RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten

Overheidsopdrachten vervullen een belangrijke rol in de globale economische prestatie van de Europese Unie. De Europese overheden besteden ongeveer 18 % van hun BBP aan leveringen, werken en diensten. De huidige generatie richtlijnen inzake overheidsopdrachten, met name de Richtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG, is het resultaat van een lang proces dat begon in 1971 met de goedkeuring van Richtlijn 71/305/EEG. Deze richtlijnen garanderen procedures die transparant en niet discriminerend zijn, en zijn er in de eerste plaats op gericht te zorgen dat de economische actoren ten volle kunnen genieten van de fundamentele vrijheden van de concurrentie om overheidsopdrachten.

BESLUIT

Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten [Zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

De Richtlijn 2004/17/EG voor de “specifieke sectoren” water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten (de zogenoemde “specifieke sectoren”) is van toepassing op overheidsopdrachten afgesloten door een aanbestedende dienst in sectoren met betrekking tot:

  • leveringen;
  • diensten;
  • werken;

die niet bij uitzondering zijn uitgesloten door de richtlijn zelf. In tegenstelling tot de zogenoemde “klassieke” richtlijn, is deze richtlijn niet van toepassing op concessieovereenkomsten voor werken.

Toepassingsgebied

Aanbestedende diensten

De richtlijn voor de “specifieke sectoren” is van toepassing op:

  • alle aanbestedende overheidsdiensten * of overheidsbedrijven * die werkzaam zijn in de sectoren gas-, water- en energievoorziening, vervoer, postdiensten *, winning van brandstoffen, en haven- of luchthavenfaciliteiten;
  • alle aanbestedende diensten die geen aanbestedende overheidsdiensten of overheidsbedrijven zijn, een (of meer) van de hiervoor genoemde activiteiten uitoefenen en genieten van bijzondere of uitsluitende rechten * zoals bepaald in de richtlijn en welke hun door een bevoegde instantie van een lidstaat zijn verleend.

In de bijlage bij de richtlijn zijn niet-limitatieve lijsten van aanbestedende diensten opgenomen. Eventuele wijzigingen hierin moeten door de lidstaten aan de Commissie worden medegedeeld.

Betrokken activiteiten

De richtlijn is van toepassing op de volgende activiteiten:

  • beschikbaarstelling of exploitatie van vaste netten voor openbare dienstverlening in verband met de productie, het vervoer of de distributie van gas, warmte of elektriciteit, of de gas-, warmte of elektriciteitstoevoer naar deze netten;
  • beschikbaarstelling of exploitatie van vaste netten voor openbare dienstverlening in verband met de productie, het vervoer of de distributie van drinkwater of de drinkwatertoevoer naar deze netten;
  • opdrachten of prijsvragen in verband met bevloeiing, drainage of waterbouwtechnische projecten, indien de aanbestedende dienst werkzaam is op het gebied van het drinkwater, alsook opdrachten in verband met de afvoer of behandeling van afvalwater;
  • beschikbaarstelling of exploitatie van netten voor openbare dienstverlening in verband met het vervoer per trein, automatische systemen, tram, trolleybus, autobus of kabel. Openbaar vervoer per autobus valt niet onder de richtlijn, indien andere diensten deze vorm van dienstverlening algemeen of voor een bepaald geografisch gebied vrijelijk onder dezelfde voorwaarden aanbieden als de aanbestedende diensten;
  • levering van postdiensten *. Hieronder vallen voorbehouden postdiensten in de zin van Richtlijn 97/67/EG en postdiensten die niet uit hoofde van Richtlijn 97/67/EG kunnen worden voorbehouden. De richtlijn is eveneens van toepassing, indien de hierna genoemde vormen van dienstverlening worden geleverd door een dienst die ook postdiensten verzorgt en het marktgebied nog niet aan mededinging blootstaat: beheer van postdiensten (bijvoorbeeld mailroom management services), diensten met een meerwaarde die verband houden met elektronische post en die volledig langs elektronische weg plaatsvinden (bijvoorbeeld beveiligde doorgifte van gecodeerde documenten langs elektronische weg, adresbeheersdiensten), niet-geadresseerde direct mail, financiële diensten (bijvoorbeeld postwissels en girale overschrijvingen), filateliediensten en logistieke diensten;
  • exploitatie van een geografisch gebied met het oog op de prospectie of winning van aardolie, gas, steenkool of andere vaste brandstoffen, of de beschikbaarstelling aan lucht-, zee- of riviervervoerders van luchthaven-, zeehaven-, binnenhaven- of andere aanlandingsfaciliteiten.

Indien in de betrokken sectoren daadwerkelijk sprake is van mededinging, vallen de betreffende opdrachten niet langer onder de richtlijn. De lidstaten kunnen de Commissie verzoeken om een besluit te nemen, waarin volgens een voorgeschreven procedure wordt vastgesteld dat in een lidstaat en een bepaalde sector daadwerkelijk mededinging heerst. Om te bepalen of dit het geval is, wordt naar de kenmerken van de betreffende goederen of diensten, het wel of niet voorhanden zijn van alternatieve goederen of diensten, de prijzen en de aanwezigheid van concurrenten gekeken. De Commissie kan ook op eigen initiatief of op verzoek van nationale aanbestedende diensten een besluit nemen (op voorwaarde dat in de nationale wetgeving tot omzetting van de richtlijn in deze mogelijkheid is voorzien), waarin wordt vastgesteld dat in een lidstaat en een bepaalde sector daadwerkelijk van mededinging kan worden gesproken. Komt het binnen de hiervoor vastgestelde termijn niet tot een besluit, dan is de richtlijn niet van toepassing.

Herziene drempelbedragen

De richtlijn is van toepassing op opdrachten waarvan de geraamde waarde exclusief BTW gelijk is aan of hoger dan de volgende drempelbedragen:

  • 400 000 euro in het geval van opdrachten voor leveringen en voor diensten;
  • 5 000 000 euro in het geval van opdrachten voor de uitvoering van werken.

Deze drempelbedragen worden iedere twee jaar door de Commissie herberekend op basis van de gemiddelde dagwaarde van de euro die in bijzondere trekkingsrechten (BTR) wordt uitgedrukt. De gemiddelde dagwaarde wordt berekend over een periode van vierentwintig maanden, die eindigt op de laatste dag van de maand augustus die onmiddellijk voorafgaat aan de eerste januari van het jaar waarop de herziening van kracht wordt.

Voor de lidstaten die de euro niet hebben ingevoerd, worden ieder jaar de tegenwaarden van de drempelbedragen naar aanleiding van de bekendmaking van de herziene drempelbedragen in euro door de Europese Commissie berekend en in het Publicatieblad bekendgemaakt.

Uitgesloten of voorbehouden opdrachten

De richtlijn is niet van toepassing op:

  • concessieovereenkomsten voor werken of diensten in de betrokken sectoren;
  • opdrachten die geplaatst worden met het oog op wederverkoop of verhuur aan derden, andere doeleinden dan de uitoefening van een activiteit in de betrokken sectoren of de uitoefening van dergelijke activiteiten in een derde land.
    De Commissie kan in het Publicatieblad een lijst met categorieën uitgesloten producten en activiteiten publiceren;
  • geheime opdrachten, opdrachten die bijzondere veiligheidsmaatregelen vereisen en opdrachten die op grond van internationale voorschriften worden geplaatst;
  • opdrachten die worden gegund aan een aan de aanbestedende dienst verbonden onderneming en opdrachten die voor de uitoefening van de onder de richtlijn vallende activiteiten worden geplaatst door een gemeenschappelijke onderneming die uitsluitend uit verscheidene aanbestedende diensten bestaat.
  • contracten toegekend aan een onderneming waarvan de jaarrekeningen geconsolideerd zijn met die van de aanbestedende dienst of die uit hoofde van eigendom, financiële deelneming of geldende voorschriften onder overheersende invloed van een andere onderneming staat.
    De aanbestedende diensten delen de Commissie de namen van de betrokken (gemeenschappelijke) ondernemingen, alsook de aard en de waarde van de betreffende opdrachten mee;
  • opdrachten voor diensten die op basis van een alleenrecht worden gegund;
  • opdrachten voor de volgende vormen van dienstverlening: koop of huur van grond, bestaande gebouwen en andere onroerende goederen of de rechten hierop (financiële dienstverlening voorafgaand aan, gelijktijdig met of als vervolg op het koop- of huurcontract valt wel onder de richtlijn), arbitrage en bemiddeling, de uitgifte, de aankoop, de verkoop en de overdracht van effecten (bijvoorbeeld operaties van de aanbestedende diensten om geld of kapitaal aan te trekken), arbeidsovereenkomsten, en diensten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling (O&O) die volledig door de aanbestedende dienst worden gefinancierd;
  • opdrachten die door bepaalde diensten worden geplaatst voor de aankoop van water en voor de levering van energie of brandstoffen voor energieopwekking;
  • bepaalde opdrachten die in Duitsland, Oostenrijk, Nederland en het Verenigd Koninkrijk onder een bijzondere regeling vallen en te maken hebben met de prospectie en winning van aardolie, gas, steenkool en andere vaste brandstoffen;
  • bepaalde overheidsopdrachten op het gebied van defensie en veiligheid die onder Richtlijn 2009/81/EG vallen.

De lidstaten kunnen deelneming aan bepaalde opdrachten voorbehouden aan sociale werkplaatsen. Ook kan worden bepaald dat de uitvoering van opdrachten in het kader van programma’s voor beschutte arbeid moet plaatsvinden, indien de meerderheid van de betrokken werknemers gehandicapt zijn.

Bepalingen die op opdrachten van toepassing zijn

Gunningscriteria

Voor de gunning van een opdracht hanteert de aanbestedende dienst de volgende criteria:

  • ofwel enkel de laagste prijs;
  • ofwel, indien de opdracht aan de inschrijver met de economisch voordeligste inschrijving wordt gegund, verschillende criteria die verband houden met het voorwerp van de opdracht (bijvoorbeeld kwaliteit, prijs, technische waarde, esthetische en functionele kenmerken, milieutechnische eigenschappen, gebruikskost, rentabiliteit, dienst-na-verkoop en technische bijstand, leveringsdatum, uitvoeringstermijn, enz.).

De aanbestedende dienst moet in beginsel de coëfficiënt aangeven waarmee ieder gekozen criterium wordt gewogen.

Regels voor bekendmaking en doorzichtigheid

Opdrachten met een waarde boven de drempelbedragen uit de richtlijn moeten bekend worden gemaakt en transparant zijn. Deze eisen vinden met name hun beslag in aankondigingen die aan de hand van standaardformulieren van de Commissie op te stellen zijn. Er wordt onderscheid gemaakt tussen:

  • aankondigingen van een periodieke aankondiging (niet verplicht);
  • periodieke indicatieve aankondigingen voor opdrachten voor leveringen of diensten van 750 000 euro of meer en voor opdrachten voor werken van 5 000 000 euro of meer.
    De aanbestedende dienst kan deze aankondigingen (na verzending van de aankondiging van een periodieke aankondiging) zelf via zijn kopersprofiel bekendmaken of opsturen naar het Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen.
  • Bekendmaking van deze aankondigingen is alleen verplicht, indien de aanbestedende dienst de termijn voor de indiening van de inschrijvingen wenst in te korten of de aankondiging als oproep tot mededinging wordt gebruikt;
  • aankondigingen van opdrachten of van prijsvragen (verplicht).
  • Deze aankondigingen moeten door de aanbestedende dienst op nationaal niveau bekend worden gemaakt en naar het Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen worden gestuurd. Dit bureau maakt ze gratis en onverkort in een officiële taal van de Europese Unie bekend. In de andere talen van de Europese Unie verschijnt een samenvatting;
  • aankondigingen van geplaatste opdrachten of van uitslagen van prijsvragen (verplicht);
  • aankondigingen betreffende het bestaan van een erkenningsregeling.

De aanbestedende dienst kan de aankondigingen langs klassieke of elektronische weg naar de Commissie sturen. Modellen van de te gebruiken formulieren en inlichtingen voor het verzenden zijn te vinden in het informatiesysteem voor overheidsopdrachten (SIMAP).

De aanbestedende dienst moet informatie verstrekken over de besluiten inzake de gunning van opdrachten en dient ook de redenen aan te geven waarom een opdracht niet wordt geplaatst. De aanbestedende dienst moet de genomen gunningsbesluiten bij iedere opdracht kunnen onderbouwen en de gegevens daaromtrent gedurende ten minste vier jaar bewaren. Ze dient op zo kort mogelijke termijn:

  • iedere afgewezen inschrijver op de hoogte te stellen van de redenen voor de afwijzing;
  • iedere inschrijver die een aan de eisen beantwoordende inschrijving heeft ingediend mee te delen wat de voordelen van de geselecteerde inschrijving zijn en aan wie de opdracht is gegund.

Bij de uitwisseling van informatie tussen de verschillende betrokkenen en de opslag daarvan moet voor integriteit van de gegevens en een vertrouwelijke behandeling van de inschrijvingen worden gezorgd. De aanbestedende dienst mag pas na het verstrijken van de uiterste indieningstermijn kennisnemen van de inhoud van de inschrijving. Door de inschakeling van elektronische communicatiemiddelen, die niet-discriminerend werken, kunnen de procedures sneller worden afgewikkeld. Worden communicatiemiddelen voor de indiening van inschrijvingen langs elektronische weg ingeschakeld, dan kunnen elektronische handtekeningenworden geplaatst, de echtheid, integriteit en vertrouwelijke behandeling van de gegevens worden veiliggesteld en eventuele gevallen van fraude worden ontdekt.

Technische specificaties

In de technische specificaties worden de kenmerken omschreven waaraan materialen, leveringen of diensten moeten voldoen om conform hun bestemming gebruikt te kunnen worden. De technische specificaties moeten op zodanige wijze in de aanbestedingsstukken (aankondigingen van opdrachten, bestekken en aanvullende stukken) worden vermeld dat er geen onrechtvaardige belemmeringen voor concurrenten ontstaan. Tot de te vermelden kenmerken behoren zaken als milieuvriendelijkheid, ontwerp, overeenstemmingsbeoordeling, geschiktheid voor het gebruik, veiligheid, afmetingen, kwaliteitszorg en productiemethoden. In het geval van opdrachten voor werken komen daar nog de voorwaarden voor proefnemingen, controles en de oplevering van de werken, alsook de constructietechnieken bij. Ze moeten in ieder geval verband houden met het voorwerp van het contract.

Bij de opstelling van de technische specificaties moet de aanbestedende dienst zich aan de nationale normen houden die afgeleid zijn van Europese normen, Europese technische goedkeuringen en internationale normen. Vooral op milieugebied kan de aanbestedende dienst ook prestatie-eisen en functionele eisen (bijvoorbeeld Europese milieukeurmerken) vastleggen. Een inschrijving moet in aanmerking worden genomen, indien de inschrijver kan aantonen dat de door hem voorgestelde oplossingen op gelijkwaardige wijze voldoen aan de eisen in de technische specificaties. Een technisch dossier of een testverslag van een erkende organisatie (laboratorium, inspectie- en certificatieorganisatie) kan een passend middel zijn om dit te bewijzen.

In de technische specificaties mag in beginsel geen melding worden gemaakt van een fabrikaat, noch van een specifiek procedé. Ook mag niet worden verwezen naar een bepaald merk, octrooi of een bepaald type productie.

Capaciteit van de ondernemers en bestrijding van fraude en corruptie

In de Europese wetgeving zijn de voorwaarden vastgelegd die met betrekking tot deelneming aan overheidsopdrachten kunnen worden opgelegd. Deze voorwaarden hebben ten doel na te gaan of ondernemers geschikt zijn om deel te nemen aan een opdracht op basis van criteria als economische en financiële draagkracht, technische bekwaamheid en/of vakbekwaamheid.

De voorwaarden voor deelneming beogen ook een bijdrage te leveren aan een doeltreffende bestrijding van fraude en corruptie. Ondernemers die wegens lidmaatschap van een criminele organisatie veroordeeld zijn of zich schuldig hebben gemaakt aan fraude, corruptie of het witwassen van geld worden automatisch van deelname uitgesloten. De aanbestedende dienst kan van een inschrijver bewijsstukken over zijn of haar gedrag en/of financiële situatie verlangen. Ook kan bij de hiervoor bevoegde nationale autoriteiten of autoriteiten van een andere lidstaat informatie worden ingewonnen. In dit verband wordt erop gewezen dat de uitsluitingscriteria alleen verplicht zijn voor aanbestedende overheidsdiensten. Andere aanbestedende diensten (overheidsbedrijven en particuliere bedrijven waaraan bijzondere of uitsluitende rechten zijn toegekend) staat het vrij deze criteria wel of niet te hanteren.

Van deelname aan overheidsopdrachten kunnen ondernemers worden uitgesloten die:

  • in staat van faillissement, vereffening, akkoord of surseance van betaling verkeren, een faillissementsaanvraag hebben gedaan, een procedure van vereffening, akkoord of surseance van betaling hebben lopen, of hun werkzaamheden hebben gestaakt;
  • zich schuldig hebben gemaakt aan een delict dat in strijd is met de gedragsregels van hun beroep;
  • bij de uitoefening van hun beroep een ernstige fout hebben begaan (bijvoorbeeld valse verklaringen hebben afgelegd);
  • niet voldaan hebben aan de verplichting tot afdracht van sociale premies en belastingen.

Elektronische en klassieke communicatiemiddelen op voet van gelijkheid

In de richtlijn worden elektronische en klassieke middelen voor de uitwisseling van gegevens op voet van gelijkheid behandeld. De betrokkenen kunnen zelf bepalen met wat voor communicatiemiddelen ze in de loop van de procedure willen werken. Indien van elektronische communicatiemiddelen gebruik wordt gemaakt, kan de aanbestedende dienst de termijnen inkorten (daarbij moet wel een bepaalde minimumduur worden aangehouden):

  • worden aankondigingen die als oproep tot mededinging dienen (al naar gelang een aankondiging van een opdracht, een periodieke aankondiging of een aankondiging betreffende het bestaan van een erkenningsregeling) langs elektronische weg bekendgemaakt, dan kan de indieningstermijn in het geval van een openbare procedure met zeven dagen worden ingekort. Hetzelfde geldt voor de indiening van aanvragen tot deelneming bij niet-openbare procedures en procedures van gunning door onderhandelingen;
  • worden de aanbestedingsstukken op internet geplaatst, dan kan de termijn voor de indiening van de inschrijvingen in het geval van openbare procedures, niet-openbare procedures en procedures van gunning door onderhandelingen met nog eens vijf dagen worden ingekort.

Als nieuwe aankooptechniek is het dynamische aankoopsysteem in opkomst. Dit systeem stoelt geheel en al op elektronische communicatiemiddelen.

Elektronische veilingen

De aanbestedende dienst kan voor de gunning van een opdracht gebruik maken van een elektronische veiling. Elektronische veilingen zijn toegestaan voor elk type opdracht, met uitzondering van bepaalde opdrachten voor diensten en werken die te maken hebben met werkzaamheden van intellectuele aard (bijvoorbeeld het ontwerpen van werken). Elektronische veilingen draaien om:

  • de prijs, indien de opdracht aan de inschrijving met de laagste prijs wordt gegund;
  • of om de prijs en/of andere elementen van de inschrijving, indien de opdracht gegund wordt aan de inschrijver met de economisch voordeligste inschrijving.

In het bestek moeten de volgende gegevens worden opgenomen:

  • de kwantificeerbare elementen (cijfers of percentages) van de veiling en de vereiste minimumverschillen voor de biedingen;
  • het verloop van de veiling en de specificaties voor de verbinding met de veiling.

Voordat tot een elektronische veiling wordt overgegaan, dient de aanbestedende dienst eerst een evaluatie van de inschrijvingen te maken. Daarna worden de inschrijvers allemaal gelijktijdig langs elektronische weg uitgenodigd om aan de veiling deel te nemen. In de uitnodiging worden de datum, de begintijd en in voorkomend geval het aantal fasen van de veiling vermeld. Ook wordt de wiskundige formule voor de automatische herklasseringen aangegeven. In deze formule zijn de coëfficiënten verwerkt waarmee de gunningscriteria worden gewogen. De deelnemers aan de veiling kunnen in elke fase zien hoe ze ten opzichte van de andere deelnemers staan. De identiteit van die andere deelnemers wordt hen niet bekendgemaakt.

De elektronische veiling eindigt op een van tevoren vastgestelde datum en een van tevoren vastgesteld uur. Ook kan de veiling worden gesloten nadat een bepaalde termijn na de laatste bieding verstreken is of alle fasen van de veiling hebben plaatsgevonden.

Afwijzing van abnormaal lage inschrijvingen of inschrijvingen die producten uit derde landen bevatten

De aanbestedende dienst kan inschrijvingen afwijzen, indien:

  • de inschrijver vooral door ten onrechte toegekende overheidssteun een abnormaal lage inschrijving heeft kunnen indienen; in dit geval dient de aanbestedende dienst de ondernemer wel in de gelegenheid te stellen om de samenstelling van de betreffende inschrijving toe te lichten.
  • de inschrijving voor meer dan 50 % van de totale waarde op producten uit derde landen stoelt, wier opdrachten niet dankzij multilaterale of bilaterale akkoorden voor Europese ondernemingen openstaan.

Alle moeilijkheden die ondernemingen bij de toewijzing van opdrachten voor diensten in derde landen hebben ondervonden, moeten door de lidstaten worden gesignaleerd. Dit geldt vooral voor internationale arbeidsnormen die niet in acht worden genomen. De Commissie dient van haar kant ieder jaar bij de Raad een verslag in over de onderhandelingen die met derde landen over de openstelling van de onder de richtlijn vallende opdrachten voor Europese ondernemingen zijn gevoerd. De Commissie kan de Raad om een besluit verzoeken, waardoor onder de richtlijn vallende opdrachten voor diensten in de Europese Unie slechts beperkt (of geheel niet) aan met derde landen verbonden ondernemingen mogen worden gegund.

Procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten

Er bestaan verscheidene procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten, namelijk de openbare procedure, de niet-openbare procedure, de procedure van gunning door onderhandelingen met of zonder bekendmaking van een aankondiging. De concurrentiegerichte dialoog die in 2004 werd ingevoerd voor de klassieke richtlijn, is echter niet beschikbaar voor de specifieke sectoren.

Opdrachten kunnen onder de volgende voorwaarden zonder voorafgaande oproep tot mededinging door de aanbestedende dienst worden gegund:

  • indien in het kader van een procedure met een voorafgaande oproep tot mededinging geen geschikte inschrijvingen of aanmeldingen zijn binnengekomen, een opdracht uitsluitend voor onderzoeks- en ontwikkelingsdoeleinden wordt geplaatst, de opdracht om technische of artistieke redenen of met het oog op de bescherming van uitsluitende rechten alleen aan een bepaalde ondernemer kan worden gegund, door onverwachte gebeurtenissen dringende spoed geboden is, of indien opdrachten worden geplaatst op basis van een raamovereenkomst die overeenkomstig de bepalingen van de richtlijn gesloten is;
  • in het geval van opdrachten voor leveringen: indien voor aanvullende leveringen van leverancier moet worden veranderd en dit tot aanschaf van materieel met andere technische eigenschappen zou leiden, op een grondstoffenmarkt genoteerde goederen worden aangekocht, of het om gelegenheidsaankopen of aanschaffingen tegen bijzonder voordelige voorwaarden bij een leverancier gaat die zijn handelsactiviteiten staakt of failliet is gegaan;
  • indien het om aanvullende werken of diensten gaat die niet in het oorspronkelijke ontwerp waren opgenomen maar door onvoorziene omstandigheden noodzakelijk zijn geworden;
  • indien het om nieuwe werken gaat waarbij soortgelijke werken opnieuw ten uitvoer worden gebracht;
  • in het geval van opdrachten voor diensten: indien de opdracht volgens de regels van de prijsvraag aan de winnaar moet worden gegund.

De openbare procedure

In het geval van openbare procedures kan elke belangstellende ondernemer inschrijven.

Na de aankondiging van de opdracht bedraagt de termijn waarin inschrijvingen kunnen worden ingediend minimaal tweeënvijftig dagen. Indien een periodieke indicatieve aankondiging bekendgemaakt is, kan die termijn in het algemeen worden teruggebracht tot zesendertig dagen. Korter dan tweeëntwintig dagen mag de termijn in geen geval zijn.

De niet-openbare procedure

In het geval van een niet-openbare procedure kan elke ondernemer een aanvraag tot deelneming indienen en kunnen daartoe uitgekozen gegadigden inschrijven.

De minimumtermijn voor de indiening van de aanvragen tot deelneming is in het algemeen zevenendertig dagen. De termijn gaat in op de dag waarop de aankondiging van de opdracht gepubliceerd is (of de uitnodiging tot bevestiging van de belangstelling voor de opdracht, indien aan de hand van een periodieke indicatieve aankondiging een oproep tot mededinging gedaan is). De termijn mag niet korter zijn dan tweeëntwintig dagen (vijftien dagen, indien de aankondiging langs elektronische weg is verzonden). Daarna verzoekt de aanbestedende dienst de daartoe uitgekozen gegadigden allemaal gelijktijdig langs schriftelijke weg om een inschrijving in te dienen. De termijn voor de indiening van de inschrijvingen, die voor alle gegadigden gelijk dient te zijn, kan in onderling overleg tussen de aanbestedende dienst en de uitgekozen gegadigden worden vastgesteld. Indien er geen overeenstemming kan worden bereikt, stelt de aanbestedende dienst een termijn vast. Deze termijn, die ingaat op de datum van de uitnodiging, bedraagt in het algemeen ten minste vierentwintig dagen. Korter dan tien dagen mag de termijn in geen geval zijn.

De procedure van gunning door onderhandelingen

In het geval van procedures van gunning door onderhandelingen raadpleegt de aanbestedende dienst de door hem gekozen ondernemers en stelt door onderhandelingen met de gegadigden de voorwaarden van de opdracht vast.

In het geval van gunning door onderhandelingen na bekendmaking van een aankondiging worden de procedure en de minimumtermijnen voor indiening van de aanvragen tot deelneming en de inschrijvingen van de niet-openbare procedure aangehouden.

Prijsvragen op het gebied van diensten

De richtlijn is van toepassing op prijsvragen die worden georganiseerd in het kader van een procedure voor het plaatsen van opdrachten voor diensten die een waarde van ten minste 400 000 euro hebben of premies voor deelname van hetzelfde bedrag met zich meebrengen.

Er mogen geen prijsvragen worden georganiseerd voor:

  • opdrachten die voor andere doeleinden dan de uitoefening van in deze richtlijn bedoelde activiteiten of voor de uitoefening van dergelijke activiteiten in een derde land worden geplaatst;
  • geheime opdrachten, opdrachten die bijzondere veiligheidsmaatregelen vereisen en op grond van internationale voorschriften te plaatsen opdrachten;
  • de uitoefening van een activiteit die aan mededinging blootgesteld is.

De aanbestedende dienst dient overeenkomstig de voorschriften voor het plaatsen van overheidsopdrachten een aankondiging van een prijsvraag bekend te maken. Bij de uitwisseling en opslag van informatie moet voor integriteit en een vertrouwelijke behandeling van de gegevens worden gezorgd. De aanbestedende dienst mag pas na afloop van de vastgestelde termijn kennisnemen van de ingediende plannen en ontwerpen.

De toelating tot prijsvragen mag niet worden beperkt tot het grondgebied van een lidstaat of een deel daarvan. Beperkingen op grond van de rechtspersoonlijkheid van de deelnemers zijn evenmin toegestaan. De gunningscriteria dienen helder en niet-discriminerend te zijn en daadwerkelijke concurrentie mogelijk te maken. De jury moet uit natuurlijke, onafhankelijke personen te bestaan. Wordt specifieke vakbekwaamheid voor deelname vereist, dan dient ten minste een derde van de juryleden over dezelfde kwalificatie beschikken. De jury dient de projecten aan de hand van de gunningscriteria te bekijken en haar beslissingen geheel autonoom te nemen. Vóór de eindbeslissing van de jury mogen de namen van de deelnemers niet worden bekendgemaakt.

Context

Deze richtlijn beantwoordt aan de noodzaak om de openheid van de markt te verzekeren, evenals een goed evenwicht bij de toepassing van de regels voor het plaatsen van overheidsopdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten. De richtlijn moet een gelijke behandeling verzekeren bij de aanbestedende instanties van de publieke en de private sector.

Belangrijkste begrippen
  • Overheidsopdracht: tussen een aanbestedende dienst en een ondernemer gesloten schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel voor de uitvoering van werken, leveringen of diensten.
  • Concessieovereenkomst (voor werken of diensten): overeenkomst die zich van een overheidsopdracht onderscheidt, doordat aan de ondernemer uitsluitend exploitatierechten worden toegekend of een met dit recht gepaarde gaande prijs wordt vastgelegd.
  • Aanbestedende dienst: de staat, de regionale en plaatselijke overheid, publiekrechtelijke lichamen (en daarbij aangesloten organisaties) die overheidsopdrachten kunnen plaatsen.
  • Overheidsbedrijf: elk bedrijf waarop de aanbestedende dienst uit hoofde van eigendom, financiële deelneming en van toepassing zijnde voorschriften overheersende invloed kan uitoefenen.
  • Ondernemer: een aannemer, leverancier of dienstverrichter die inschrijft op een aanbesteding.
  • Bijzondere of uitsluitende rechten: door een lidstaat toegekende rechten van een of meer diensten om als enige dienst een bepaalde activiteit te mogen uitoefenen, waardoor de mogelijkheden voor andere diensten om die activiteit uit te oefenen aan banden worden gelegd.
  • Postdienst: diensten die postzendingen ophalen, sorteren, vervoeren en bezorgen.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad

Richtlijn 2004/17/EG

30.4.2004

31.1.2006

PB L 134 van 30.4.2004

Wijzigingsbesluit(en)Datum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad

Richtlijn 2005/51/EG

21.10.2005

31.1.2006

PB L 257 van 1.10.2005

Verordening (EG) nr. 2083/2005

1.1.2006

PB L 333 van 20.12.2005

Verordening (EG) nr. 1422/2007

1.1.2008

PB L 317 van 5.12.2007

Richtlijn 2009/81/EG

21.8.2009

21.8.2011

PB L 216 van 20.8.2009

Verordening (EG) nr. 1177/2009

1.1.2010

PB L 314 van 1.12.2009

Verordening (EU) nr. 1251/2011

1.1.2012

PB L 319 van 2.12.2012

De opeenvolgende wijzigingen en rectificaties van Richtlijn 2004/17/EG zijn in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie heeft slechts informatieve waarde.

Laatste wijziging: 15.02.2012
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven