RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Enkele kernpunten inzake Europa's concurrentievermogen

De Europese Unie moet concurrerender worden en daarvoor moet zij haar industrie een nieuwe impuls geven. De Commissie legt nogmaals de nadruk op deze beleidsprioriteit van de Europese Unie. Zij stelt derhalve een gedachtewisseling voor over de prestaties en de toekomst van de Europese industrie om zo de werkzaamheden van de Raad Concurrentievermogen te vergemakkelijken en te ondersteunen.

BESLUIT

Mededeling van de Commissie van 21 november 2003 aan de Raad en het Europees Parlement: "Enkele kernpunten inzake Europa's concurrentievermogen - Naar een geïntegreerde aanpak" [COM(2003) 704 def. - Niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

Het concurrentievermogen wordt bepaald door de productiviteitsgroei. Vandaar dat een concurrerende economie wordt gekenmerkt door hoge en aanhoudende productiviteitsgroei.

Het concurrentievermogen wordt beïnvloed door tal van factoren. Zo heeft bijvoorbeeld het vermogen om het onderzoek, de innovatie en de ondernemingsgeest te bevorderen, maar ook om de investeringen, het concurrentieniveau of een optimale benutting van de voordelen van de uitgebreide interne markt aan te moedigen, een direct effect op de ontwikkeling van het Europese concurrentievermogen.

De uitdagingen van een concurrerender Europa

Een concurrerende Europese industrie is onontbeerlijk om de sociale en milieudoelstellingen van de Gemeenschap te verwezenlijken en zo de Europese burgers een hogere levenskwaliteit te bieden.

Het huidige concurrentieniveau

De Europese productiviteitsgroei kent momenteel een vertraging. Dit komt tot uiting in een verlies aan concurrentievermogen en is een reden tot ernstige bezorgdheid. Het houdt immers risico's in voor de Europese industriële prestaties en voor het vermogen van de Europese industrie om structurele aanpassingen door te voeren.

Ook al zijn er momenteel geen ernstige bewijzen voor een echte deïndustrialisering in Europa, toch blijken de lopende structurele aanpassingen moeilijkheden op te leveren.

De Europese Unie vertoont tekenen van zwakheid op talrijke sleutelgebieden, zoals onderzoek en ontwikkeling, innovatie, informatie- en communicatietechnologie (ICT) en ondernemingsgeest, maar ook op het gebied van de ontwikkeling van nieuwe vaardigheden.

Om concurrerend te zijn op een wereldmarkt met steeds meer concurrentie, moet de Europese Unie in ieder geval beter presteren. Zij moet vooral investeringen bevorderen in onderzoek, innovatie, ICT, arbeidsreorganisatie en onderwijs, de kernelementen voor het overgangsproces. Het is van essentieel belang dat de Europese industrie anticipeert en zich beter op de veranderingen voorbereidt.

Het hoofd bieden aan de uitdagingen van het concurrentievermogen

Het is essentieel dat de actie van de Europese Unie steunt op een analyse van het concurrentievermogen. Deze analyse neemt twee vormen aan: enerzijds een horizontale economische analyse en anderzijds een gedetailleerde analyse van het concurrentievermogen van de verschillende sectoren. Zo worden de kernvraagstukken in verband met het concurrentievermogen geïdentificeerd, maar ook de specifieke problemen waarmee bepaalde industriële sectoren worden geconfronteerd. Dankzij deze analyse kan dus worden vastgesteld welke acties de Unie moet ondernemen.

Alle communautaire beleidsvormen moeten bijdragen aan het concurrentievermogen. Het is dus van essentieel belang de synergieën met bepaalde communautaire beleidsterreinen (industriebeleid, onderzoeks- en ontwikkelingsbeleid, mededingingsbeleid, internemarktstrategie, fiscaal beleid, werkgelegenheidsbeleid, onderwijs- en opleidingsbeleid, milieubeleid, vervoers- en energiebeleid, regionaal beleid) volledig te benutten om het concurrentievermogen zowel communautair als nationaal te bevorderen.

De Europese instellingen en de lidstaten moeten de "hoeders van het concurrentievermogen" zijn en wetten maken en uitvoeren die noodzakelijk zijn voor de economische groei. Zij moeten trouwens systematisch een effectanalyse uitvoeren. Zij moeten er met andere woorden. nauwlettend op toezien dat zij terdege rekening houden met de effecten van hun beleidsbeslissingen op het concurrentievermogen.

Context

Deze mededeling is het antwoord op de vraag die de Europese Raad in het voorjaar van 2003 heeft gesteld over de uitwerking van een strategie voor het concurrentievermogen. In ruimere zin maakt zij deel uit van het debat over de bijdrage van het industriebeleid aan de verbetering van de concurrentiepositie van de industrie, dat met de mededeling van de Commissie van 11 december 2002 op gang is gebracht.

Laatste wijziging: 30.06.2005
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven