RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Europees Bureau voor Wederopbouw

Archief

Het Europees Bureau voor Wederopbouw is belast met de tenuitvoerlegging van het leeuwendeel van de communautaire bijstand voor de Republiek Montenegro, de Republiek Servië met inbegrip van Kosovo overeenkomstig de status vastgesteld in resolutie 1244 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 2667/2000 van de Raad van 5 december 2000 betreffende het Europees Bureau voor Wederopbouw [Zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

Het Bureau is belast met de tenuitvoerlegging, op grond van een besluit van de Commissie, van het grootste deel van de communautaire bijstand aan de Republiek Montenegro, de Republiek Servië, met inbegrip van Kosovo overeenkomstig de status vastgesteld in resolutie 1244 van de VN-Veiligheidsraad, en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Taken

Het Europees Bureau voor Wederopbouw verricht de volgende taken:

  • verzamelen, analyseren en aan de Commissie doorgeven van informatie over schade en behoeften in verband met de wederopbouw en de terugkeer van vluchtelingen en ontheemden en met de zones waar dringend bijstand nodig is;
  • opstellen van voorstellen voor programma's voor de wederopbouw van deze landen en de terugkeer van vluchtelingen en ontheemden;
  • zorgen voor de tenuitvoerlegging van de communautaire bijstand via opstelling van taakomschrijvingen, uitwerking van aanbestedingen, ondertekening van contracten, sluiting van financieringsovereenkomsten, toewijzing van opdrachten, evaluatie en controle van projecten en betalingen.

Het Bureau kan ook zorgen voor de tenuitvoerlegging van de programma's voor wederopbouw, terugkeer van vluchtelingen en herstel van het maatschappelijk middenveld en van de rechtsstaat, waartoe het opdracht krijgt van de lidstaten en de donorlanden, met name in het kader van de samenwerking met de internationale financiële instellingen zoals de Wereldbank en de Europese Investeringsbank.

Het Bureau kan eveneens de follow-up verrichten van de besluiten betreffende de ondersteuning van de tijdelijke missie van de Verenigde Naties voor Kosovo (UNMIK).

Het Bureau kan ook op grond van een besluit van de Commissie overeenkomstig Verordening (EG) nr. 389/2006 zorgen voor de tenuitvoerlegging van de steun voor de economische ontwikkeling van de Turks-Cypriotische gemeenschap. Van deze mogelijkheid is nooit gebruik gemaakt.

Werking van het Bureau

Het Bureau heeft zijn zetel in Thessaloniki en operationele centra in Belgrado, Podgorica, Pristina en Skopje.

Het Bureau bestaat uit een raad van bestuur samengesteld uit één vertegenwoordiger per lidstaat en twee vertegenwoordigers van de Europese Commissie alsook een waarnemer van de Europese Investeringsbank (EIB) zonder stemrecht. Zij worden benoemd voor een periode van 30 maanden. De Commissie neemt het voorzitterschap waar. De raad van bestuur komt ten minste eenmaal per kwartaal bijeen. Hij is belast met de goedkeuring van aanbevelingen betreffende de uitvoeringsvoorwaarden voor de projecten, het bijsturen van projecten in de loop van de uitvoering en afzonderlijke projecten die bijzonder gevoelige kwesties betreffen. Hij neemt ook besluiten betreffende:

  • de wijze waarop de uitvoering van de projecten wordt geëvalueerd;
  • programma's van andere donoren die eventueel door het Bureau kunnen worden uitgevoerd;
  • het meerjarig contractueel kader voor communautaire bijstand aan het interimbestuur van Kosovo;
  • de aanwezigheid van waarnemers in de raad van bestuur;
  • de oprichting van operationele centra van het Bureau.

De directeur van het Bureau wordt door de raad van bestuur voor een periode van 30 maanden benoemd. Hij is belast met:

  • het opstellen van het ontwerp van het jaarlijks actieprogramma;
  • de organisatie van en voorlichting over de werkzaamheden van de raad van bestuur;
  • het dagelijks bestuur van het Bureau;
  • begrotings- en personeelsvraagstukken;
  • het opstellen van verslagen;
  • de uitvoering van de besluiten van de raad van bestuur.

De raad van bestuur stelt op basis van de voorstellen van de directeur een ontwerpbegroting op, die aan de Commissie wordt gezonden en aan de algemene begroting van de EU gehecht. Na goedkeuring van de algemene begroting wordt de definitieve begroting van het Bureau door de raad van bestuur vastgesteld.

De directeur dient een driemaandelijks verslag bij het Europees Parlement in. Hij legt ook jaarlijks de gedetailleerde rekeningen van het Bureau voor aan de Commissie, de raad van bestuur en de Rekenkamer.

De Commissie dient bij de Raad een voorstel voor de opheffing van het Bureau in wanneer zij van oordeel is dat het Bureau zijn opdracht heeft voltooid. Het mandaat van het Bureau, dat oorspronkelijk op 31 december 2004 zou verstrijken, is verlengd tot 31 december 2006 en is vervolgens nogmaals, voor de laatste keer, verlengd tot 31 december 2008.

Context

Verordening (EG) nr.1628/96 betreffende de steun aan Bosnië en Herzegovina, Kroatië, de Federatieve Republiek Joegoslavië (later Servië en Montenegro) en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, is ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 2666/2000 betreffende communautaire bijstand aan de landen van Zuidoost-Europa.

De onderhavige verordening neemt de bepalingen betreffende de oprichting en werking van het Europees Bureau voor Wederopbouw over. Het mandaat van het Bureau, dat oorspronkelijk voor Kosovo gold, is uitgebreid tot Servië en Montenegro en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Het Europees Bureau voor Wederopbouw is slechts actief in de Republiek Montenegro, de Republiek Servië met inbegrip van Kosovo overeenkomstig het statuut vastgesteld in resolutie 1244 van de VN-Veiligheidsraad, en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, terwijl de steun van de Gemeenschap aan de andere landen van de Westelijke Balkan, namelijk Kroatië, Bosnië en Herzegovina en Albanië, thans centraal wordt verstrekt en door de delegaties van de Commissie op gedeconcentreerde wijze wordt beheerd. De Commissie heeft toestemming verleend voor een gedecentraliseerd beheer van de steun door de Kroatische autoriteiten in het eerste kwartaal van 2006.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 2667/20007.12.2000-L 306 van 7.12.2000

Wijzigingsbesluit(en)InwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 2415/200112.12.2001-L 327 van 12.12.2001
Verordening (EG) nr. 1646/20031.10.2003-L 245 van 29.9.2003
Verordening (EG) nr. 2068/20046.12.2004-L 358 van 3.12.2004
Verordening (EG) nr. 389/20063.2006-L 65 van 7. 3.2006
Verordening (EG) nr. 1756/20061.12.2006-L 332 van 30.11.2006

GERELATEERDE BESLUITEN

Verslag van de Commissie aan de Raad van 23 december 2005 over de toekomst van het Europees Bureau voor Wederopbouw [COM(2005) 710 def. - Niet in het Publicatieblad bekendgemaakt].
Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2667/2000 heeft de Commissie vóór eind 2005 een verslag over de toekomst van het Bureau ingediend. De politieke toenadering tussen de EU en de landen van de Westelijke Balkan wordt bevorderd door het stabilisatie- en associatieproces, dat is aangevuld met de Agenda van Thessaloniki en als doel de toetreding van de landen van die regio tot de EU heeft.
In deze context moet worden gezorgd voor een zekere uniforme behandeling van alle landen in de regio van de Westelijke Balkan door hen geleidelijk aan in staat te stellen hun financiële verantwoordelijkheid op zich te nemen via de gedecentraliseerde tenuitvoerlegging van de financiële bijstand van de EU. De overdracht van de bevoegdheden inzake het beheer van de pretoetredingsinstrumenten naar de delegaties van de Commissie (deconcentratie) en de nationale autoriteiten (decentralisatie) moet er immers voor zorgen dat de kandidaat-lidstaten en de potentiële kandidaat-lidstaten bij hun toetreding vertrouwd zullen zijn met het beheer van de Structuurfondsen. De doelstelling decentralisatie is dan ook volledig geïntegreerd in het pretoetredingsinstrument (IPA), dat in de periode 2007-2013 de enige steun aan de kandidaat-lidstaten en potentiële kandidaat-lidstaten zal vormen.
Het Bureau kan dat proces echter niet stimuleren aangezien het de communautaire middelen op indirecte gecentraliseerde wijze beheert. In april 2006 heeft de Commissie een voorstel voor een verordening ingediend betreffende de verlenging van het mandaat van het Bureau tot 31 december 2008 en de stopzetting van zijn activiteiten na die datum. Het Bureau zou in staat moeten zijn het beheer van de voor die landen bestemde middelen van het CARDS-programma vóór eind 2008 te voltooien. Deze verlenging van het mandaat zal de begunstigde landen eveneens in staat stellen hun eigen nationale capaciteit op te richten zodat zij geleidelijk het beheer van de middelen kunnen overnemen. Tot aan de stopzetting van de activiteiten van het Bureau zullen de resterende programma's aan de Commissie worden overgedragen en zal het beheer van de communautaire steun geleidelijk door de delegaties van de Commissie worden overgenomen. De delegaties in Belgrado, Podgorica en Skopje en het Bureau in Pristina zullen worden versterkt.

JAARVERSLAGEN OVER DE ACTIVITEITEN VAN HET BUREAU

Jaarverslag 2005 aan het Europees Parlement en de Raad van juni 2006 [Niet verschenen in het Publicatieblad].
Het Bureau heeft in 2005 voor 282 miljoen euro communautaire middelen beheerd, d.w.z. ruim 2,6 miljard euro sinds de oprichting ervan. Het leeuwendeel van deze middelen was afkomstig van het CARDS-programma. Daarentegen valt het beheer van de middelen voor Servië en Montenegro en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië niet volledig onder zijn bevoegdheid. De activiteiten van het Bureau zijn hoofdzakelijk gericht op de versterking van de plaatselijke en centrale overheidsdiensten, met name op infrastructuurgebied. Hierdoor ondersteunt het de economische ontwikkeling van de betrokken landen. Het Bureau houdt zich ook bezig met sociale projecten, met name betreffende minderheden, vrouwen, vluchtelingen en ontheemden, de versterking van het maatschappelijk middenveld en de media. Ook de hervorming van de energiesector behoort tot zijn belangrijkste prestaties.

Jaarverslag 2004 aan het Europees Parlement en de Raad van juni 2005]Niet verschenen in het Publicatieblad].
Het Europees Bureau voor Wederopbouw heeft een bedrag van 310 miljoen euro beheerd ten laste van de communautaire middelen die in 2004 aan het Bureau waren toegewezen, d.w.z. in totaal 2,3 miljard euro sinds zijn oprichting. De door het Bureau beheerde programma's hebben betrekking op het hervormingsproces (wetgeving, overheidsadministratie, overheidsfinanciën, rechtsstaat) dat op gang is gebracht in de landen die onder het mandaat van het Bureau vallen, alsook steun voor de markteconomie, de regionale ontwikkeling en de versterking van het maatschappelijk middenveld. Algemeen gezien helpt het Bureau de regeringen van de betrokken landen bij het uitvoeren van de nodige hervormingen in het vooruitzicht van hun toetreding tot de EU. Voortaan is niet langer Directoraat-generaal Buitenlandse Betrekkingen maar wel Directoraat-generaal Uitbreiding bevoegd voor de activiteiten van het Bureau. Voorts is in een verslag van de Commissie van 2004 geconstateerd dat het Bureau zijn mandaat doeltreffend uitvoert, en heeft de Commissie besloten het mandaat van het Bureau tot 31 december 2006 te verlengen.

Jaarverslag 2003 aan het Europees Parlement en de Raad van juni 2004 [Niet verschenen in het Publicatieblad].
In het kader van het beheer van de communautaire programma's werd voor 2003 een bedrag van 328 miljoen euro aan het Bureau toegewezen, d.w.z. in totaal 2 miljard sinds zijn oprichting. Het Bureau werd sterker betrokken bij het gedelegeerd beheer van de communautaire middelen voor het hervormingsproces met het oog op de ontwikkeling en wederopbouw van de regio. Het Bureau beheerde meer in het bijzonder de middelen voor het CARDS-programma. Deze programma's betreffen goed bestuur, versterking van de instellingen en de rechtsstaat alsook de ontwikkeling van de markteconomie, waarbij de nadruk werd gelegd op infrastructuurinvesteringen en milieumaatregelen. De programma's beoogden eveneens de ondersteuning van de sociale ontwikkeling en de versterking van het maatschappelijk middenveld.

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van mei 2003, Europees Bureau voor Wederopbouw. Jaarverslag 2002 [Niet verschenen in het Publicatieblad].
Op 31 december 2002 beheerde het Bureau een begroting van 1,7 miljard euro. De prioriteiten van het Bureau waren wederopbouw van infrastructuur, heropstarten van economische activiteiten en steun voor de media en het maatschappelijk middenveld. Ook goed bestuur is uitgegroeid tot een fundamentele component van zijn activiteiten. Van 1998 tot 2002 heeft het Bureau 561 miljoen euro uitgetrokken voor steunprogramma's in Servië, 74 miljoen voor Montenegro, 830 miljoen voor Kosovo en 166,5 miljoen voor de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van 10 juni 2002, Europees Bureau voor Wederopbouw. Jaarverslag 2001 [COM(2002)288 def. [Niet verschenen in het Publicatieblad].
In december 2001 is het mandaat van het Bureau uitgebreid tot de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië. In Podgorica is een nieuw bureau en in Skopje een operationeel centrum geopend. In 2001 heeft het Bureau een bedrag van 525 miljoen euro beheerd. Die middelen werden gebruikt om drie prioritaire terreinen te financieren: fysieke en economische wederopbouw (goed voor 60% van het bedrag 2001), ontwikkeling van een markteconomie en steun voor particuliere bedrijven (25% van het bedrag) alsook steun voor de democratie, de mensenrechten en de rechtsstaat (15% van het bedrag).

Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van 30 juli 2001, Europees Bureau voor Wederopbouw. Jaarverslag 2000 [COM(2001)446 def. [Niet verschenen in het Publicatieblad].
Al sinds de oprichting van het Europees Bureau voor Wederopbouw is de steun bestemd voor het herstel van infrastructuur en de nodige openbare voorzieningen om de situatie in Kosovo opnieuw te normaliseren. De belangrijkste sectoren waarvoor het Bureau steun heeft verleend zijn energie, huisvesting, vervoer, water, bedrijfsleven, landbouw en gezondheidszorg. Voor die maatregelen is 262 miljoen euro uitgetrokken. Vooral in de sectoren huisvesting en energie werden opmerkelijke resultaten behaald. Na de wijzigingen van oktober-november 2000 in de regeringen van Joegoslavië en Servië, heeft het Bureau zijn actieterrein tot het gehele grondgebied van de Federatieve Republiek Joegoslavië uitgebreid. Zo heeft het deelgenomen aan een spoedhulpprogramma voor Servië voor een bedrag van 180 miljoen euro.

Laatste wijziging: 05.12.2006
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven