RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Gemeenschappelijk onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie

Voor ITER en de ontwikkeling van de fusie-energie werd een gemeenschappelijke onderneming opgericht met als doel het wetenschappelijk onderzoek en de technologische ontwikkeling te bevorderen.

BESLUIT

Beschikking 2007/198/Euratom van de Raad van 27 maart 2007 tot oprichting van de Europese gemeenschappelijke onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie en tot toekenning van gunsten daaraan.

SAMENVATTING

Bij deze beschikking wordt met ingang van 19 april 2007, voor een periode van 35 jaar, een gemeenschappelijke onderneming opgericht voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie. Deze onderneming heeft haar maatschappelijke zetel in Barcelona, Spanje.

De leden van de gemeenschappelijke onderneming zijn Euratom, die door de Commissie wordt vertegenwoordigd, de lidstaten van Euratom en enkele derde landen die op het gebied van beheerste kernfusie een samenwerkingsovereenkomst met Euratom hebben gesloten. Op het ogenblik van de oprichting van de gemeenschappelijke onderneming is Zwitserland het derde land in kwestie.

De gemeenschappelijke onderneming heeft tot doel Euratom een bijdrage te laten leveren aan de Internationale ITER-organisatie voor fusie-energie en aan de activiteiten in het kader van de ruimere aanpak met Japan met het oog op een snelle verwezenlijking van fusie-energie. Ook wil men een activiteitenprogramma opstellen en coördineren ter voorbereiding van de bouw van een demonstratiefusiereactor (DEMO) en gerelateerde faciliteiten, inclusief de International Fusion Materials Irradiation Facility (IFMIF).

In het kader van deze activiteiten krijgt de gemeenschappelijke onderneming met name de volgende taken toegewezen: toezicht houden op de voorbereiding van de locatie voor het ITER-project, het leveren aan de ITER-organisatie van de nodige materialen en financiële en personele middelen, coördineren van de activiteiten op het gebied van onderzoek en wetenschappelijke en technologische ontwikkeling inzake fusie, zorgen voor de samenwerking met de ITER-organisatie, enz.

De financiële middelen die voor de gemeenschappelijke onderneming nodig zijn, worden in totaal geraamd op 9 653 miljoen euro, waarvan Euratom 7 649 miljoen euro voor haar rekening neemt (met maximaal 15 % voor administratieve uitgaven).

De gemeenschappelijke onderneming is een rechtspersoon en is samengesteld uit:

  • de raad van bestuur, waarin voor ieder lid van de gemeenschappelijke onderneming twee personen zetelen, en die wordt bijgestaan door het uitvoerend comité;
  • de directeur, die de gemeenschappelijke onderneming vertegenwoordigt en belast is met het dagelijks beheer, inclusief de ondertekening van de contracten.

De aansprakelijkheid van de gemeenschappelijke onderneming in het kader van een contract wordt telkens geregeld door de bepalingen van dat contract en door het recht dat op dat contract van toepassing is. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is bevoegd om uitspraak te doen wanneer een door de gemeenschappelijke onderneming gesloten contract een arbitragebeding bevat.

Bij niet-contractuele aansprakelijkheid vergoedt de gemeenschappelijke onderneming, overeenkomstig de algemene beginselen die de wetgevingen van de lidstaten gemeen hebben, de schade die door haar of door haar personeelsleden in de uitoefening van hun functie is veroorzaakt. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is bevoegd om uitspraak te doen in geschillen betreffende de vergoeding van dergelijke schade. Voorts is het Hof van Justitie bevoegd uitspraak te doen in gevallen waarin beroep is ingesteld tegen de gemeenschappelijke onderneming.

Context: ITER

Fusie-energie is samen met duurzame energiebronnen en splijtingsenergie één van de drie alternatieven voor energie uit fossiele brandstoffen. Zij is veruit het meest verspreid in het heelal - zij is de bron van energie die door de zon en de andere sterren wordt uitgezonden - maar is op aarde de minst ontwikkelde van de drie niet-fossiele energiebronnen.

Het JET- project (Joint European Torus), waarmee in 1978 een aanvang werd gemaakt, heeft jarenlang bijgedragen aan geavanceerd onderzoek op het gebied van fusie-energie. Toen in 1988 het ITER-project werd ontwikkeld werd een nieuwe fase in het onderzoek naar kernfusie ingeluid; één en ander leidde in 2001 tot een omstandig project voor een experimentele installatie waarmee wordt beoogd aan te tonen dat kernfusie als energiebron haalbaar is. Voor de EU zou deze energiebron belangrijke voordelen opleveren; zij zou hiermee met name haar energievoorziening op de lange termijn kunnen veiligstellen en voor diversificatie in deze energievoorziening kunnen zorgen.

In november 2003, heeft de Europese Raad de Commissie gemachtigd Frankrijk als gastland, en Cadarache als locatie, voor te stellen voor ITER; tevens heeft de Europese Raad besloten dat het Binnenlands Agentschap van Euratom voor ITER in Spanje moet worden gevestigd.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad

Beschikking 2007/198/Euratom

19.4.2007

-

L 90 van 30.3.2007

GERELATEERDE BESLUITEN

Voorstel voor een besluit van de Raad van 19 mei 2006, betreffende de sluiting, door de Commissie, van de Overeenkomst tot oprichting van de Internationale ITER-Organisatie voor fusie-energie voor de gezamenlijke uitvoering van het ITER-project, van de Regeling inzake de voorlopige toepassing van de Overeenkomst tot oprichting van de Internationale ITER-Organisatie voor fusie-energie voor de gezamenlijke uitvoering van het ITER-project en van de Overeenkomst inzake de voorrechten en immuniteiten van de Internationale ITER-Organisatie voor fusie-energie voor de gezamenlijke uitvoering van het ITER-project [COM(2006) 240 definitief – Publicatieblad C 184 van 8.8.2006]
Dit voorstel voor een besluit werd door de Raad op 25 september 2006 goedgekeurd. Hierdoor wordt de Commissie gemachtigd onderhandelingen te voeren over een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) en China, Zuid-Korea, de Verenigde Staten, India, Japan en Rusland over de oprichting van de internationale ITER-Organisatie voor fusie-energie voor de gezamenlijke uitvoering van het ITER-project. Tevens wordt bij dit besluit de Regeling inzake de voorlopige toepassing van de overeenkomst goedgekeurd.

Voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer ten aanzien van het meerjarig financieel kader om in de extra financieringsbehoeften van het ITER-project te voorzien [COM(2010) 403 definitief – Niet in het Publicatieblad bekendgemaakt].
In antwoord op de conclusies van de Raad van 12 juli 2010 over een kortetermijnbehoefte voor het ITER-project aan extra vastleggingskredieten ten belope van 1,4 miljard EUR in lopende prijzen voor 2012 en 2013 (800 miljoen euro in 2012 en 600 miljoen euro in 2013), wil de Commissie met dit voorstel 400 miljoen euro ter beschikking stellen middels een herziening van het meerjarig financieel kader, waarbij het totale maximum voor vastleggings- en betalingskredieten voor de periode 2007-2013 ongewijzigd blijft. Tegelijk zal voor nog eens 460 miljoen euro extra worden gezorgd door een herschikking binnen de rubriek kredieten van het zevende kaderprogramma voor onderzoek. De verbintenis om het resterende bedrag van 540 miljoen EUR te financieren, zal in een latere fase concreet worden gemaakt, te beginnen met de trialoogbijeenkomst in november 2010 en indien nodig bij de daaropvolgende jaarlijkse begrotingsprocedures door benutting van alle in het meerjarig financieel kader opgenomen budgettaire middelen.

Mededeling van de Commissie van 4 mei 2010 aan het Europees Parlement en de Raad – ITER: stand van zaken en mogelijke verdere maatregelen [COM(2010) 226 definitief – Niet in het Publicatieblad bekendgemaakt].
In deze mededeling stelt de Commissie vast dat governance- en financiële voorwaarden voor ITER moeten worden vastgesteld.
In 2002 werd de kostprijs van het project geraamd op 5,9 miljard euro, waarvan de EU 45 % zou bijdragen. De factuur is voor de EU intussen opgelopen tot 7,2 miljard euro volgens de raad van bestuur van de F4E (Europees Binnenlands Agentschap “Fusie voor energie”), die in maart 2010 is bijeengekomen. Als gevolg van deze hogere kostprijs is er een tekort aan financiering. Het is dan ook belangrijk dat de governance van het ITER-project verbeterd wordt, niet alleen om de kosten binnen de perken te houden, maar ook om een haalbaar financieel kader vast te kunnen stellen.
Wat de financiering betreft, overweegt de Commissie twee opties:

  • aanvullende financiering door de lidstaten;
  • vaststelling van geplafonneerde financiële vooruitzichten op een passend niveau.

De Europese Commissie verzoekt de Raad en het Europees Parlement om een besluit aan te nemen dat is afgestemd op de huidige omstandigheden.

Mededeling van de Commissie aan de Raad van 28 april 2003 - Stand van zaken bij de onderhandelingen over het internationale ITER project voor onderzoek op het gebied van kernfusie-energie [COM(2003) 215 definitief – Niet in het Publicatieblad bekendgemaakt].

Laatste wijziging: 26.07.2010
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven