RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Reglement van orde van de Europese Commissie

Als onafhankelijke en collegiale instelling, samengesteld uit commissarissen en ambtenaren, heeft de Europese Commissie de opdracht het belang van de Europese Unie te vertegenwoordigen en te verdedigen. Zij beschikt over uitvoerende bevoegdheden, die zij deelt met de Raad van de EU, en is bevoegd om wetgeving voor te stellen, het Europees beleid en budget uit te voeren en de toepassing van de Verdragen te controleren.

BESLUIT

Reglement van orde van de Commissie [Zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

Krachtens artikel 249 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (EU) stelt de Commissie haar eigen reglement van orde vast teneinde haar werkzaamheden en die van haar diensten te verzekeren.

Dat document, dat 29 artikelen telt, bevat de administratieve organisatie van de instelling, haar intern besluitvormingsproces, alsmede bepalingen inzake veiligheid en toegang tot juridische documenten. De Commissie bepaalt de wijze van toepassing van haar intern reglement en kan aanvullende maatregelen nemen betreffende haar werkwijze.

ORGANISATIE VAN DE COMMISSIE

Om te beginnen zij eraan herinnerd dat het begrip “Commissie” in twee betekenissen wordt gebruikt. Enerzijds duidt het de leden van de Commissie aan, te weten de ploeg van mannen en vrouwen die door de lidstaten en het Parlement zijn aangesteld om de instelling te leiden en om beslissingen te nemen (het “college” van commissarissen). Anderzijds verwijst het begrip “Commissie” naar de instelling zelf en het personeel ervan, dat in diensten is georganiseerd.

De Commissie of het college van commissarissen

De Commissie werkt als “college” onder de politieke leiding van haar voorzitter. Dit beginsel van collegialiteit is gebaseerd op de gelijkheid van de leden van de Commissie in hun deelname aan de besluitvorming van de instelling. Dit impliceert dat de besluiten in gemeen overleg worden genomen en dat alle leden collectief verantwoordelijk zijn.

Met inachtneming van de door haar voorzitter vastgestelde politieke richtsnoeren stelt de Commissie zelf haar meerjarige strategische prioriteiten, haar beleidsstrategie en haar jaarlijkse werkprogramma vast. De voorzitter heeft een belangrijke functie aangezien hij de vertegenwoordiging van de instelling waarneemt en aan elke commissaris een portefeuille toekent (bijv. interne markt, regionaal beleid, vervoer, milieu, landbouw, handel, enz.). Hij kan steeds de bevoegdheden wijzigen.

Voor bijzondere werkgebieden kan de voorzitter eveneens werkgroepen vormen waarvan de voorzitter door hem wordt aangewezen (bv. Groep van commissarissen “Programmering en communicatie”, Groep van commissarissen “Fundamentele rechten”, Groep van commissarissen “Lissabon”, enz.).

De diensten van de Commissie:

Om de handelingen van de Commissie voor te bereiden en uit te voeren, is de Commissie opgebouwd uit verschillende departementen, “directoraten-generaal” (DG) genoemd. Die DG’s zijn onderverdeeld in “directoraten”, die op hun beurt zijn onderverdeeld in “administratieve eenheden”. Aan het hoofd van deze verschillende organisatorische niveaus staan respectievelijk een directeur-generaal, een directeur en een hoofd van een administratieve eenheid.

Zoals elke instelling beschikt ook de Commissie over een “secretariaat-generaal”. Aan het hoofd daarvan staat een secretaris-generaal die belangrijke taken vervult inzake het bijstaan van de voorzitter bij de voorbereiding van de vergaderingen en de uitvoering van de besluiten. Hij draagt zorg voor de nodige coördinatie tussen de diensten tijdens de werkzaamheden. Voorts onderhoudt hij de officiële contacten met de andere instellingen, onverminderd de bevoegdheden die de Commissie besluit zelf uit te oefenen of aan haar leden of haar diensten te delegeren.

INTERN BESLUITVORMINGSPROCES

Voorbereiding van de besluiten

Elke commissaris is voor het college specifiek verantwoordelijk voor de voorbereiding van de werkzaamheden op zijn beleidsgebied. De commissarissen beschikken dus over kabinetten, die tot opdracht hebben hen bij de vervulling van hun taken en bij de voorbereiding van de besluiten van het college bij te staan. Zij geven hun instructies aan de betrokken diensten of directoraten-generaal.

Alvorens een document aan de andere commissarissen voor te leggen, raadpleegt de verantwoordelijke dienst tijdig alle betrokken of daarin geïnteresseerde diensten. Indien geen overeenstemming kan worden bereikt, voegt de verantwoordelijke dienst bij zijn voorstel de afwijkende adviezen van deze diensten. Elk voorstel moet door de Juridische dienst worden onderzocht.

De Commissie beschikt over 4 interne procedures om voorstellen (richtlijn, verordening of beschikking), mededelingen of beheers- of bestuursbesluiten vast te stellen. De vergadering van de Commissie vormt de “koninginnenprocedure”. Zij heeft betrekking op de belangrijkste voorstellen die vóór hun vaststelling een mondeling debat in het college vereisen.

De vergadering van de Commissie of mondelinge procedure

De voorzitter roept ten minste eenmaal per week (gewoonlijk op woensdag) en telkens wanneer dat nodig is, de vergadering bijeen. Deze vergaderingen zijn niet openbaar en de beraadslagingen zijn vertrouwelijk.

Daaraan nemen alle commissarissen en de secretaris-generaal deel. Bij afwezigheid van een commissaris mag zijn kabinetschef de vergadering bijwonen en, op verzoek van de voorzitter, het standpunt van het afwezige lid uiteenzetten. Het college kan besluiten ieder ander persoon te horen.

De voorzitter stelt de agenda van elke vergadering van de Commissie vast.

De commissarissen kunnen alle punten waarover zij een debat nodig vinden, op de agenda laten plaatsen, op bepaalde voorwaarden die de Commissie heeft gesteld. Het college kan op voorstel van zijn voorzitter beraadslagen over een punt dat niet op de agenda is geplaatst of ten aanzien waarvan de werkdocumenten laattijdig zijn verstrekt.

Het college besluit op voorstel van een of meer commissarissen. De besluiten van het college worden gewoonlijk bij consensus vastgesteld. Het college kan echter op verzoek van een commissaris tot stemming overgaan. In dat geval worden de besluiten genomen wanneer zij de stemmen van de gewone meerderheid van de commissarissen hebben verkregen. Het resultaat van de debatten wordt opgenomen in de notulen van de vergadering.

De meeste andere procedures zijn bestemd om de Commissie te ontlasten van de besluiten betreffende het beheer van lopende zaken waarover geen debat nodig is.

De andere besluitvormingsprocedures

  • Schriftelijke procedure: de instemming van de leden van de Commissie met een door een van hen gedaan voorstel kan met een schriftelijke procedure worden vastgesteld. Als geen enkele commissaris binnen de gestelde termijn een voorbehoud heeft gemaakt of gehandhaafd, wordt het voorstel geacht door de Commissie te zijn aangenomen.
  • Machtigingsprocedure: het college kan een of meer van haar leden machtigen om in haar naam beheers- of bestuursmaatregelen te nemen of zelfs om de definitieve tekst goed te keuren van een besluit of van een voorstel dat aan de andere instellingen moet worden voorgelegd en waarvan het de hoofdinhoud tijdens zijn beraadslagingen heeft vastgesteld.
  • Delegatie- en subdelegatieprocedure: het college kan aan de directeuren-generaal de bevoegdheid delegeren om in haar naam maatregelen van beheer of bestuur goed te keuren. Zij kunnen deze bevoegdheden onder welomschreven voorwaarden aan hun diensthoofden subdelegeren.

Resultaat en uitvoering van de besluiten

Van elke vergadering van de Commissie worden notulen opgemaakt. Deze worden door het college goedgekeurd tijdens een volgende vergadering en worden gewaarmerkt door de handtekeningen van de voorzitter en van de secretaris-generaal.

Net zoals bij de voorbereiding van de werkzaamheden, is elke commissaris voor het college specifiek verantwoordelijk voor de uitvoering van de besluiten op zijn beleidsgebied. Bijgestaan door zijn kabinet, geeft hij aan de betrokken diensten of directoraten-generaal zijn instructies voor de uitvoering van de hem toegewezen taken.

De secretaris-generaal draagt zorg voor de uitvoering van de besluiten. Hij waarborgt de kennisgeving van de besluiten van de Commissie en de bekendmaking van die besluiten in het Publicatieblad van de EU alsmede de toezending ervan aan de andere instellingen.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Reglement van orde van de Commissie

1.1.2001

-

L 308 van 8.12.2000.

Wijzigingsbesluit(en)Datum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Besluit 2010/138/EU van de Commissie

6.3.2010

-

L 55 van 5.3.2010

Besluit 2011/737/EU van de Commissie

16.11.2011

-

L 296 van 15.11.2011

GERELATEERDE BESLUITEN

Verordening (EU, Euratom) nr. 904/2012 van de Raad van 24 september 2012 tot wijziging van Verordening nr. 422/67/EEG, nr. 5/67/Euratom tot vaststelling van de geldelijke regeling voor de voorzitter en de leden van de Commissie, de president, de rechters en de griffier van, alsmede de advocaten-generaal bij het Hof van Justitie, de president, de leden en de griffier van het Gerecht van eerste aanleg alsmede de president, de leden en de griffier van het Gerecht voor ambtenarenzaken van de Europese Unie [Publicatieblad L 269 van 4.10.2012].

Laatste wijziging: 18.02.2013
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven