RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Toegang tot informatie, inspraak van de bevolking en toegang tot de rechter in milieuzaken

Door de goedkeuring van het Verdrag betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden (Verdrag van Århus) wenst de Europese Unie het publiek meer bewust te maken van de milieuproblemen, het beter te betrekken bij het desbetreffende beleid en de toepassing van de milieuwetgeving te verbeteren.

BESLUIT

Besluit 2005/370/EG van de Raad van 17 februari 2005 betreffende het sluiten, namens de Europese Gemeenschap, van het Verdrag betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden.

SAMENVATTING

Bij dit besluit wordt het Verdrag van Århus (in 1998 door de Commissie en de lidstaten ondertekend) namens de Gemeenschap goedgekeurd.

Bedoeld verdrag, dat sinds 30 oktober 2001 in werking is getreden, gaat uit van het idee dat meer inspraak van het publiek bij de besluitvorming inzake milieuaangelegenheden en een betere voorlichting daarover zullen resulteren in een doeltreffender milieubescherming. Het doel van het verdrag is bij te dragen tot de bescherming van het recht van alle mensen van de huidige en toekomstige generaties om te leven in een milieu dat geschikt is voor zijn of haar gezondheid en welzijn.

Om deze doelstelling te bereiken worden in het verdrag werkzaamheden op drie terreinen voorgesteld, namelijk:

  • een betere toegang waarborgen van het publiek tot de milieu-informatie van de overheidsdiensten;
  • de bevolking een grotere inspraak geven in de besluitvorming op milieugebied;
  • de mogelijkheden tot verhaal uitbreiden.

De communautaire instellingen beantwoorden aan de definitie van overheidsinstanties in de zin van het verdrag, op dezelfde manier als de nationale en lokale autoriteiten.

De verdragsluitende partijen verbinden zich ertoe:

  • wettelijke, bestuursrechtelijke en andere maatregelen te treffen;
  • de ambtenaren en overheidsinstanties toe te staan de bevolking te helpen en advies te verlenen om toegang te krijgen tot overheidsinformatie, inspraak te verwerven in het besluitvormingsproces en toegang te krijgen tot de rechter;
  • de milieuopvoeding van de bevolking te bevorderen en het publiek bewust te maken van de milieuproblemen;
  • erkenning en steun te geven aan verenigingen, groepen en organisaties die de bescherming van het milieu ten doel hebben.

Toegang van het publiek tot informatie inzake milieuaangelegenheden

Het verdrag omvat zorgvuldig omschreven rechten en plichten op het gebied van de toegang tot de informatie, met name wat de termijnen voor het verstrekken van informatie betreft en de redenen waarom de overheden toegang tot bepaalde soorten informatie kunnen weigeren.

Een dergelijke weigering is toegestaan in de volgende drie gevallen:

  • de overheid beschikt niet over de gevraagde informatie;
  • de vraag is klaarblijkelijk ongerechtvaardigd of is in te algemene termen geformuleerd;
  • de vraag heeft betrekking op documenten waaraan nog wordt gewerkt.

Een weigering om informatie te verstrekken is ook toegestaan om redenen van geheimhouding van de besprekingen van overheidsinstanties, nationale verdediging, openbare veiligheid en goede werking van het gerecht, alsmede om het handels- en industrieel geheim, de eigendom van de intellectuele eigendom of het vertrouwelijk karakter van de gegevens, alsook de belangen van een derde die op vrijwillige basis informatie heeft verschaft, te eerbiedigen. Deze redenen voor weigering moeten echter op restrictieve wijze worden geïnterpreteerd en het kan verantwoord zijn om in het openbaar belang de informatie toch te verstrekken.

Een besluit tot weigering moet vergezeld gaan van de redenen daarvoor en van een verwijzing naar de verhaalmogelijkheden.

De overheidsinstanties moeten de informatie waarover zij beschikken bij de tijd houden en moeten daartoe voor het publiek toegankelijke lijsten, registers en gegevensbestanden aanleggen. Bij voorkeur moeten elektronische gegevensbestanden worden gebruikt, die rapporten over de toestand van het milieu, de wetgeving, de nationale plannen en beleidslijnen en de internationale verdragen bevatten.

Inspraak van het publiek bij de besluitvorming inzake milieuaangelegenheden

Een tweede onderdeel van dit verdrag heeft betrekking op de inspraak van de bevolking in het besluitvormingsproces. Deze inspraak moet gewaarborgd worden in de procedure voor vergunning van bepaalde specifieke in bijlage I bij het verdrag genoemde activiteiten (voornamelijk van industriële aard). In het uiteindelijke besluit tot vergunningverlening voor bedoelde activiteiten moet met het resultaat van deze inspraak rekening worden gehouden.

Het publiek moet van in het begin van het besluitvormingsproces worden geïnformeerd over de volgende elementen:

  • het onderwerp waarover een besluit moet worden genomen;
  • de aard van het ter overweging staande besluit;
  • de bevoegde autoriteit;
  • de beoogde procedure, inclusief de praktische details van de raadplegingsprocedure;
  • de procedure voor de evaluatie van de milieueffecten (als daarin is voorzien).

De termijnen voor de procedure moeten redelijk zijn en moeten een daadwerkelijke inspraak van de bevolking mogelijk maken.

Er is voorzien in een lichtere procedure voor de uitwerking van milieuplannen en -programma's.

Overeenkomstig het verdrag moet het publiek ook betrokken worden bij de uitwerking van het milieubeleid en van de normen en wetgeving die een groot effect op het milieu kunnen hebben.

Toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden

Wat de verhaalmogelijkheden betreft, kan de burger onder passende voorwaarden naar de rechtbank stappen in geval van vermeende aantasting van zijn recht op toegang tot informatie (niet- of onvoldoende beantwoorde en onterecht verworpen verzoeken om informatie).

Ook in het geval van vermeende inbreuken op de in het verdrag voorziene inspraakprocedure zijn er mogelijkheden tot verhaal. Voorts kan de burger handelingen en nalatigheden van particuliere personen en overheden die in strijd zijn met de bepalingen van nationaal milieurecht, aanvechten.

Omzetting van het Verdrag van Århus in Gemeenschapsrecht

De Gemeenschap heeft zich ertoe verbonden de nodige maatregelen te treffen om een daadwerkelijke toepassing van het verdrag te waarborgen. In dat kader is de eerste pijler van het verdrag, namelijk de toegang van het publiek tot informatie, op communautair niveau ten uitvoer gelegd via Richtlijn 2003/4/EG inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie. De tweede pijler, die betrekking heeft op de inspraak van het publiek bij de besluitvorming inzake milieuaangelegenheden, is omgezet via Richtlijn 2003/35/EG. Een in oktober 2003 gepubliceerd voorstel voor een richtlijn dient ter omzetting van de derde pijler, namelijk de toegang tot de rechter inzake milieu-aangelegenheden. Een verordening die in 2006 is aangenomen heeft tenslotte tot doel de toepassing van de bepalingen en beginselen van het verdrag op de communautaire instellingen en organen te waarborgen.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Besluit 2005/370/EG17.5.2005-L 124 van 17.5.2005

GERELATEERDE BESLUITEN

Besluit 2006/957/EG van de Raad van 18 december 2006 betreffende het sluiten namens de Europese Gemeenschap, van het Verdrag betreffende toegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden [COM(2006) 338 def. - Publicatieblad L 386 van 29.12.2006].
De wijziging in kwestie behelst een uitbreiding van de inspraak bij besluitvorming over de introductie in het milieu van genetisch gemodificeerde organismen (GGO's). Op communautair niveau is aan deze eis reeds voldaan door bepalingen van Richtlijn 2001/18/EG inzake de doelbewuste introductie van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu en Verordening (EG) nr. 1829/2003 (castellanodeutschenglishfrançais) inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders.

Laatste wijziging: 30.04.2007
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven