RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


De prejudiciële verwijzing

De prejudiciële verwijzing is een procedure die voor het Hof van Justitie van de Europese Unie wordt ingeleid. In het kader van deze procedure kunnen nationale rechters vragen stellen aan het Hof van Justitie over de uitlegging of de geldigheid van het Europese recht.

De prejudiciële verwijzing is een van de procedures die voor het Hof van Justitie van de Europese Unie (HJEU) kunnen worden ingeleid. Zij kan uitsluitend worden gebruikt door de nationale rechters van de lidstaten. Deze laatsten kunnen het Hof van Justitie vragen stellen over de uitlegging of de geldigheid van het Europese recht met betrekking tot lopende zaken.

In tegenstelling tot andere gerechtelijke procedures is de prejudiciële verwijzing dus geen beroep tegen een Europese of nationale rechtshandeling, maar een vraag over de toepassing van het Europese recht.

De prejudiciële verwijzing bevordert aldus de actieve samenwerking tussen de nationale rechterlijke instanties en het Hof van Justitie en de eenvormige uitlegging van het Europese recht in de hele EU.

Aard van de prejudiciële verwijzing

Elke nationale rechtelijke instantie waarbij een zaak aanhangig is gemaakt waarin de toepassing van een voorschrift van Europees recht vragen oproept (hierna “hoofdgeding” genoemd), kan besluiten zich tot het Hof van Justitie te wenden voor een antwoord op deze vragen. De instantie heeft dan de keuze tussen twee typen prejudiciële verwijzing:

  • een verzoek om uitlegging van de Europese rechtsregel: de nationale rechter vraagt het Hof van Justitie naar de uitlegging van een element van het Europese recht om het correct te kunnen toepassen;
  • een prejudiciële verwijzing over de geldigheid van de Europese rechtsregel: de nationale rechter vraagt het Hof van Justitie de geldigheid van een Europese rechtshandeling na te gaan.

De prejudiciële verwijzing is dus een verwijzing “van rechter naar rechter”. Hoewel er door een van de partijen in het geschil om kan worden gevraagd, is het de nationale rechterlijke instantie die beslist of een vraag aan het Hof van Justitie wordt voorgelegd. In dat verband bepaalt artikel 267 van het Verdrag betreffende de werking van de EU dat rechterlijke instanties in laatste aanleg, d.w.z. instanties waarvan uitspraken niet vatbaar zijn voor hoger beroep, verplicht zijn zich tot het Hof te wenden indien een van de partijen daarom vraagt. Rechterlijke instanties waarvan de uitspraken wel vatbaar zijn voor hoger beroep, zijn daar niet toe verplicht, ook niet als een van de partijen erom vraagt. Alle nationale rechterlijke instanties kunnen zich wel op eigen initiatief tot het Hof van Justitie wenden indien er twijfel bestaat over een Europese bepaling.

Het Hof van Justitie spreekt zich dan alleen uit over de bestanddelen van de prejudiciële verwijzing die aan hem zijn voorgelegd. De nationale rechterlijke instantie blijft met andere woorden degene die in het hoofdgeding uitspraak doet.

Het Hof van Justitie moet de opgeworpen vraag in beginsel beantwoorden. Het mag een vraag niet onbeantwoord laten met als motivering dat het antwoord niet relevant of opportuun voor het hoofdgeding is. Wel mag het Hof een antwoord weigeren indien de vraag buiten zijn bevoegdheid valt.

Reikwijdte van prejudiciële beslissingen

De beslissing van het Hof van Justitie heeft kracht van gewijsde. Bovendien is zij niet alleen verbindend voor de nationale rechterlijke instantie die het initiatief voor de prejudiciële verwijzing heeft genomen, maar voor alle nationale rechterlijke instanties van de lidstaten.

Indien een Europese rechtshandeling in het kader van een prejudiciële verwijzing over de geldigheid ervan ongeldig wordt verklaard, zijn alle daarop gebaseerde rechtshandelingen dat eveneens. Het is dan de taak van de bevoegde Europese instellingen een nieuw besluit vast te stellen om de leemte op te vullen.

Laatste wijziging: 20.02.2013

Zie ook

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven