RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Producten voor tweeërlei gebruik

Ter naleving van de internationale verplichtingen en verantwoordelijkheden van de Europese Unie (EU), met name wat non-proliferatie betreft, is een doeltreffend gemeenschappelijk controlesysteem voor de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik noodzakelijk en dient er tegelijkertijd gezorgd te worden voor gelijke spelregels voor EU-exporteurs. Het bestaan van een gemeenschappelijk controlesysteem zou ook het vrije verkeer van dergelijke goederen binnen de EU verzekeren. Deze verordening voorziet daarom een regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 428/2009 van de Raad van 5 mei 2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik [Zie wijzigingsbesluit(en)].

SAMENVATTING

Producten voor tweeërlei gebruik zijn producten, met inbegrip van software en technologie, die zowel een civiele als een militaire bestemming kunnen hebben. Dit omvat alle goederen die voor niet-explosieve doeleinden gebruikt kunnen worden en die op enige manier bijdragen in de vervaardiging van nucleaire wapens of andere nucleaire explosiemiddelen.

Om een product voor tweeërlei gebruik van de Europese Unie (EU) naar een ander derde land te kunnen exporteren, is een uitvoervergunning vereist. Bijlage I van deze verordening bevat een lijst van producten voor tweeërlei gebruik, waarvoor een dergelijke vergunning nodig is. Verder kan een vergunning worden geëist voor de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik die niet op de lijst van bijlage I voorkomen, indien de exporteur door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar hij is gevestigd, is meegedeeld dat de producten in kwestie geheel of gedeeltelijk bestemd zijn of kunnen zijn voor gebruik in verband met:

  • de ontwikkeling, de productie, de behandeling, de bediening, het onderhoud, de opslag, de opsporing, de herkenning of de verspreiding van chemische, biologische of nucleaire wapens of andere nucleaire explosiemiddelen, of
  • voor de ontwikkeling, de productie, het onderhoud of de opslag van raketten die dergelijke wapens naar hun doel kunnen voeren.

Daarnaast is een vergunning nodig voor de uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik die niet op de lijst in bijlage I voorkomen, indien de exporteur door de bevoegde nationale autoriteiten van de lidstaat is meegedeeld dat goederen in kwestie bedoeld zijn of kunnen zijn voor:

  • militair eindgebruik * en er op het kopende land of het land van bestemming een wapenembargo rust, of
  • om te worden gebruikt als onderdelen of componenten van militaire producten die vanaf het grondgebied van de EU zijn uitgevoerd zonder vergunning of met schending van een vergunning.

Indien een exporteur weet dat de niet op de lijst in bijlage I voorkomende producten voor tweeërlei gebruik, geheel of ten dele bestemd zijn voor één van voormelde doeleinden, dient hij dit mee te delen aan de bevoegde nationale autoriteiten die dan zullen besluiten of er al dan niet een vergunning voor de betrokken uitvoer wordt vereist.

Voor de tussenhandeldiensten betreffende producten die zijn opgenomen in de lijst in bijlage I is een vergunning vereist, indien de tussenhandelaar door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar hij ingezetene of gevestigd is, ervan in kennis is gesteld dat de betrokken producten geheel of gedeeltelijk bestemd zijn of kunnen zijn voor de ontwikkeling van massavernietigingswapens of de middelen die dergelijke wapens naar hun doel kunnen voeren. Indien een tussenhandelaar ervan op de hoogte is dat de producten bestemd zijn of kunnen zijn voor deze doeleinden, moet hij de nationale autoriteiten daarvan in kennis stellen. Deze tussenhandelcontroles kunnen uitgebreid worden onder nationale wetgeving om ook andere situaties af te dekken.

De doorvoer van niet-communautaire, in de lijst in Bijlage I opgenomen producten voor tweeërlei gebruik kan worden verboden door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat, indien de producten geheel of gedeeltelijk bestemd zijn of kunnen zijn voor de ontwikkeling van massavernietigingswapens of de middelen die dergelijke wapens naar hun doel kunnen voeren. Deze doorvoercontroles kunnen uitgebreid worden onder nationale wetgeving om ook andere situaties af te dekken.

Een lidstaat kan bijkomende nationale wetgeving aannemen om een verbod in te stellen of een vergunning verplicht te stellen voor producten voor tweeërlei gebruik die niet in bijlage I zijn opgenomen, om redenen van openbare veiligheid of uit mensenrechtenoverwegingen.

Uitvoervergunning en vergunning voor tussenhandeldiensten

Bijlage II van deze verordening stelt een communautaire algemene uitvoervergunning in voor bepaalde soorten uitvoer. Voor elke andere uitvoer waarvoor uit hoofde van deze verordening een vergunning vereist is, wordt de vergunning in kwestie afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waarin de exporteur gevestigd is.

Vergunningen voor tussenhandeldiensten op grond van deze verordening worden afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de tussenhandelaar ingezetene of gevestigd is. Deze vergunningen worden afgegeven voor een bepaalde hoeveelheid specifieke producten die tussen twee of meer derde landen worden verplaatst. Alle vergunningen, zowel voor uitvoer als voor tussenhandeldiensten, zijn in de gehele Gemeenschap geldig.

Ter bescherming van wezenlijke veiligheidsbelangen kan een lidstaat een andere lidstaat verzoeken geen uitvoervergunning te verlenen of, indien deze reeds is verleend, die vergunning nietig te verklaren, te schorsen, te wijzigen of in te trekken.

In overeenstemming met deze verordening kunnen de bevoegde autoriteiten van een lidstaat weigeren om een uitvoervergunning te verlenen en een reeds verleende uitvoervergunning nietig verklaren, schorsen, wijzigen of intrekken. In dat geval of wanneer ze beslissen om een doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik die in bijlage I zijn opgenomen, te verbieden, moeten ze de Commissie en de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten daarvan in kennis stellen. Alvorens een export- of tussenhandelvergunning te verlenen of een beslissing over een doorvoer te nemen, moet een lidstaat nagaan of gelijkaardige transacties door andere lidstaten werden afgewezen. Als er dergelijke transacties bestaan, dan moeten de lidstaten elkaar raadplegen. Exporteurs en tussenhandelaars van producten voor tweeërlei gebruik moeten gedetailleerde registers of dossiers van hun uitvoer of tussenhandeldiensten bijhouden.

Voor de overbrenging tussen lidstaten van producten voor tweeërlei gebruik van de lijst in bijlage IV is eveneens een vergunning vereist. Lidstaten kunnen bijkomende nationale wetgeving aannemen om de controles uit te breiden tot de overbrenging van bepaalde goederen binnen de EU.

Coördinatiegroep «tweeërlei gebruik»

Bij deze verordening wordt een coördinatiegroep voor tweeërlei gebruik opgericht met als voorzitter een vertegenwoordiger van de Commissie. Elke lidstaat vaardigt een vertegenwoordiger af.

De coördinatiegroep onderzoekt alle kwesties inzake de toepassing van deze verordening die door de voorzitter of een vertegenwoordiger van een lidstaat worden aangebracht.

De Commissie bezorgt het Europees Parlement een jaarlijks verslag van de activiteiten, analyses en raadplegingen van de coördinatiegroep voor tweeërlei gebruik.

Belangrijkste begrippen
  • Militair eindgebruik:
    1. verwerking in militaire producten die voorkomen op de militaire lijsten van de lidstaten;
    2. gebruik van productie-, test- of onderzoeksapparatuur en onderdelen daarvan, voor de ontwikkeling, de productie of het onderhoud van militaire producten die voorkomen op de militaire lijsten van de lidstaten;
    3. gebruik van onafgewerkte producten in een fabriek voor de fabricage van militaire producten die voorkomen op de militaire lijsten van de lidstaten.

REFERENTIES

Besluit Inwerkingtreding Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten Publicatieblad

Verordening (EG) nr. 428/2009

27.8.2009

PB L 134, 29.5.2009

Wijzigingsbesluit(en) Inwerkingtreding Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten Publicatieblad

Verordening (EU) nr. 1232/2011

7.1.2012

PB L 326, 8.12.2011

Laatste wijziging: 01.03.2012
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven