RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


ITER: Overeenkomst Euratom/Japan inzake kernfusie

Ter aanvulling van ITER, een internationaal project op het gebied van fusie‑energie, hebben de Europese Unie (EU) en Japan een overeenkomst gesloten over een ”bredere aanpak” op dit gebied. Deze overeenkomst zal als basis dienen voor diverse onderzoek‑ en ontwikkelingsactiviteiten die - gelet op met name de bouw van de toekomstige demonstratiecentrale (DEMO) - verband houden met de productie van nieuwe materialen en de opstelling van nieuwe inbedrijfnamescenario’s.

BESLUIT

Besluit 2007/614/Euratom van de Raad van 30 januari 2007 betreffende de sluiting door de Commissie van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en de regering van Japan voor de gezamenlijke uitvoering van de bredereaanpakactiviteiten op het gebied van onderzoek inzake fusie-energie

SAMENVATTING

Deze overeenkomst heeft ten doel tussen de Europese Unie (EU) en Japan, in het verlengde van het ITER‑project, een kader in het leven te roepen voor de verwezenlijking van een “bredere aanpak” op het gebied van fusie‑energie.

Ook andere partijen bij het ITER‑project kunnen toetreden tot de overeenkomst, die gepland is voor een termijn van tien jaar.

Activiteiten

De “bredere aanpakactiviteiten” hebben betrekking op drie in Japan ontwikkelde onderzoekprojecten:

  • het project dat het concept voltooit van de International Fusion Materials Irradiation Facility (hierna "IFMIF/EVEDA" genoemd) waarmee geavanceerde materialen kunnen worden getest en gekwalificeerd in omstandigheden die vergelijkbaar zijn met die van een fusiecentrale.
  • het “satelliet Tokamak programma”, dat is bestemd voor de opstelling van scenario’s voor de inbedrijfname van ITER en DEMO (link naar);
  • het project met betrekking tot het Internationaal Centrum voor onderzoek inzake fusie-energie, het orgaan dat is belast met de coördinatie van: de ontwerp‑, onderzoek‑ en ontwikkelingsactiviteiten voor DEMO; de activiteiten van de supercomputers voor grootschalige simulatie om experimentele gegevens over fusieplasma's te analyseren; de activiteiten van het Remote Experimentation Centre om de brede deelname van wetenschappers aan ITER-experimenten te vergemakkelijken.

Structuur

De organen die de structuur leveren voor de “bredere aanpakactiviteiten” zijn:

  • de stuurgroep;
  • het secretariaat;
  • het(de) projectcomité(s);
  • de project‑ en de projectploegleider(s);
  • de uitvoerende agentschappen.

Uitvoeringsinstrumenten

Het (voor de gehele duur van het project opgestelde) projectplan dat jaarlijks (uiterlijk 31 maart), na advies van het projectcomité, door iedere projectleider aan de stuurgroep ter goedkeuring wordt voorgelegd, omvat:

  • een beschrijving van alle geplande activiteiten;
  • een gedetailleerd tijdschema voor de belangrijkste stadia van de tenuitvoerlegging;
  • een overzicht van de verwezenlijkingen en van de nog te leveren bijdragen.

Iedere projectleider legt de stuurgroep jaarlijks (uiterlijk 31 oktober), na advies van het projectcomité, een werkprogramma voor het daaropvolgend jaar ter goedkeuring voor dat de volgende elementen bevat:

  • de details van het desbetreffende projectplan;
  • de programmatische beschrijving van de te ondernemen activiteiten (de doelstellingen, de planning, de gewone uitgaven, de bijdragen die door elke partij moeten worden geleverd, enz.)

Iedere projectleider legt de stuurgroep jaarlijks (uiterlijk 31 maart) een jaarverslag ter goedkeuring voor; dit document wordt nadien overgemaakt aan de partijen en aan de uitvoerende agentschappen.

Tot slot heeft iedere partij het recht om op ongeacht welk ogenblik tijdens de looptijd van de overeenkomst, en tot vijf jaar na de beëindiging van de overeenkomst, over te gaan tot een financiële audit.

Middelen

Tot de middelen voor de uitvoering van de “bredere aanpakactiviteiten” behoren onder meer:

  • bijdragen in natura;
  • specifieke onderdelen, uitrusting, materialen en andere goederen en diensten;
  • de deskundigen die ter beschikking worden gesteld van de projectploegen;
  • het personeel dat ter beschikking wordt gesteld van de verschillende organen;
  • de financiële bijdragen.

De bijdrage van de Europese Unie, die hoofdzakelijk in natura wordt geleverd, bedraagt ongeveer 340 miljoen euro.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Besluit (Euratom) nr. 2007/614

30.1.2007

-

PB L 246 van 21.9.2007

Laatste wijziging: 20.05.2008
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven