RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 14 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Het bestuur binnen de consensus over het ontwikkelingsbeleid

Zonder goed bestuur kunnen de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling (MDO) niet worden gehaald. Met onderstaande mededeling wordt voorgesteld de steun van de Europese Unie (EU) aan goed bestuur in de ontwikkelingslanden op te voeren en worden de Gemeenschap en de lidstaten ertoe opgeroepen hun inspanningen op dit gebied te harmoniseren.

BESLUIT

Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's van 30 augustus 2006 - Het bestuur binnen de Europese consensus over het ontwikkelingsbeleid - Naar een geharmoniseerde aanpak in de Europese Unie [COM(2006) 421 definitief - Niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

In het kader van de Europese consensus over het ontwikkelingsbeleid waarin het belang was benadrukt om het concept democratisch bestuur in elk sectoraal programma te integreren, stelt de Commissie de Europese Unie (EU) een gemeenschappelijke aanpak betreffende goed bestuur voor.

Nieuwe aanpak

De Commissie benadrukt het belang om goed bestuur via een bredere aanpak te benaderen, waarbij rekening wordt gehouden met alle dimensies (politieke, economische, ecologische en sociale). Goed bestuur houdt immers meer in dan de bestrijding van corruptie en omvat onder meer aspecten als toegang tot gezondheidszorg, onderwijs en justitie, pluraliteit bij de media, de goede werking van de parlementen en het beheer van de openbare rekeningen en de natuurlijke hulpbronnen.

Om de ontwikkelingslanden te helpen hun hervormingsinspanningen nog op te voeren, stelt de Commissie vooral een aanpak voor die gericht is op de politieke dialoog, het respecteren van de eigen verantwoordelijkheid bij de hervormingen door de regeringen en de burgers van de partnerlanden, alsmede maatregelen die daartoe aansporen. Het vaststellen van de hervormingen en de maatregelen ter ondersteuning die bij de situatie van elk land passen, vraagt om een evaluatie van het bestuur in het betrokken land. Deze evaluatie kan niet zonder een participatieve aanpak waarbij de plaatselijke betrokkenen (zoals de regering en het maatschappelijk middenveld) ertoe worden aangemoedigd hun eigen instrumentarium en analysecapaciteiten te ontwikkelen.

Ervan uitgaande dat de situatie al geschikt gemaakt is voor democratisch toezicht, financieel beheer en institutionele ontwikkeling, kunnen met begrotingssteun zowel het bestuur als de instellingen op centraal en lokaal niveau worden versterkt. De Commissie benadrukt dat zij in toenemende mate gebruik maakt van begrotingssteun, alsmede het feit dat aldus een gebrek aan politieke legitimiteit en het probleem van geringe capaciteiten in verschillende ontwikkelingslanden, met name de onstabiele staten, kunnen worden verholpen.

De doeltreffendheid van deze nieuwe aanpak houdt verband met de capaciteit van de geldverschaffers om gecoördineerd op te treden en hun werkwijze op elkaar af te stemmen, met name wat de instrumenten voor goed bestuur en de reactiestrategieën betreft. In dit verband hebben de lidstaten en de Commissie vooruitgang geboekt op weg naar een gemeenschappelijke programmering en een gedragscode voor de complementariteit en de werkverdeling ontwikkeld.

Landen van Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACS)

Goed bestuur vormt al een onderdeel van de geregelde politieke dialoog met de ACS-landen; de steun daaraan zal worden opgevoerd. In de programmering van het negende Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) was voor programma's op dit gebied 870 miljoen euro (d.w.z. 10% van de programmeerbare toewijzingen) toegekend. Bovendien is in het tiende EOF een stimuleringstranche van 3 miljard euro ingesteld, verdeeld onder de nationale toewijzingen (2,7 miljard euro) en een regionaal Fonds (300 miljoen euro). De toegang van een land tot deze reserve is gekoppeld aan de uitkomsten van een dialoog met de Commissie over het eigen plan voor goed bestuur. In dit verband zal per land een profiel voor goed bestuur worden opgesteld.

Daarenboven zal goed bestuur als horizontaal thema in alle samenwerkingsgebieden worden ingebouwd. Daarbij zullen nieuwe werkwijzen worden toegepast waarin rekening wordt gehouden met de gewijzigde bepalingen van de Overeenkomst van Cotonou en de voor Afrika, het Caribisch gebied ( (ES) (DE) (EN) (FR))en de Stille Oceaan ( (ES) (DE) (EN) (FR))goedgekeurde regionale strategieën.

In Afrika wordt goed bestuur tevens ingebouwd in de dialoog en de samenwerking tussen de pan-Afrikaanse instellingen en de EU. De Commissie stelt hierbij een grotere steun voor de instellingen van de Afrikaanse Unie en het Afrikaans mechanisme voor peer review (APRM) van het Nieuwe Partnerschap voor de ontwikkeling van Afrika (NEPAD) voor.

Andere ontwikkelingslanden

De EU ondersteunt de bevordering van de democratie, de mensenrechten en goed bestuur in alle andere ontwikkelingslanden, afhankelijk van strategieën die aan de hand van de eigen kenmerken van elke regio zijn uitgewerkt.

Bij de samenwerking met de landen die onder het nabuurschapsbeleid vallen, worden de prioritaire gebieden voor financiële bijstand van de EU gekozen op basis van actieplannen voor goed bestuur, die samen met de betrokken landen worden goedgekeurd. De op de verschillende gebieden van goed bestuur bereikte vorderingen worden regelmatig getoetst. Voorts worden de inspanningen voor goed bestuur ondersteund door samenwerkingsmechanismen zoals twinningprojecten, TAIEX en het SIGMA-initiatief, die aanvankelijk in de context van de uitbreiding waren ontwikkeld . De nieuwe "bestuursfaciliteit" zal later steun voor de bevordering van de politieke en economische hervormingen in deze landen bieden.

In een mededeling van 2005 had de Commissie zich al geëngageerd om goed bestuur in de landen van Latijns-Amerika te ondersteunen. Zij wil dus de modernisering van het staatsmodel in de regio blijven helpen met een aanpak die aan de behoeften van de landen is aangepast, afhankelijk van hun stabiliteit, en de regionale integratie blijven ondersteunen, aangezien deze een drager van goed bestuur op economisch en commercieel vlak betekent en de totstandbrenging en de eerbiediging van gemeenschappelijke regels met zich brengt.

In Azië zal de EU haar dialoog met China en India blijven voortzetten. Met de landen van Midden-Azië zal de politieke dialoog op regionaal en bilateraal vlak gecompleteerd worden door de aanwezigheid van een speciale rapporteur voor het democratisch bestuur. Voorts maakt goed bestuur deel uit van de samenwerking met de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten (ASEAN) en van de informele dialogen van de Vergaderingen Azië-Europa (ASEM). Goed bestuur is in de programmering voor de periode 2007-2013 een thema dat door alle samenwerkingsactiviteiten met de landen van de regio heen loopt, en een kernsector voor samenwerking met enkele van deze landen.

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Commissie van 20 oktober 2003 aan de Raad, het Europees Parlement en het Europees Economisch en Sociaal Comité: "Bestuur en ontwikkeling" [COM(2003)615 definitief - Niet in het Publicatieblad verschenen].

Laatste wijziging: 11.10.2007
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven