RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Zevende kaderprogramma: Euratom

De fusie-energie duurzaam ontwikkelen en tegemoet komen aan de behoeften van de kernsplijting op het gebied van veiligheid, afvalbeheer, efficiëntie en concurrentievermogen: dat zijn de belangrijkste doelstellingen van dit specifieke programma voor onderzoek en opleiding op het gebied van kernenergie. In dit document worden de huidige inzet en uitdagingen op het gebied van kernenergie in Europa omschreven en de kenmerken en algemene doelstellingen van het programma voorgesteld. Voor elk van de drie thematische onderzoeksgebieden, namelijk fusie-energie, kernsplijting en stralingsbescherming zijn specifieke doelstellingen vastgesteld die een reeks acties tot gevolg hebben die in de komende vier jaar moeten worden verwezenlijkt.

BESLUIT

Besluit 2006/970/Euratom van de Raad van 18 december 2006 betreffende het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) voor onderzoeks- en opleidingsactiviteiten inzake kernenergie (2007-2011) [Publicatieblad L 400 van 30.12.2006];

Beschikking 2006/977/Euratom van de Raad van 19 december 2006 betreffende het specifieke programma dat door middel van eigen acties door het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek moet worden uitgevoerd op grond van het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) voor onderzoeks- en opleidingsactiviteiten inzake kernenergie (2007-2011) [Publicatieblad L 400 van 30.12.2006].

SAMENVATTING

De kerncentrales alleen zorgen momenteel voor één derde van de elektriciteitsproductie van de Europese Unie (EU). Als energiebron zijn zij erg in trek. Omdat kernenergie schone energie is speelt zij een belangrijke rol op milieugebied (beperking van de emissies van broeikasgassen) en zorgt tezelfdertijd voor een grotere onafhankelijkheid, veiligheid en verscheidenheid op het vlak van energievoorziening in de Unie.

Op termijn moet een quasi onbeperkte bevoorrading met schone energie dankzij kernfusie * mogelijk zijn. In dat verband zorgt het project ITER* onmiskenbaar voor een toegevoegde waarde. Dat is de reden waarom de verwezenlijking van dit project en de exploitatie ervan de kern vormen van de huidige strategie van de EU. Een dergelijk ambitieus project dient evenwel gepaard te gaan met een degelijk en doelgericht Europees programma voor onderzoek en ontwikkeling.

Kernsplijting * blijft ondanks alles een bruikbare oplossing. In dit verband moeten het onderzoek en de opleiding worden toegespitst op de nucleaire veiligheid (stralingsbescherming *), het duurzaam afvalbeheer, de efficiëntie en het concurrentievermogen van de gehele sector.

Het welzijn van Europa op energiegebied hangt derhalve af van de bescherming van de bestaande hulpbronnen, infrastructuren, vaardigheden en knowhow maar ook van het onderzoek naar nieuwe wetenschappelijke en technologische mogelijkheden Vanuit deze optiek zou dit specifiek programma het mogelijk moeten maken om een toereikend investeringspeil voor onderzoek te handhaven en tezelfdertijd de samenwerking tussen de EU en haar lidstaten te optimaliseren.

KENMERKEN EN ALGEMENE DOELSTELLINGEN

Het Euratom-programma dat loopt tot in 2011 is onderverdeeld in twee specifieke programma's. Het eerste heeft betrekking op onderzoek op het gebied van fusie-energie, kernsplijtingsenergie en stralingsbescherming. Onder het tweede vallen activiteiten van het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (Joint Research Centre - JRC) op het gebied van kernenergie.

Het maximale totaalbedrag dat wordt vrijgemaakt voor de tenuitvoerlegging van het zevende kaderprogramma voor het tijdvak 2007-2011 bedraagt 2 751 miljoen euro. Een belangrijk deel van deze begroting is gereserveerd voor de financiering van het internationale kernfusieproject ITER.

Specifiek Euratom-programma

Dit specifiek programma heeft betrekking op de volgende gebieden:

Op deze gebieden beoogt het programma hoofdzakelijk:

  • bij te dragen tot nog meer uitmuntendheid en innovatie;
  • te zorgen voor samenwerking en doeltreffendheid via ondersteuning van onderzoek en opleiding.

De belangrijkste bijdrage van dit specifieke programma zal bestaan in het versterken van het onderzoek van de EU op de hierboven genoemde gebieden. De nadruk zal ook worden gelegd op synergieën en complementariteit met ander beleid en andere programma's van de EU.

Het onderzoek op het gebied van fusie-energie zal zich toespitsen op:

  • de ontwikkeling van de kennisbasis voor ITER;
  • de voltooiing van de bouwfase van ITER die moet leiden tot de ontwikkeling van prototype-reactoren, alvorens de exploitatie van start kan gaan.

Op het gebied van kernsplijting en stralingsbescherming heeft het programma ten doel de wetenschappelijke en technische basis te leveren voor een beter (veiliger, qua gebruik van middelen efficiënter, concurrerender en ecologischer) beheer van de energie, van het door de energie geproduceerde afval en van de gevolgen van deze energie.

Voorts worden prestatie-indicatoren ontwikkeld op drie niveaus:

  • er worden kwantitatieve en kwalitatieve indicatoren ontwikkeld van het traject of de richting van de wetenschappelijke en technische vooruitgang (nieuwe normen en instrumenten, wetenschappelijke technieken, octrooiaanvragen en licentieovereenkomsten voor nieuwe produkten, processen en diensten, enz.);
  • er worden beheersindicatoren ontwikkeld (interne monitoring van de prestaties en de besluitvorming, budgetuitvoering, contracteringstermijn en betalingstermijn, enz.);
  • resultaat(effect)indicatoren (algemene effectiviteit van het onderzoek in vergelijking met de doelstellingen, effect van het kaderprogramma op de realisering van de Lissabon-, Göteborg-, en Barcelona-doelstellingen en toetsing aan de specifieke programma's).

De voor de uitvoering van het specifieke programma benodigde middelen worden geraamd op 2 234 miljoen euro voor de periode van 1 januari 2007 tot 31 december 2011. Deze middelen worden als volgt over de activiteiten verdeeld:

  • 1 947 miljoen euro zijn bestemd voor onderzoek op het gebied van fusie-energie
  • 287 miljoen euro zullen worden besteed aan de kernsplijtingsenergie en stralingsbescherming.

Activiteiten van het JRC

De activiteiten van het JRC op het gebied van kernenergie zijn bedoeld ter ondersteuning van het geheel van de onderzoeksactiviteiten die in het kader van internationale samenwerking op de volgend thematische gebieden worden uitgevoerd:

  • Beheer van kernafval, impact daarvan op het milieu;
  • nucleaire veiligheid;
  • nucleaire beveiliging.

De doelstellingen en de grote lijnen van deze activiteiten zijn uiteengezet in de bijlage bij de Beschikking 2006/977/Euratom.

Het bedrag dat vereist is voor de tenuitvoerlegging van dit specifieke programma wordt geraamd op 517 miljoen euro.

Opgemerkt wordt dat alle onderzoeksactiviteiten uit hoofde van het zevende kaderprogramma, met inbegrip van de diverse specifieke programma's en alle onderzoeksactiviteiten die daaruit voortvloeien, worden uitgevoerd met inachtneming van de fundamentele ethische beginselen alsook met respect voor de sociale, juridische, sociaal-economische, culturele en genderaspecten.

THEMATISCHE ONDERZOEKSGEBIEDEN

Voor ieder thematisch gebied (fusie-energie, kernsplijtingsenergie en stralingsbescherming) geldt een algemene doelstelling in het kader waarvan een reeks activiteiten is vastgesteld. Voor de kernsplijtingsenergie en de stralingsbescherming werden ook specifieke doelstellingen vastgesteld.

Fusie-energie

Voor fusie-energie bestaat de algemene doelstelling erin alle marktspelers te mobiliseren (de onderzoekers, de industrie, het bedrijfsleven, de beleidsmakers, enz.) en alle wetenschappelijke kennis in verband met het Europees onderzoeksprogramma voor fusie-energie in te schakelen. De inspanningen zullen meer concreet worden toegespitst op de bouw en de exploitatie van ITER en zijn opvolger DEMO * maar ook op de verwezenlijking van ruimere projecten in verband met de ontwikkeling van fusie-energie.

De geplande activiteiten zullen op de volgende zeven aspecten betrekking hebben:

  • de bouw van ITER;
  • onderzoek en ontwikkeling ter voorbereiding van ITER;
  • activiteiten op technologisch gebied ter voorbereiding van DEMO;
  • onderzoek en ontwikkeling op lange termijn;
  • menselijke hulpbronnen en opleiding;
  • infrastructuur;
  • reacties op onvoorziene omstandigheden of op eisen in het kader van het beleid.

De deelname van de EU aan het ITER-project zal met name betrekking hebben op:

  • de voorbereiding van de locatie;
  • de oprichting van de ITER-organisatie;
  • het beheer en personeel;
  • de algemene technische en administratieve ondersteuning;
  • de bouw van apparatuur en de aanleg van installaties op het ITER- locatie;
  • de opzet van een doelgericht fysisch en technologisch programma dat een beoordeling omvat van de belangrijkste specifieke technologieën voor de werking van ITER en een onderzoek naar de scenario's voor deze werking door middel van gerichte experimenten en andere modelvormingsactiviteiten.

Voor de DEMO-reactor, die als technologische proefballon zal fungeren en als model moet dienen voor toekomstige industriële fusiereactoren, worden de testfase en de validering van de materialen en technologieën alsook het conceptuele ontwerp van de reactor voortgezet.

Naast deze activiteiten die specifiek op ITER en DEMO gericht zijn, wordt ook de nadruk gelegd op het ontwikkelen van vaardigheden en het verbreden van de kennis op gebieden die van strategisch belang zijn voor toekomstige fusiecentrales. Het nagestreefde doel is tweevoudig: dit onderzoek moet op termijn leiden tot een grotere technische uitvoerbaarheid en economische haalbaarheid van kernfusie en tevens de economische rentabiliteit ervan garanderen. Het geplande onderzoek in dit verband heeft hoofdzakelijk betrekking op:

  • de concepten voor magnetische opsluiting *;
  • de fusieplasma's *;
  • de sociologische en economische aspecten van de opwekking van fusie-energie:
  • fusie door middel van inertiële opsluiting *.

Om aan de behoeften van ITER, en meer algemeen van het onderzoek naar de fusie-energie, op het gebied van menselijke hulpbronnen en opleiding tegemoet te komen voorziet dit programma in:

  • maatregelen ter ondersteuning van de mobiliteit van de onderzoekers tussen de aan het programma deelnemende organisaties om de samenwerking binnen het programma, de integratie en de internationale samenwerking te bevorderen;
  • voortgezette opleiding voor ingenieurs en onderzoekers op universitair en post-doc-niveau, waarbij met name de faciliteiten van het programma als opleidingsplatform worden gebruikt en gespecialiseerde seminars en workshops worden georganiseerd;
  • bevordering van de innovatie en de uitwisseling van knowhow met universiteiten, onderzoeksinstituten en het bedrijfsleven.

Op het gebied van infrastructuur zal de bouw van ITER in Europa de grote doelstelling zijn van het nieuwe Europese programma voor onderzoek.

Om ten slotte te kunnen reageren op onvoorziene omstandigheden of op eisen in het kader van het beleid met betrekking tot energievoorziening, klimaatverandering en duurzame ontwikkeling is het niet uitgesloten dat een spoedprogramma wordt opgezet om fusie tot ontwikkeling te brengen. Daar kan fusie-energie wellicht sneller op de markt worden gebracht. Het hoofddoel en tegelijk het eindpunt van dit programma om fusie versneld tot ontwikkeling te brengen zou zijn dat DEMO eerder wordt gebouwd dan oorspronkelijk was gepland.

Kernsplijting

Op dit gebied is het algemene doel veelvoudig:

  • tegemoet komen aan de behoeften op het gebied van opleiding;
  • meer ondersteuning bieden op het gebied van de infrastructuur;
  • de Europese onderzoeksruimte verder consolideren;
  • een gemeenschappelijke visie op Europees niveau met betrekking tot de belangrijkste problemen en benaderingswijzen ontwikkelen;
  • verbanden leggen tussen de nationale programma's;
  • netwerken vormen met internationale organisaties en derde landen (VS, nieuwe onafhankelijke staten, Canada, Japan, enz.);
  • van Euratom een volwaardige speler maken op het gebied van de internationale coördinatie van het onderzoek en de technologische ontwikkeling;
  • zorgen voor de coördinatie met het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (JRC);
  • kruisverbanden tot stand brengen met het onderzoek in het kader van het zevende kaderprogramma;
  • de internationale samenwerking bevorderen.

Meer bepaald zorgt kernsplijting nog voor talrijke problemen op het gebied van het beheer van radioactief afval. De activiteiten op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling die hiermee verband houden zullen worden toegespitst op:

  • de kwestie van het beheer en de veilige geologische opberging van langlevend en/of hoogradioactief afval;
  • de Europese dimensie van het beheer en de opslag van het afval;
  • de ontwikkeling van processen om de hoeveelheid afval te beperken (bv.: partitionnering, transmutatie *, enz.).

Op het gebied van nucleaire installaties zullen in het kader van dit programma ook activiteiten worden opgezet om deze installaties veiliger, efficiënter wat het gebruik van middelen betreft, en concurrerender te maken.

In het kader van dit programma is ook voorzien in het ontwerp, de modernisering, de bouw en de exploitatie van de onderzoeksinfrastructuur voor kernsplijting. Het vergemakkelijken van de transnationale toegang tot deze infrastructuur voor de onderzoekers behoort eveneens tot de prioriteiten.

Om de verspreiding van wetenschappelijke deskundigheid en knowhow in de hele sector te ondersteunen worden op het vlak van menselijke hulpbronnen en opleiding in Europa en daarbuiten een reeks maatregelen genomen. Deze maatregelen hebben hoofdzakelijk ten doel de beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerde onderzoekers en technici te garanderen en zijn hoofdzakelijk toegespitst op:

  • een betere coördinatie tussen de opleidingsinstellingen in de EU (equivalente diploma's in alle lidstaten);
  • steun voor opleidingscursussen en opleidingsnetwerken en voor de mobiliteit van de studenten en wetenschappers in de vorm van subsidies en beurzen.

Stralingsbescherming

Het onderzoek in verband met de stralingsbescherming is toegespitst op het risico waarmee een langdurige blootstelling aan lage doses gepaard gaat en is gericht op:

  • een kwantificering van dit risico (epidemiologische studies, en cel- en moleculair biologisch onderzoek, enz.);
  • een verbetering van de veiligheid en efficiëntie van de medische toepassingen van straling;
  • een verbetering van de samenhang en integratie van het beheer in noodsituaties met inbegrip van het herstel van per ongeluk besmette gebieden;
  • de ontwikkeling van een praktische en betrouwbare aanpak om de gevolgen (voor mens en milieu) van het kwaadwillig gebruik van straling of radioactief materiaal te beheersen;
  • een streven naar een doeltreffender integratie van de nationale onderzoeksactiviteiten op andere gebieden (radio-ecologie *, dosimetrie *, enz.).

Context

Sedert 1984 voert de EU een beleid op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling dat gebaseerd is op meerjarenkaderprogramma's. Het zevende kaderprogramma is het tweede dat sedert de start van de Lissabon-strategie in 2000 werd gelanceerd en is van primordiaal belang voor de groei en de werkgelegenheid in Europa in de komende jaren. Het is de wens van de Commissie om de "kennisdriehoek", gevormd door het beleid op het gebied van onderzoek, onderwijs en innovatie, uit te breiden zodat kennis ten goede komt aan de economische dynamiek, de sociale vooruitgang en de verbetering van het milieu.

Belangrijkste begrippen
  • Inertiële opsluiting: de fusie door inertiële opsluiting bestaat in de concentratie van hoogvermogen-lasers (of deeltjesbundels) op minuscule glazen pellets die een mengsel van deuterium en tritium (isotopen van waterstof) bevatten.
  • Magnetische opsluiting: de fusie door magnetische opsluiting bestaat hierin dat de brandstof in een kamer waarin een vacuüm heerst wordt verwarmd en door krachtige elektromagnetische velden gevangen wordt gehouden. De brandstof moet eerst worden omgezet in een plasma dat vervolgens door magnetische velden kan worden beïnvloed.
  • DEMO: demonstratiereactor (industrieel prototype voor de opwekking van stroom).
  • Dosimetrie: meting van de radioactieve doses.
  • Kernsplijting: kernsplijting, of splijting, is het fenomeen waarbij een zware atoomkern (zoals die van uraan of plutonium) wordt gesplitst in twee (of meerdere) lichtere kernen waarbij een aanzienlijke hoeveelheid energie vrijkomt.
  • Kernfusie: kernfusie is één van de twee types thermonucleaire reacties. Het betreft een proces waarbij twee atoomkernen worden samengevoegd om een zwaardere kern te vormen. De fusie van lichte kernen maakt enorme hoeveelheden energie vrij die het gevolg zijn van vernietiging van massa (bindingsenergie). Deze reactie is aan het werk in de zon en alle sterren van het universum.
  • ITER: internationale experimentele thermonucleaire reactor, onderzoeksinstrument met als doel aan te tonen dat thermonucleaire fusie wetenschappelijk en technisch haalbaar is.
  • Fusieplasma: toestand van de materie waarbij fusie zich voordoet. Het betreft een bijzondere toestand van de materie waarbij de atomen of moleculen die één of meerdere elektronen zijn kwijtgeraakt een geïoniseerd gas vormen.
  • Radio-ecologie (of stralingsecologie): deel van de ecologie dat de relaties behandelt tussen de levende soorten en de radioactiviteit van hun omgeving.
  • Stralingsbescherming: het geheel van maatregelen dat ten doel heeft de mens en zijn omgeving te beschermen tegen de schadelijke gevolgen van ioniserende straling (gevolgen van de radioactiviteit) maar het toch mogelijk maakt om van deze straling gebruik te maken.
  • Transmutatie: verwijst in de fysica naar de eigenschap van bepaalde radioactieve atomen om zich om te zetten in een ander atoom. Op nucleair gebied maakt transmutatie het mogelijk radioactieve isotopen met een lange levensduur om te zetten in isotopen met een korte levensduur of in stabiele isotopen.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtreding - EinddatumUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Besluit 2006/970/EG1.1.2007 - 31.12.2013-L 400 van 30.12.2006
Beschikking 2006/977/Euratom1.1.2007 - 31.12.2011-L 400 van 30.12.2006

GERELATEERDE BESLUITEN

Verordening (Euratom) nr. 1908/2006 van de Raad van 19 december 2006 tot vaststelling van de regels voor deelname van ondernemingen, onderzoekscentra en universiteiten aan acties op grond van het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap voor atoomenergie voor de verspreiding van onderzoeksresultaten (2007-2011) [Publicatieblad L 400 van 30 december 2006].
Deze verordening heeft betrekking op de regels voor de deelname van ondernemingen, onderzoekscentra en universiteiten aan het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) (2007-2011). Het document wordt in vier hoofdstukken opgedeeld: de inleidende bepalingen (onderwerpdefinities en vertrouwelijkheid), de deelname aan werkzaamheden onder contract (voorwaarden om deel te nemen, procedurele aspecten, enz.), de regels voor verspreiding en gebruik (eigendom, bescherming, publicatie, verspreiding en gebruik van voordien reeds bestaande en nieuw verworven kennis en toegangsrechten) en de specifieke regels voor deelname aan activiteiten op grond van het thematische gebied "onderzoek inzake fusie-energie".

Laatste wijziging: 10.07.2007
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven