RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Zich aanpassen aan de klimaatverandering

Met dit groenboek wordt een raadpleging gelanceerd over de toekomstige oriëntatie van het Europese beleid op het gebied van de aanpassing aan de klimaatverandering. Er wordt uiteengezet waarom actie moet worden ondernomen en wat de hoofdlijnen van deze actie zijn.

BESLUIT

Groenboek van de Commissie van 29 juni 2007 over de aanpassing aan de klimaatverandering in Europa: de mogelijkheden voor EU-actie [COM(2007) 354 definitief - Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].

SAMENVATTING

In dit groenboek zet de Commissie de hoofdlijnen van de EU-actie uiteen op het gebied van de aanpassing aan de klimaatverandering. Er wordt een aantal vraagstukken aan de orde gesteld aan de hand waarvan belanghebbende kunnen evalueren of zij het eens zijn met de door de Commissie gepresenteerde oriëntatie, hun wensen in verband met prioriteiten kenbaar kunnen maken en eventueel ook andere ideeën kunnen voorstellen. Na ontvangst van de reacties op het groenboek, die voor 30 november 2007 moeten worden ingezonden, zal de Commissie over de oriëntaties van haar actie besluiten.

Het beleid van de Europese Unie (EU) is erop gericht de gevolgen van de klimaatverandering te temperen door de gemiddelde temperatuurverhoging tot 2°C te beperken ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Om dit doel te bereiken moet de uitstoot van broeikasgassen sterk worden verminderd, zoals werd aangekondigd in de strategie van de EU inzake klimaatverandering en zoals de Europese Raad in maart 2007 heeft besloten.

Europa moet zich aanpassen

Dat het klimaat aan het veranderen is, is duidelijk en het is ook duidelijk dat deze klimaatverandering, dat wil zeggen hogere temperaturen, meer neerslag, meer stormen en waterschaarste, beduidende gevolgen zal hebben. Maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan moeten worden aangevuld met maatregelen om zich aan de klimaatverandering aan te passen. De aanpassing moet zowel betrekking hebben op de veranderingen die zich nu voordoen als op de veranderingen die zich naar verwachting in de toekomst zullen voordoen.

Van de gevolgen van de klimaatverandering die zich wereldwijd zullen doen gevoelen, worden in het groenboek vooral droogte en overstromingen genoemd, de vermindering van de drinkwatervoorraden, het verlies aan biodiversiteit en de aantasting van ecosystemen, een groter risico op hongersnoden, volksverhuizingen als gevolg van de zeespiegelstijging, alsmede gevolgen voor de volksgezondheid door een hogere frequentie van extreme weersomstandigheden en van ziektes die verband houden met het klimaat.

In de vorige eeuw is de gemiddelde temperatuur in Europa reeds met bijna 1°C gestegen, waardoor het neerslagpatroon al is veranderd: in sommige gebieden regent en sneeuwt het meer, terwijl het in andere gebieden droger is geworden. De meest kwetsbare gebieden zijn Zuid-Europa en het Middellandse-Zeebekken, berg- en kustgebieden, de dichtbevolkte riviervlaktes, Scandinavië en het poolgebied.

Economische sectoren die van weersomstandigheden afhankelijk zijn, zoals landbouw, bosbouw, visserij, toerisme in strand- en bergstreken, zullen door de klimaatverandering zwaar worden getroffen, evenals de gezondheids-, de verzekerings- en de financiële sector. Daarnaast zullen ook de energiesector en het energieverbruik worden getroffen, met name door de verlaging van het waterniveau van stuwmeren die waterkrachtcentrales voeden en de vermindering van de hoeveelheid water voor de koeling van elektrische centrales in gebieden waar de temperatuur stijgt of de neerslag daalt en door de gevaren voor de energieinfrastructuur als gevolg van stormen en overstromingen. Ook zal de vraag naar elektriciteit toenemen door een groter gebruik van airconditioning.

Een snelle aanpassing van de EU aan de klimaatverandering zal minder geld kosten dan de schade die door klimaatverandering zou kunnen ontstaan. Dit blijkt onder meer uit het rapport-Stern (EN) en studies zoals die in het kader van het PESETA-project (EN) van het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek van de Europese Commissie. Wat goed te voorspellen gevolgen betreft, moet dus nu al met aanpassingen worden begonnen.

Van de gewone burger tot de beleidsmaker en zowel in de particuliere als in de openbare sector kan iedereen een rol spelen bij de uitvoering van aanpassingsmaatregelen. Deze moeten op verschillende niveaus worden genomen en elkaar aanvullen, in het bijzonder als het om overheidsdiensten gaat. Op nationaal niveau kan het accent worden gelegd op de verbetering van het rampen- en crisisplannen, met name door preventieve maatregelen (bij voorbeeld het in kaart brengen van kwetsbare gebieden) en snelle hulp in geval van nood, en op het ontwikkelen van aanpassingsstrategieën. Op regionaal niveau kunnen met name op het gebied van de bodembestemming maatregelen worden genomen. Op plaatselijk niveau moet de aandacht vooral uitgaan naar de praktische uitvoering van de maatregelen, naar bodemgebruik en bewustmaking van de bevolking. De bevoegdheden zijn in de lidstaten echter niet op dezelfde manier verdeeld. Daarom is het moeilijk om deze voorbeelden van algemene toepassing te verklaren.

Op Europees niveau kunnen de zaken echter geïntegreerd en gecoördineerd worden aangepakt: het gaat om maatregelen op uiteenlopende beleidsterreinen waarop de EU een aanzienlijke invloed heeft, waardoor ook grensoverschrijdende gevolgen kunnen worden aangepakt.

De aanpassingsmaatregelen van de EU

Op het niveau van de EU kunnen vier soorten actie worden onderscheiden: vroegtijdige EU-actie wanneer voldoende kennis voorhanden is, de integratie van de aanpassing in het buitenlandse beleid van de EU, het verwerven van kennis op gebieden waar die thans nog ontoereikend is, het betrekken van alle belanghebbenden bij de uitwerking van aanpassingsstrategieën.

Wat het eerste punt betreft: de EU moet vroegtijdig te werk gaan om de aanpassing aan de klimaatverandering op te nemen in de regelgeving en beleidsmaatregelen. Het gaat hier om sectoren die zwaar zijn of zullen worden getroffen door de klimaatverandering, zoals land- en bosbouw, vervoer, gezondheidszorg, waterbeheer, visserij, ecosystemen en biodiversiteit en kwesties die in al deze sectoren spelen, zoals effectbeoordeling en burgerbescherming. Daarnaast zal de aanpassing kansen bieden op het gebied van techniek en ontwikkeling voor industriële bedrijven, de dienstensector en de energiesector.

Bovendien kan de aanpassingskwestie al onmiddellijk worden opgenomen in de financieringsprogramma's van de EU en de projecten, en met name de infrastructuurprojecten, die in dat kader worden gefinancierd. De betrokken programma's zijn onder meer het Cohesiefonds, het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Europees Visserijfonds en LIFE+.

Nieuwe strategieën kunnen ook onmiddellijk worden uitgevoerd. Tot 2009 wil de Commissie werken aan een systematische controle van de gevolgen van de klimaatverandering voor alle terreinen waarop de EU werkzaam is en regels vaststelt en wil zij nieuwe concrete maatregelen vaststellen. Welke technologieën moeten worden ontwikkeld ten behoeve van de aanpassing aan de klimaatverandering moet in nauwe samenwerking met de particuliere sector worden onderzocht. Er zal in de toekomst meer geld nodig zijn om schade als gevolg van de klimaatverandering te herstellen, wat betekent dat de verzekeringssector en de financiële sector nieuwe oplossingen moeten vinden.

In verband met het tweede punt is de Commissie van oordeel dat het buitenlandse beleid en het veiligheidsbeleid een belangrijke rol kunnen spelen, evenals de bilaterale en multilaterale betrekkingen, ondanks de uiteenlopende situaties in de partnerlanden. De ontwikkelingslanden zijn zeer kwetsbaar en de armste landen zullen het zwaarst worden getroffen. Daar de ontwikkelde landen voor het grootste deel verantwoordelijk zijn geweest voor de uitstoot van broeikasgassen, moeten zij de aanpassing in de ontwikkelingslanden ondersteunen, met name door het delen van ervaringen en via strategieën voor armoedebestrijding, planning, budgettering en de bestaande partnerschappen. Deze ondersteuning kan plaatsvinden in het kader van het kaderverdrag van de Verenigde Naties over de klimaatverandering, van het actieplan van de EU inzake klimaatverandering en ontwikkeling (castellanodeutschenglishfrançais) en het wereldbondgenootschap tegen klimaatverandering.

Samenwerking en dialoog met de buurlanden moeten worden versterkt, met name in het kader van het nabuurschapbeleid, en met andere industrielanden die soortgelijke problemen hebben als de EU. Tenslotte moet de handel in duurzame goederen en diensten worden ontwikkeld, en met name die in milieuvriendelijke technieken.

Wat het derde punt betreft, is de Commissie van oordeel dat de onzekerheden op het gebied van prognoses, de gevolgen van de klimaatverandering en de kosten en baten van aanpassingsmaatregelen verminderd kunnen worden door een geïntegreerde, intersectorale en globale aanpak van het onderzoek. De Commissie doet onder andere de aanbeveling globale en geïntegreerde methodes, indicatoren en modellen op lange termijn te ontwikkelen, de prognoses op regionaal en plaatselijk niveau en de toegang tot de bestaande informatie te verbeteren, diepgaand te onderzoeken wat de gevolgen zijn van de klimaatverandering voor de ecosystemen en welke middelen moeten worden ingezet om de veerkracht van die systemen te verhogen. Bovendien moeten informatiesystemen worden bevorderd en de banden tussen wetenschappers binnen en buiten de EU versterkt.

Wat het vierde punt betreft, is de Commissie van oordeel dat een gestructureerde dialoog moet worden opgezet met de partijen die te maken hebben met klimaataanpassing in Europa, met name die economische sectoren die het meest door de klimaatverandering worden getroffen. De Commissie overweegt de instelling van een Europese adviesgroep voor aanpassing aan de klimaatverandering, bestaande uit beleidsmakers, wetenschappers en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld. Deze groep zal advies uitbrengen over de activiteiten van de verschillende werkgroepen die onder auspiciën van de Commissie werkzaam zijn.

Laatste wijziging: 05.09.2007

Zie ook

Meer inlichtingne over de aanpassing aan de klimaatverandering zijn te vinden op de internetsite van het Directoraat-generaal Milieu van de Europese Commissie dat gewijd is aan de aanpassing aan de klimaatverandering (EN).

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven