RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Interne gasmarkt

De totale opening van de nationale gasmarkten, georganiseerd bij Richtlijn 2003/55/EG, heeft de verwezenlijking van een interne aardgasmarkt waarop daadwerkelijk concurrentie heerst binnen de Europese (EU) geconcretiseerd. Meer bepaald kunnen industriële klanten vanaf 1 juli 2004 en huishoudens vanaf 1 juli 2007 vrij hun aardgasleverancier kiezen. De marktopening is nauw verbonden met de doelstellingen van kwaliteit van de dienstverlening, de universele dienst, de bescherming van de consument en de zekerheid van de voorziening.

BESLUIT

Richtlijn 2003/55/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en houdende intrekking van Richtlijn 98/30/EG.

SAMENVATTING

Bij Richtlijn 2003/55/EG wordt de totale opening voor concurrentie van de nationale aardgasmarkten georganiseerd en wordt op die manier bijgedragen tot de verwezenlijking van een echte interne gasmarkt binnen de Europese Unie (EU).

De voltooiing van de interne gasmarkt maakt het mogelijk de concurrentiekracht en de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren, billijke tarieven voor de consument te waarborgen, regels inzake openbaredienstverplichtingen vast te stellen, de interconnectie te verbeteren en de voorzieningszekerheid te versterken.

Toegang tot de markt

Bij Richtlijn 2003/55/EG worden regels vastgesteld betreffende de niet-discriminerende toegang van derden tot het transmissie- en distributiesysteem en tot de installaties voor vloeibaar aardgas (LNG). Bijgevolg kunnen nieuwe leveranciers de markt betreden en kan de consument vrij zijn aardgasleverancier kiezen.

Voor een goede werking van de interne markt voor aardgas moeten alle ondernemingen, ook de kleinste, bijvoorbeeld ondernemingen die investeren in hernieuwbare energiebronnen, de markt kunnen betreden. Er moeten voorwaarden voor een eerlijke concurrentie worden vastgesteld teneinde het risico van marktoverheersing door dominante spelers, met name historisch gevestigde marktdeelnemers, en van roofdiergedrag te voorkomen.

Er is gekozen voor een aanpak van geleidelijkheid zodat de ondernemingen zich kunnen aanpassen en tegelijkertijd de belangen van de consument worden gewaarborgd. Sinds 1 juli 2004 kunnen industriële klanten hun leverancier vrij kiezen. Voor de huishoudens is dit het geval sinds 1 juli 2007.

In verband met de toegang tot de opslaginstallaties gelden specifieke bepalingen die een dergelijke toegang hetzij via onderhandelingen, hetzij via regelgeving mogelijk maken.

Exploitatie van de netwerken: systeembeheerders

In elke lidstaat worden transmissiesysteembeheerders, opslagsysteembeheerders, LNG-systeembeheerders en distributiesysteembeheerders aangewezen. Zij hebben tot taak de transmissie- en distributie-installaties en de installaties voor de opslag van vloeibaar aardgas (LNG) te exploiteren en te onderhouden. Zij moeten de veiligheid, betrouwbaarheid, doeltreffendheid en interconnectie van die installaties waarborgen en daarbij het milieu op passende wijze in acht nemen.

De systeembeheerders moeten ervoor zorgen dat alle gebruikers op niet-discriminerende en transparante wijze toegang krijgen tot het netwerk. Die toegang moet verleend worden op basis van objectieve en eerlijke tarieven.

De systeembeheerders mogen bepaalde ondernemingen, bijvoorbeeld eventuele gelieerde ondernemingen, niet bevoordelen. Teneinde elke discriminatie bij de toegang tot het netwerk te voorkomen en een gelijke toegang voor nieuwe marktspelers te waarborgen, moeten de transmissie- en distributieactiviteiten, in geval van verticaal geïntegreerde ondernemingen, in juridisch en functioneel opzicht gescheiden zijn van de overige activiteiten, zoals productie en levering. Deze scheiding houdt echter niet noodzakelijk een scheiding van de eigendomsrechten in.

Voorts moeten systeembeheerders de andere systeembeheerders de nodige informatie verstrekken voor een veilige en efficiënte functionering van hun onderling gekoppelde netwerken.

Openbaredienstverplichtingen en bescherming van de afnemer

De interne gasmarkt kan pas werkelijk tot stand komen wanneer de consumenten er een actieve rol in spelen en daadwerkelijk gebruik maken van het recht om vrij hun gasleverancier te kiezen. Voor een goede functionering van de interne gasmarkt is het dus absoluut noodzakelijk dat de consument goed wordt geïnformeerd over zijn rechten en dat die op een doeltreffende wijze worden beschermd.

Bij Richtlijn 2003/55/EG worden gemeenschappelijke minimumnormen opgelegd om een hoog niveau van bescherming van de consument te waarborgen (recht om van leverancier te veranderen, transparantie van de contractuele voorwaarden, algemene informatie, mechanismen voor de beslechting van geschillen, enz.) en wordt er met name voor gezorgd dat kwetsbare consumenten naar behoren worden beschermd (bijvoorbeeld via passende maatregen om onderbreking van de gaslevering te voorkomen).

De levering van gas wordt beschouwd als een dienst van algemeen belang waarop de burgers tegen betaling recht hebben. De richtlijn maakt het voor de lidstaten dan ook mogelijk om openbare­dienst­verplichtingen op te leggen om de leveringszekerheid, de doelstellingen van economische en sociale samenhang, de kwaliteit en prijs van de gasvoorziening en de bescherming van het milieu te waarborgen.

Regelgevende instanties

Cruciaal voor de goede functionering van de interne aardgasmarkt zijn de in elke lidstaat aangewezen onafhankelijke regelgevende instanties, die met name belast zijn met de inachtneming van het non-discriminatiebeginsel, het niveau van transparantie en mededinging, de tarieven en de methoden voor de berekening van de tarieven. De regelgevende instanties zijn ook verantwoordelijk voor het beslechten van geschillen.

Bij Besluit 2003/796/EG werd een groep van Europese regelgevende instanties opgericht waarin de nationale regelgevende instanties zijn verenigd, met het oog op de consolidering van de interne gasmarkt en het toezicht op een samenhangende toepassing in alle lidstaten van de bepalingen van Richtlijn 2003/55/EG (de Europese groep van regelgevende instanties voor gas en elektriciteit of ERGEG).

Ontheffingen

In bepaalde situaties voorziet de richtlijn in ontheffingen of kunnen ontheffingen worden verleend overeenkomstig de in de richtlijn vastgestelde modaliteiten, namelijk in geval van:

  • geïsoleerde markten, met andere woorden wanneer een lidstaat niet direct verbonden is met het stelsel van systemen van een andere lidstaat en slechts één externe hoofdleverancier heeft;
  • opkomende markten, met andere woorden markten waar de eerste commerciële levering in het kader van het eerste langlopende aardgasleveringscontract hoogstens tien jaar tevoren heeft plaatsgevonden;
  • geografisch beperkte gebieden in de lidstaten, bijvoorbeeld naar gelang van de omvang en de ontwikkeling van het gasnetwerk van het betrokken gebied en de rentabiliteit van de investeringen die nodig zijn om de toepassing van de richtlijn te waarborgen;
  • gebrek aan capaciteit;
  • de ontwikkeling van infrastructuurcapaciteit of nieuwe infrastructuur;
  • de omstandigheid dat toegang tot het netwerk de uitvoering van de openbare­dienst­verplichtingen belemmert;
  • ernstige economische moeilijkheden van een gasbedrijf, met name ten gevolge van take-or-pay-verbintenissen (clausules in een contract voor de aankoop van gas die, enerzijds, de gasleverancier verplichten een bepaalde minimumhoeveelheid gas te leveren en, anderzijds, de klant verplichten deze hoeveelheid te betalen, ongeacht het feit of zij al dan niet is afgenomen).

Voorts kunnen de lidstaten tijdelijke beschermingsmaatregelen nemen in het geval van een plotselinge crisis op de energiemarkt of wanneer de fysieke veiligheid van personen, de veiligheid of betrouwbaarheid van apparatuur of installaties of de systeemintegriteit worden bedreigd.

Follow-up en voorzieningszekerheid

Jaarlijks stelt de Europese Commissie een "voortgangsverslag" () op, waarin de voortgang wordt geëvalueerd bij de totstandbrenging van concurrerende elektriciteits- en gasmarkten, dit op basis van de door de regeringen en nationale regelgevende instanties verstrekte informatie.

Voorts is het absoluut noodzakelijk de voorzieningszekerheid te versterken door afdoende investeringen in het transmissienet te waarborgen en er zo voor te zorgen dat onderbrekingen van de gasvoorziening worden voorkomen, het evenwicht tussen vraag en aanbod in de verschillende lidstaten wordt bewaakt en de interconnectiecapaciteit en de kwaliteit en het niveau van het onderhoud van de netwerken worden verzekerd. Een dergelijk toezicht maakt het mogelijk tijdig passende maatregelen te treffen bij haperingen van de gasvoorziening.

Toepassingsgebied

Richtlijn 2003/55/EG is van toepassing op de gasmarkt, waarbij onder 'gas' zowel aardgas als vloeibaar aardgas (LNG), biogas, uit biomassa verkregen gas en alle andere soorten gas wordt bedoeld dat technisch gesproken in het aardgassysteem kan worden getransporteerd.

Bijgevolg moeten de lidstaten, voor zover dat verenigbaar is met de kwaliteitseisen en de technische en veiligheidsnormen, waken over de niet-discriminerende toegang tot het aardgassysteem van biogas en uit biomassa verkregen gas en alle andere soorten gas.

Context

De interne gasmarkt, in parallel met de interne mark voor elektriciteit, is een essentieel onderdeel van een concurrerende interne energiemarkt binnen de EU. De interne gasmarkt is in een eerste fase ingevoerd bij Richtlijn 98/30/EG die, in een tweede fase, is ingetrokken en vervangen door Richtlijn 2003/55/EG.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtreding - VervaldatumUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Richtlijn 2003/55/EG

4.8.2003

1.7.2004

L 176 van 15.7.2003

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Commissie van 11 maart 2009 aan de Raad en het Europees Parlement - Verslag over de vooruitgang die is geboekt bij de totstandbrenging van de interne markt voor gas en elektriciteit [COM(2009) 115 definitief - Niet gepubliceerd in het Publicatieblad].
In het verslag wordt een stand van zaken opgemaakt met betrekking tot de omzetting van het tweede pakket maatregelen betreffende de interne energiemarkt. Er werden heel wat inspanningen gedaan om tot een werkelijke concurrentie te komen, met name in het kader van regionale initiatieven.

Toch zijn de gasprijzen in de eerste helft van 2008 fors gestegen en werd de functionele ontvlechting van de distributiesysteembeheerders (verplicht sinds 1 juli 2007) niet systematisch uitgevoerd. De lidstaten maken nog vaak gebruik van de mogelijkheid tot afwijking van de ontvlechtingsregels op distributieniveau.

Bovendien heeft de Commissie slechts weinig cijfermateriaal over de overstap naar andere gasleveranciers door de gebruikers, waardoor de concurrentie op de markt maar moeilijk kan worden beoordeeld.

De interne gasmarkt is nog te sterk versnipperd. Om daar verandering in te brengen, moet prioriteit worden gegeven aan de integratie van de markten alsmede aan de verdere ontwikkeling van infrastructuur en grensoverschrijdende handel. Tot slot is ten zeerste aan te bevelen af te stappen van gereguleerde tarieven aangezien zij de mededinging verstoren en andere potentiële leveranciers ervan weerhouden tot de markt toe te treden.

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn2003/55/EG betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas [COM(2007) 529 definitief - Niet gepubliceerd in het Publicatieblad].
Hierbij wordt een derde wetgevingspakket voorgesteld om de openstelling van de Europese energiemarkten voor concurrentie af te ronden en de interne markt voor energie te verwezenlijken.

De interne markt voor energie functioneert momenteel immers niet naar behoren en de huidige regels maken het niet mogelijk aan die gebreken te verhelpen, zo heeft de Commissie geconstateerd in haar sectoraal onderzoek. De voorstellen voor het derde wetgevingspakket sporen met de mededeling betreffende de vooruitzichten voor de interne gas- en elektriciteitsmarkt en behelzen:

  • de scheiding van productie en levering van het beheer van de transmissienetwerken, hetzij via ontvlechting van het patrimonium (één onderneming kan dan niet langer zowel de eigenaar van het transmissiesysteem zijn als de energieproductie en -levering verzorgen), hetzij door de aanwijzing van een onafhankelijke transmissiesysteembeheerder (verticaal geïntegreerde ondernemingen kunnen dan eigenaar van het netwerk blijven op voorwaarde dat het beheer ervan daadwerkelijk gebeurt door een volledig onafhankelijke onderneming of instantie). Bovendien wordt gespecificeerd dat niet-Europese exploitanten bovengenoemde ontvlechtingseisen in acht moeten nemen wanneer zij een aanzienlijk aandeel in het Europese netwerk willen verwerven;
  • versterkte en onafhankelijke bevoegdheden van de nationale regelgevende instanties en onderlinge samenwerking daarvan dankzij de oprichting van een agentschap voor de samenwerking tussen de energieregelgevers, dat bevoegd wordt om afdwingbare besluiten te nemen en sancties op te leggen;
  • een formalisering van de Europese netwerken van transmissiesysteembeheerders met het oog op een betere coördinatie en, met name, de uitwerking van gemeenschappelijke technische en marktcodes;
  • een verbetering van de functionering van de markt, meer bepaald door een grotere transparantie en een effectieve toegang tot opslaginstallaties en terminals voor vloeibaar aardgas (LNG).

De Commissie stelt vijf projecten voor met het oog op de wijziging van Richtlijn 2003/54/EG en Richtlijn 2003/55/EG betreffende respectievelijk de elektriciteitsmarkt en de gasmarkt, alsook van de Verordeningen (EG) nr. 1228/2003 en 1775/2005 inzake respectievelijk de toegang tot de elektriciteitsnetwerken en de toegang tot de gasnetwerken, en met het oog op de oprichting van een agentschap voor de samenwerking van de energieregelgevers.
Medebeslissingsprocedure (COD/2007/0196).

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 10 januari 2007 - Vooruitzichten voor de interne gas- en elektriciteitsmarkt [COM(2006) 841 definitief - Niet gepubliceerd in het Publicatieblad].

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 10 januari 2007 - op grond van artikel 17 van Verordening (EG) nr. 1/2003 naar de Europese gas- en elektriciteitssectoren (Eindverslag) [COM(2006) 851 definitief - Niet gepubliceerd in het Publicatieblad].

Verordening (EG) nr. 1775/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten [Publicatieblad L 289 van 3.11.2005].

Besluit 2003/796/EG van de Commissie van 11 november 2003 tot oprichting van de Europese groep van regelgevende instanties voor elektriciteit en gas [Publicatieblad L 296 van 14.11.2003].

Laatste wijziging: 28.05.2009

Zie ook

Meer informatie is te vinden op de pagina's "aardgas" van de internetsite van het DG Energie en Vervoer (EN).

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven