Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten (PSO): Rusland, Oost-Europa, Zuidelijke Kaukasus en Centraal-Azië
De Europese Unie (EU) heeft tien partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten (PSO) gesloten met Rusland, de landen van Oost-Europa, de Zuidelijke Kaukasus en Centraal-Azië. Deze overeenkomsten hebben tot doel hun democratie te versterken en hun economie te ontwikkelen door samen te werken in een ruime waaier van domeinen alsook door middel van politieke dialoog. Ze richten een Samenwerkingsraad op om toe te zien op de uitvoering van de overeenkomsten.
BESLUITEN
Besluit 99/602/EG, Besluit 99/614/EG, Besluit 99/515/EG, Besluit 99/490/EG, Besluit 99/491/EG, Besluit 98/401/EG, Besluit 97/800/EG, Besluit 98/149/EG, Besluit 99/593/EG, Besluit 2009/989/EG van de Raad en de Commissie inzake de sluiting van een Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en respectievelijk de Republiek Armenië, de Republiek Azerbeidzjan, Georgië, de Republiek Kazachstan, de Kirgizische Republiek, de Republiek Moldavië, Oekraïne, de Republiek Oezbekistan, de Russische Federatie en de Republiek Tadzjikistan anderzijds.
SAMENVATTING
Sinds het einde van de jaren negentig heeft de Europese Unie (EU) tien vergelijkbare partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomsten (PSO) gesloten met: Rusland en de Nieuwe Onafhankelijke Staten van Oost-Europa, de Zuidelijke Kaukasus en Centraal-Azië: Armenië, Azerbeidzjan, Georgië, Kazachstan, Kirgizië, Moldavië, Oekraïne, Oezbekistan en Tadzjikistan.
De bedoeling van deze partnerschappen is:
- een geschikt kader te bieden voor politieke dialoog;
- deze landen bij te staan bij de versterking van hun democratie en de ontwikkeling van hun economie;
- hun overgang naar een markteconomie te begeleiden;
- en uitwisselingen en investeringen te bevorderen.
De partnerschappen strekken er verder toe om de grondslag te leggen van een samenwerking op wetgevend, economisch, sociaal, financieel, civiel-wetenschappelijk, technologisch en cultureel gebied. Voor Rusland heeft de overeenkomst ook tot doel om naar de toekomst toe een vrijhandelszone tot stand te brengen.
Gemeenschappelijke doelstellingen van de PSO's
De algemene beginselen verwijzen naar een eerbiediging van de democratie en de beginselen van het internationaal recht en de mensenrechten. In alle overeenkomsten wordt er tevens gestreefd naar het invoeren van een markteconomie.
De overeenkomsten zorgen voor een bilaterale politieke dialoog tussen de EU en de verschillende landen. Deze dialoog beoogt de convergentie van hun standpunten over internationale kwesties van wederzijds belang, de ontwikkeling van de samenwerking inzake de stabiliteit en de veiligheid in Europa alsook de eerbiediging van de democratie en de mensenrechten. De dialoog gebeurt op ministerieel niveau binnen de Samenwerkingsraad, op parlementair niveau binnen het parlementaire comité en op het niveau van hoge ambtenaren. De politieke dialoog kan ook gevoerd worden langs diplomatieke weg of in het kader van vergaderingen van deskundigen.
Wat het goederenverkeer betreft, zullen de EU en de tien bovenvermelde landen elkaar de meestbegunstigingsbehandeling toekennen. De overeenkomsten leggen tevens het beginsel van de vrije doorvoer van goederen via of over hun grondgebied vast. Tijdelijk ingevoerde goederen worden door elke partij ten aanzien van de andere vrijgesteld van invoerrechten en -heffingen. Er mogen geen kwantitatieve invoerbeperkingen bestaan tussen de partijen en de goederen worden verkocht tegen de marktprijzen. Bij schade of risico op schade wegens invoer moet de Samenwerkingsraad een aanvaardbare oplossing voor beide partijen vinden. Voor een deel van de staten in Afrika, het Caribische gebied en de Stille Oceaan (ACS) zijn deze bepalingen niet toepasselijk op bepaalde textielproducten en kernenergiemateriaal. Voor steenkool en staal gelden de PSO-bepalingen echter wel.
Bij de bepalingen over de handel en de investeringen worden ook voorwaarden behandeld inzake werkgelegenheid, vestiging en bedrijfsvoering van vennootschappen, grensoverschrijdende dienstverlening, betalings- en kapitaalverkeer. Voor werkgelegenheid verbinden de partijen zich ertoe om discriminatie tegen een onderdaan van de ene partij die wettelijk tewerkgesteld wordt in het land van de andere partij, te voorkomen. Voor Rusland wordt er voorzien in initiatieven voor de coördinatie van de sociale zekerheid.
Wat de bedrijven betreft, voorzien de overeenkomsten dat:
- de vennootschappen die zich op het grondgebied van de EU komen vestigen, bij hun vestiging moeten genieten van een behandeling die even gunstig is als de behandeling die genoten wordt door de vennootschappen vanuit andere derde landen;
- ze voor hun bedrijfsvoering moeten genieten van een behandeling die even gunstig is als deze voor vennootschappen van de EU;
- de behandeling van de bedrijfsvoering van filialen vergelijkbaar moet zijn met de behandeling van de bedrijfsvoering van filialen vanuit derde landen;
- de voorwaarden inzake vestiging en bedrijfsvoering voor de Europese vennootschappen die in NOS (Nieuwe Onafhankelijke Staten van de voormalige Sovjet-Unie) gevestigd zijn, niet ongunstiger mogen zijn dan deze voor de best behandelde nationale vennootschappen of best behandelde vennootschappen vanuit derde landen.
Deze voorwaarden gelden niet voor het luchtvervoer, de binnenvaart en het maritiem vervoer. Voor Rusland gelden ze eveneens voor bepaalde bank- en verzekeringsdiensten die in bijlage 6 van zijn PSO worden vermeld.
Voor de grensoverschrijdende dienstverlening verbinden de partijen zich ertoe om maatregelen te treffen om deze geleidelijk aan toe te laten. Voor Rusland kunnen bepaalde sectoren die in de bijlagen worden vermeld, op nationaal niveau gereglementeerd worden. Wat het internationaal maritiem vervoer betreft, moeten de partijen het beginsel van onbeperkte toegang tot de internationale maritieme markt en het internationaal maritiem vervoer op commerciële basis daadwerkelijk toepassen.
Wat het betalings- en kapitaalverkeer betreft, verbinden de partijen zich er met deze overeenkomsten toe om machtiging te verlenen tot al het betalingsverkeer dat verband houdt met het verkeer van goederen, diensten en personen. Ook het vrije verkeer van kapitaal moet verzekerd zijn, wanneer het gaat om directe investeringen, alsmede de liquidatie of repatriëring van het resultaat van die investeringen en van alle opbrengsten daarvan.
Alle overeenkomsten – met uitzondering van die met de Republiek Moldavië – bevatten eveneens een hoofdstuk gewijd aan de bescherming van de intellectuele, industriële en commerciële eigendom evenals de samenwerking op wetgevend vlak.
Wat de economische samenwerking betreft, komen in de meeste PSO's vergelijkbare domeinen aan bod. We hebben het dan vooral over: economische en sociale ontwikkeling, ontwikkeling van menselijk kapitaal, steun aan bedrijven (privatisering, investering en ontwikkeling van met name financiële diensten), landbouw en voedingsmiddelensector, energie, transport, toerisme, bescherming van het leefmilieu, regionale samenwerking en monetair beleid In wezen heeft deze economische samenwerking tot doel om bij te dragen tot het proces van hervorming, economisch herstel en duurzame ontwikkeling van de NOS. Economische en sociale hervormingen alsook de herstructurering van de economische en commerciële systemen worden bevorderd.
Specifieke doelstellingen van de PSO's
Andere samenwerkingsdomeinen die in de overeenkomsten aan bod komen, zijn:
- de samenwerking in de domeinen die verband houden met democratie en mensenrechten (alleen voor Armenië, Azerbeidzjan, Georgië, Oezbekistan en Tadzjikistan);
- de samenwerking met betrekking tot het voorkomen van illegale activiteiten en de preventie van en controle op illegale immigratie. Met initiatieven inzake de bestrijding van het witwassen van geld en de bestrijding van drugs en illegale immigratie (behalve voor Kazachstan, de Kirgizië, Oekraïne en Moldavië);
- culturele samenwerking;
- financiële samenwerking op het vlak van technische bijstand.
Institutionele bepalingen
De overeenkomsten stellen een Samenwerkingsraad in, die op de uitvoering van de overeenkomsten moet toezien. Deze komt één keer per jaar samen op ministerieel niveau. De Raad wordt bijgestaan door een parlementair samenwerkingscomité.
De overeenkomsten worden voor een oorspronkelijke termijn van tien jaar gesloten, maar worden na afloop van die periode automatisch van jaar tot jaar verlengd, tenzij één van de partijen zich daartegen verzet.
Bij elke overeenkomst worden een aantal bijlagen en een protocol betreffende de wederzijdse bijstand inzake de douane gevoegd, die integraal deel uitmaken van de tekst.
Nabuurschapsbeleid
In 2003 lanceerde de EU haar Europees nabuurschapsbeleid (ENB) (DE) (EN) (FR) om te vermijden dat er nieuwe scheidingslijnen zouden ontstaan tussen de EU en haar buurlanden naar aanleiding van de uitbreiding van 2004. Het ENB wil het smeden van nauwe banden tussen de EU en haar partners bevorderen om een ruimte van stabiliteit, welvaart en veiligheid te creëren. Samen met de mediterrane partnerlanden vormen de landen van Oost-Europa en de Zuidelijke Kaukasus, met name Armenië, Azerbeidzjan, Georgië, Moldavië en Oekraïne, het hart van de partnerlanden van het ENB. In deze context vormen de PSO's het kader voor de uitvoering van het ENB met elk partnerland van Oost-Europa en de Zuidelijke Kaukasus.
REFERENTIES
| Besluit | Inwerkingtreding | Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten | Publicatieblad |
|---|---|---|---|
| Besluit 99/602/EG, van 31 mei 1999, Republiek Armenië |
1.7.1999 |
— |
PB L 239 van 9.9.1999 |
| Besluit 99/614/EG, van 31 mei 1999, Republiek Azerbeidzjan |
1.7.1999 |
— |
PB L 246 van 17.9.1999 |
| Besluit 99/515/EG, van 31 mei 1999, Georgië |
1.7.1999 |
— |
PB L 205 van 4.8.1999 |
| Besluit 99/490/EG, van 12 mei 1999, Republiek Kazachstan |
1.7.1999 |
— |
PB L 196 van 28.7.1999 |
| Besluit 99/491/EG, van 12 mei 1999, Kirgizische Republiek |
1.7.1999 |
— |
PB L 196 van 28.7.1999 |
| Besluit 98/401/EG, van 28 mei 1998, Republiek Moldavië |
1.7.1998 |
— |
PB L 181 van 24.6.1998 |
| Besluit 97/800/EG, van 30 oktober 1997, Russische Federatie |
1.12.1997 |
— |
PB L 327 van 28.11.1997 |
| Besluit 98/149/EG, van 26 januari 1998, Oekraïne |
1.3.1998 |
— |
PB L 049 van 19.2.1998 |
| Besluit 99/593/EG, van 31 mei 1999, Republiek Oezbekistan |
1.7.1999 |
— |
PB L 229 van 31.8.1999 |
| Besluit 2009/989/EG, van 29 januari 2009, Tadzjikistan |
1.1.2010 |
— |
PB L 350 van 29.12.2009 |
GERELATEERDE BESLUITEN
Alle overeenkomsten die gesloten werden tussen de EU en de landen van Oost-Europa, de Zuidelijke Kaukasus, Centraal-Azië en Rusland, kunnen geraadpleegd worden in de verdragendatabank van de Europese Commissie (EN).
Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting door de Europese Gemeenschap van de Interim-overeenkomst betreffende de handel en aanverwante zaken tussen de Europese Gemeenschap, de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en Turkmenistan, anderzijds [COM(2009) 287 defintief – Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].
OUDERE DOCUMENTEN
Mededeling van de Commissie van 10 oktober 1995 „De betrekkingen van de EU met de nieuwe Onafhankelijke staten van Centraal-Azië” [COM(1995) 206 defintief – Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].
Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement „Vooruitzichten voor samenwerking op het gebied van wetenschap en technologie met de uit de voormalige Sovjet-Unie voortgekomen Nieuwe Onafhankelijke Staten (NOS)” [COM(1995) 190 defintief – Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].



