RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Cyprus

Archief

1) REFERENTIES

Advies van de Commissie [COM(93) 313 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(98) 710 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(1999) 502 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2000) 702 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2001) 700 def. - SEC(2001) 1745 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2002) 700 def. - SEC(2002) 1401 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2003) 675 def. - SEC(2003) 1202 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verdrag betreffende de toetreding tot de Europese Unie [Publicatieblad L 236 van 23.9.2003]

2) SAMENVATTING

In haar advies van juli 1993 stelt de Commissie dat Cyprus geen grote moeilijkheden zal kennen bij de omzetting van het acquis communautaire op voorwaarde dat het zijn inspanningen daartoe voortzet.
In het verslag van november 1998 werd daarentegen de nadruk gelegd op de vertragingen die het land heeft opgelopen bij de toepassing van de communautaire wetgeving en op de aanwezigheid van inadequate structuren voor de bescherming van het milieu.
In haar verslag van 1999 merkte de Commissie op dat er sedertdien weinig duidelijke vooruitgang is gemaakt, ofschoon moest worden gewezen op de aan de gang zijnde voorbereidende werkzaamheden gericht op volledige aanpassing aan het acquis tegen de toetredingsdatum.
In het verslag van november 2000 werd vooruitgang gemeld op het gebied van de omzetting van het acquis. Er was een definitief omzettings- en uitvoeringsprogramma uitgewerkt met het doel de Cyprische wetgeving, instellingen, programma's en politiek op het acquis af te stemmen. Er moest echter nog worden gewerkt aan een strategie en een tenuitvoerleggingsprogramma voor elke sector, alsook aan een plan voor de financiering van de investeringen. De administratieve structuren moesten nog worden versterkt.
In het verslag van november 2001 werd geconcludeerd dat Cyprus veel vooruitgang had geboekt bij de aanpassing aan het acquis, met name wat de horizontale wetgeving, waterkwaliteit en ozonafbrekende stoffen betreft. De aanpassing aan het acquis bevond zich bijgevolg in een zeer gevorderd stadium.
In haar verslag van oktober 2002 merkte de Commissie op dat de werkzaamheden ter aanpassing van de Cypriotische wetgeving aan het acquis goed waren gevorderd. Er waren belangrijke wetten aangenomen en de bestuurlijke capaciteit met het oog op de toepassing van het acquis was versterkt.
In het verslag van november 2003 wordt aangestipt dat Cyprus zijn bij de toetredingsonderhandelingen (afgerond in december 2002) aangegane verbintenissen naleeft en tegen 1 mei 2004, datum van toetreding tot de Unie, het grootste deel van het milieuacquis ten uitvoer moet kunnen leggen.
Het toetredingsverdrag is ondertekend op 16 april 2003 en de toetreding vond plaats op 1 mei 2004.

ACQUIS COMMUNAUTAIRE

Het communautair milieubeleid, dat is afgeleid van het Verdrag betreffende de Europese Unie, is gericht op een duurzame ontwikkeling op basis van de integratie van milieubescherming in het sectoraal beleid van de Europese Gemeenschap, preventieve maatregelen, het beginsel dat de vervuiler betaalt, bestrijding van milieuschade bij de bron en gedeelde verantwoordelijkheid. Het acquis communautaire omvat ongeveer tweehonderd wettelijke maatregelen die betrekking hebben op een groot aantal verschillende onderwerpen, zoals water- en luchtvervuiling, beheer van afvalstoffen en chemische stoffen, biotechnologie, stralingsbescherming en bescherming van de natuur. De lidstaten moeten erop toezien dat een milieueffectenbeoordeling wordt uitgevoerd alvorens voor bepaalde openbare en particuliere projecten een vergunning wordt afgegeven.

EVALUATIE

Op 16 juli 1999 heeft Cyprus het protocol van Kyoto betreffende de klimaatverandering ondertekend.

Het land heeft een begin gemaakt met de integratie van het begrip duurzame ontwikkeling in de andere beleidslijnen, met name de landbouw, de energiesector, het toerisme en het vervoer. Dankzij de wet op de milieueffectrapportage wordt bij de uitwerking van het algemene beleid nu meer rekening gehouden met de milieuaspecten.

Wat de horizontale wetgeving betreft is in april 2001 een wet betreffende het Verdrag van de Verenigde Naties inzake milieueffectrapportage in grensoverschrijdende verband in werking getreden. In februari 2002 is er een begin gemaakt met de toepassing. Cyprus heeft voorts een actieplan voor een verbetering van de energie-efficiëntie en een strategisch plan voor de energiesector uitgewerkt. De richtlijn betreffende de toegang tot milieu-informatie is omgezet. De omzetting van de horizontale wetgeving is afgerond en de nationale wetgeving is in overeenstemming met het acquis, met uitzondering van de milieueffectrapportage inzake strategische activiteiten. Bedoelde wetgeving moet uiterlijk in juli 2004 zijn omgezet en worden toegepast.

Aangezien water schaars is in Cyprus, is de bescherming van het water een hoge prioriteit van het milieubeleid van het land. De desbetreffende communautaire wetgeving is overgenomen, behalve enkele bepalingen inzake afvalwater, afwatering en de kaderrichtlijn water. Al deze bepalingen moeten worden omgezet voordat Cyprus tot de Unie toetreedt. De zones die zijn blootgesteld aan verontreiniging door nitraten moeten worden aangewezen en de lijst van lozingen van gevaarlijke afvalstoffen moet bij de tijd worden gebracht. De programma's inzake nitraten en de lozing van gevaarlijke afvalstoffen moeten trouwens vóór de toetreding zijn opgesteld. In mei 2001 zijn de voorschriften van de drinkwaterrichtlijn in nationale wetgeving omgezet. De waterwinningsgebieden zijn afgelijnd en op kaarten vastgelegd. Er is een wet betreffende de strijd tegen de waterverontreiniging aangenomen, alsook verordeningen inzake de verontreiniging van water door asbest en zuiveringsslib. Voorts is er een programma voor toezicht op de waterkwaliteit opgezet. De richtlijn betreffende de kwaliteit van zwemwater wordt volledig toegepast. Wat het stedelijk afvalwater betreft heeft Cyprus een overgangsperiode gekregen tot en met december 2012.

Voor het afvalbeheer is de relevante wetgeving aangenomen en in overeenstemming met het acquis. Er is echter nog geen nationaal afvalbeheersprogramma vastgesteld. Hetzelfde geldt voor het programma voor het beheer van gevaarlijke afvalstoffen. De systemen voor de bewaking van de overbrenging van afvalstoffen en voor de vergunningverlening voor de installaties ter behandeling van afgedankte auto's moeten volledig zijn ingevoerd voordat Cyprus toetreedt tot de Unie. Er is een wet inzake afvalbeheer van kracht geworden op grond waarvan het amendement op het Verdrag van Bazel betreffende het vervoer van gevaarlijk afval is bekrachtigd. De totstandbrenging van systemen voor de inzameling van afvalstoffen en van centra voor hergebruik en verwijdering moet worden afgerond. In april 2002 zijn de wet op verpakkingsafval en de desbetreffende toepassingsbepalingen aangenomen. Er is ook wetgeving vastgesteld betreffende batterijen, PCB's, PCT's, afgewerkte olie en gebruikte accu's. Voor de tenuitvoerlegging van de voorschriften inzake verpakkingsafval is een overgangsperiode toegestaan die loopt tot december 2005. Speciale aandacht moet gaan naar de bestuurlijke capaciteit op het gebied van het afvalbeheer.

Voordat Cyprus tot de Unie toetreedt, moet het land zijn plannen en actieprogramma's met betrekking tot de luchtkwaliteit hebben uitgewerkt en moet het toezicht op de uitvoering daarvan worden verbeterd. Op dit gebied is het gehele acquis omgezet. Er blijven echter nog problemen bestaan wat de kwaliteit van benzine en dieselbrandstoffen en het zwavelgehalte van vloeibare brandstoffen betreft. Voor dat laatste probleem heeft Cyprus een overgangsperiode gekregen die loopt tot 2005. In december 2001 is een begin gemaakt met de controle van de luchtkwaliteit overeenkomstig de richtlijnen betreffende de luchtkwaliteit en de ozonconcentraties.

Wat de industriële verontreiniging en het risicobeheer betreft, is de hele relevante wetgeving aangenomen, met uitzondering van de voorschriften betreffende grote stookinstallaties en de nationale emissieplafonds. Deze maatregelen moeten nog worden omgezet voordat Cyprus tot de Unie toetreedt. Voor grote stookinstallaties krijgt het land een speciale regeling. De met het oog op een doeltreffende controle vereiste administratieve structuren zijn opgericht. Er dient niettemin speciale aandacht te worden besteed aan de Seveso II-richtlijn (betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen) die nog voor de toetreding van Cyprus een herziening vergt van de interne rampenplannen, alsook de uitwerking van externe rampenplannen. In februari 2001 is een studie over de rookgasontzwavelingsinstallatie van de centrale van Vasilikos afgerond. De omzetting van de richtlijn betreffende de geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging (IPPC) is voltooid. De vergunningen voor de betrokken installaties moeten echter nog worden afgegeven binnen de in de richtlijn vastgestelde termijn (oktober 2007).

Op het gebied van de genetisch gemodificeerde organismen (GGO's) en de scheikundige producten is de wetgeving omgezet en is het resultaat in overeenstemming met het acquis, behalve wat de bepalingen betreffende het ingeperkte gebruik van GGO's betreft. Er moet nog een wet inzake bestrijdingsmiddelen worden aangenomen. Wat het ingeperkte gebruik van GGO's betreft, moeten de kennisgevingsprocedures nog voor de toetreding tot de Unie worden vastgesteld.

Inzake de nucleaire veiligheid en stralingsbescherming is de wetgeving volledig omgezet en is de nationale wetgeving nu in overeenstemming met het acquis. De veiligheidsuitrusting is verbeterd. In 2002 zijn een wet inzake ioniserende straling en een verordening betreffende de voorlichting van het publiek bij stralingsrisico's goedgekeurd.

Met betrekking tot het natuurbehoud is de relevante wetgeving aangenomen. In het verslag wordt opgemerkt dat de toepassing van bedoelde wetgeving gezien de versnippering van de bevoegdheden problematisch kan zijn. De lijst van gebieden van communautair belang moet worden voltooid en de speciale beschermingszones moeten worden aangewezen voordat Cyprus tot de Unie toetreedt. Cyprus is een actieve partij bij de overeenkomst van Washington inzake de handel in bedreigde soorten (CITES). De wetgeving met het oog op de uitvoering van deze overeenkomst is in juli 2000 aangenomen. De verdragen betreffende de woestijnvorming en de bescherming van migrerende soorten zijn geratificeerd. In maart 2001 is de Overeenkomst van de Verenigde Naties inzake watergebieden van internationale betekenis geratificeerd. In oktober 2001 zijn de protocollen van het Verdrag van Barcelona betreffende de speciale beschermingszones en de biodiversiteit in het Middellandse-Zeegebied en het Protocol inzake de bescherming van de Middellandse Zee tegen verontreiniging vanaf het land geratificeerd. Het acquis inzake in gevangenschap gehouden wilde dieren is omgezet.

Wat de geluidsemissies betreft, verloopt de omzetting overeenkomstig de verwachtingen. De nieuwe wetgeving is in overeenstemming met het acquis, maar niet met het meest recente betreffende omgevingslawaai. Die richtlijn moet zijn omgezet vóór juli 2004. De instanties die met de proeven worden belast, moeten nog worden aangewezen. In april 2002 is een kaderwet vastgesteld die betrekking heeft op alle "nieuwe aanpak"-richtlijnen. Bovendien is er een wetsontwerp inzake de geluidsemissies van huishoudapparaten goedgekeurd.

Cyprus neemt tenslotte deel aan de werkzaamheden van het Europees Milieuagentschap (EN).

De administratieve capaciteit volstaat en werkt naar behoren. Door een beroep te doen op de particuliere sector en op tijdelijk personeel is het gebrek aan middelen opgelost. Er zijn voorlichtings- en informatievergaderingen georganiseerd. De Dienst voor het milieu moet worden aangewezen als bevoegde instantie voor de beoordeling van de milieueffecten van strategische activiteiten.

Deze samenvatting heeft een louter informatief karakter en is niet bedoeld als interpretatie of ter vervanging van het referentiedocument

 
Laatste wijziging: 06.02.2004
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven