RSS
Alfabetische index

Glossarium

Burgerschap van de Unie

Het Europese burgerschap is ingevoerd bij het Verdrag betreffende de Europese Unie (EU-Verdrag), dat in 1992 in Maastricht werd ondertekend. Het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) herbevestigde de rechten die voortkomen uit Europees burgerschap.

Iedereen die de nationaliteit van een lidstaat heeft, wordt automatisch als EU-burger beschouwd en heeft in die hoedanigheid het recht:

  • om in de gehele EU vrij te reizen en te verblijven;
  • om te stemmen en zich verkiesbaar te stellen bij verkiezingen voor gemeenteraden en het Europees Parlement in het land waar men woont;
  • op diplomatieke en consulaire bescherming buiten de Europese Unie door de autoriteiten van eender welke lidstaat indien de lidstaat waarvan de betrokken burger onderdaan is, daar niet is vertegenwoordigd;
  • om bij het Europees Parlement verzoekschriften in te dienen en zich tot de Europese Ombudsman te wenden;
  • zich in één van de officiële talen tot de Europese instellingen te richten en in die taal antwoord te krijgen;
  • om niet gediscrimineerd te worden op grond van nationaliteit, geslacht, ras, godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid;
  • om de Commissie te verzoeken een wetgevingsvoorstel in te dienen (burgerinitiatief);
  • op toegang tot de documenten van de, Europese instellingen, instanties, bureaus en agentschappen, onder de voorwaarden die deze instellingen hiervoor vaststellen (artikel 15 van het VWEU).

Na goedkeuring door het Europees Parlement kan de Raad, met eenparigheid van stemmen, hier in de toekomst rechten aan toevoegen.

Het burgerschap van de Unie vervangt het nationale burgerschap niet, maar vult dit aan. Zo krijgt de burger een groter gevoel van betrokkenheid bij de Unie.

Zie ook:

 

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven