking van de Europese democratie

Een van de doelstellingen van het verdrag van Lissabon is het versterken van de Europese democratie, in het bijzonder om de legitimiteit van de besluiten te verbeteren en de EU dichter bij haar burgers te brengen. Zo zijn de bevoegdheden van het Europees Parlement aanzienlijk vergroot. Het verdrag van Lissabon kent eveneens een belangrijkere rol toe aan de nationale parlementen binnen de EU.

Het verdrag van Lissabon heeft bovendien het burgerinitiatief gecreëerd, waardoor burgers actiever kunnen deelnemen aan de vormgeving van de EU.

Intern beleid van de EU

Een van de belangrijkste veranderingen betreft de Europese ruimte van vrijheid, veiligheid en recht. Het verdrag van Lissabon vergroot feitelijk de bevoegdheden van de EU voor:

  • grenscontrole, asiel en immigratie;
  • justitiële samenwerking in burgerlijke zaken;
  • justitiële samenwerking in strafzaken;
  • politiële samenwerking.

Bovendien verduidelijkt het verdrag van Lissabon de bevoegdheden van de EU voor beleid op economisch, sociaal en energiegebied. In het verdrag is eveneens een nieuwe doelstelling vastgelegd voor het creëren van een Europese onderzoekruimte.

Het buitenlandbeleid van de EU

De invloed van de EU is op het internationale vlak groter geworden. Het verdrag van Lissabon verleent met name meer samenhang en zichtbaarheid aan het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de EU. De EU wordt hiermee een rechtspersoonlijkheid met de mogelijkheid te onderhandelen en een verdragssluitende partij te zijn bij internationale verdragen. Daarnaast wordt de EU op het mondiale toneel vertegenwoordigd door de hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid.

Bovendien heeft het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid voortaan een eigen plek in de oprichtingsverdragen. De doelstellingen op de lange termijn richten zich op het instellen van een gemeenschappelijke Europese defensie.

Laatste wijziging: 14.07.2010
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven