RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


De Europese Raad

INLEIDING

Het Verdrag van Lissabon verduidelijkt de institutionele architectuur van de Europese Unie (EU). Het verdrag erkent de Europese Raad voor het eerst als instelling. Deze erkenning is er geleidelijk gekomen. De eerste topontmoetingen van de staats- en regeringsleiders waaruit de Europese Raad is gegroeid, waren informeel van aard en vonden vanaf 1961 plaats. In 1974 kregen deze bijeenkomsten een regelmatig karakter en werden ze “Europese Raad” genoemd. De aard van de Europese Raad werd nauwkeuriger omschreven in de Europese Akte en vervolgens ook in het Verdrag van Maastricht.

Het Verdrag van Lissabon is dus een belangrijke stap, aangezien het de rol en de functies van de Europese Raad in de EU verduidelijkt en ten volle erkent. Bovendien wijzigt het verdrag de samenstelling van de Europese Raad, die voortaan door een permanente voorzitter wordt voorgezeten.

ROL

In het Verdrag van Lissabon wordt de Europese Raad erkend als een instelling van de Unie die politieke impulsen moet geven. De Europese Raad heeft geen wetgevende bevoegdheid. Hij stelt de prioriteiten voor het Europese eenwordingsproces vast en bepaalt de krachtlijnen van het Europese beleid. De Europese Raad stelt daartoe een kalender en concrete doelstellingen vast voor de Raad van de Europese Unie, de Commissie en het Europees Parlement.

De centrale rol van de Europese Raad in de EU komt ook tot uiting in zijn benoemingsbevoegdheid. Hij draagt de kandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Commissie voor en benoemt de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid. Voortaan kiest hij ook zelf zijn voorzitter.

SAMENSTELLING

De Europese Raad bestaat uit de staats- en regeringsleiders van de lidstaten, de voorzitter van de Europese Raad en de voorzitter van de Commissie. Afhankelijk van de agenda kunnen de leden van de Europese Raad bijgestaan worden door een minister en kan de voorzitter van de Commissie zich laten vergezellen door een commissaris. De hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid woont de bijeenkomsten eveneens bij.

WERKING

Voor de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon kwam de Europese Raad op grond van het Verdrag betreffende de EU tweemaal per jaar bijeen. In de praktijk komt de Europese Raad bijeen aan het einde van elk voorzitterschap, namelijk in juni en in december. In maart en in juni worden twee bijkomende raden georganiseerd. Het Verdrag van Lissabon bekrachtigt deze praktijk en specificeert dat de Europese Raad op uitnodiging van de voorzitter minstens tweemaal per jaar moet bijeenkomen. Bovendien kan de voorzitter ook een buitengewone vergadering van de Europese Raad beleggen wanneer de situatie dat vereist.

DE VOORZITTER VAN DE EUROPESE RAAD

De instelling van het voorzittersambt van de Europese Raad door het Verdrag van Lissabon is een belangrijke vernieuwing. De voorzitter wordt met gekwalificeerde meerderheid van stemmen door de Europese Raad verkozen voor een ambtstermijn van tweeënhalf jaar. De Europese Raad kan dit mandaat volgens dezelfde procedure beëindigen indien de betrokken persoon verhinderd is of op ernstige wijze is tekort geschoten. Het Verdrag van Lissabon benadrukt dat de voorzitter geen nationaal mandaat mag uitoefenen, maar sluit de combinatie met een mandaat in een andere Europese instelling niet uit.

De voorzitter heeft hoofdzakelijk tot taak de samenhang en de doeltreffendheid van de werkzaamheden van de Europese Raad te verbeteren. Hij neemt ook de taken op zich die vroeger door het roulerende voorzitterschap van de EU werden uitgevoerd, namelijk:

  • leiden en stimuleren van de werkzaamheden van de Europese Raad;
  • toezien op de voorbereiding en de continuïteit van de werkzaamheden van de Europese Raad;
  • bevorderen van de samenhang en de consensus binnen de Europese Raad.

De voorzitter dient na elke bijeenkomst van de Europese Raad verslag uit te brengen aan het Europees Parlement.

Tot slot heeft de voorzitter van de Europese Raad ook een diplomatieke functie doordat hij meer zichtbaarheid geeft aan Europa. Deze functie vervult hij evenwel zonder te interfereren met de bevoegdheden van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid.

SAMENVATTENDE TABEL

ArtikelenOnderwerp

Verdrag betreffende de EU

15

Rol en samenstelling van de Europese Raad; benoeming en prerogatieven van de voorzitter van de Europese Raad

Verdrag betreffende de werking van de EU

235 en 236

Werking en bevoegdheden van de Europese Raad
Laatste wijziging: 29.12.2009
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven