RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Beginsel van gelijke behandeling van vrouwen en mannen buiten de arbeidsmarkt

De huidige richtlijn creëert een kader om seksediscriminatie bij de toegang tot en de levering van goederen en diensten te bestrijden, in het bijzonder op het gebied van verzekeringen, met het oog op de toepassing in de lidstaten van het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen.

BESLUIT

Richtlijn 2004/113/EG van de Raad van 13 december 2004 tot uitvoering van het beginsel van gelijke behandeling van vrouwen en mannen bij de toegang tot en de levering van goederen en diensten.

SAMENVATTING

Werkingssfeer

Het verbod op seksediscriminatie heeft betrekking op de toegang tot en de levering van goederen en diensten, met betrekking tot zowel de overheidssector als de particuliere sector. De richtlijn is van toepassing op goederen en diensten die zonder onderscheids des persoons publiekelijk beschikbaar zijn (met andere woorden, ongeacht de individuele situatie van de potentiële consument) en die buiten de privé- en de gezinssfeer worden aangeboden. Onder diensten worden diensten verstaan die in ruil voor een vergoeding worden verleend.

De richtlijn is niet van toepassing op media- en reclame-inhoud, noch op het onderwijs.

Verschillen in behandeling van mannen en vrouwen zijn alleen aanvaardbaar als deze gerechtvaardigd worden door een legitiem doel, zoals bijvoorbeeld de bescherming van slachtoffers van seksegerelateerd geweld (opvanghuizen voor personen van hetzelfde geslacht) of vrijheid van vereniging (lidmaatschap van particuliere clubs met leden van hetzelfde geslacht). Iedere beperking moet evenwel passend en noodzakelijk zijn.

Beginsel van verbod op discriminatie op het gebied van goederen en diensten

De richtlijn verbiedt seksediscriminatie op het gebied van de toegang tot en de levering van goederen en diensten. Iedere vorm van directe seksediscriminatie *, en dus ook iedere vorm van ongunstige behandeling van vrouwen wegens zwangerschap en moederschap, alsook iedere vorm van indirecte seksediscriminatie * zijn dan ook verboden. Intimidatie * en seksuele intimidatie *, alsook het aanzetten tot discriminatie worden als seksediscriminatie beschouwd en zijn derhalve ook verboden. De richtlijn bevat definities van deze begrippen, die zijn overgenomen van eerdere richtlijnen.

Het beginsel van gelijke behandeling mag positieve acties om seksegerelateerde ongelijkheden op het gebied van goederen en diensten te voorkomen of te compenseren, niet in de weg staan.

De richtlijn stelt minimumvereisten vast: de lidstaten mogen bepalingen invoeren of handhaven die gunstiger zijn dan die van deze richtlijn, maar het is hun niet toegestaan het reeds bestaande niveau van bescherming op de door de richtlijn bestreken terreinen te verlagen.

Toepassing op het gebied van verzekeringen

De richtlijn verbiedt in beginsel het gebruik van de factor geslacht bij de berekening van premies en uitkeringen in het kader van verzekerings- en aanverwante financiële diensten in alle nieuwe contracten die na 21 december 2007 worden gesloten. De Commissie beschouwt de praktijk van verzekeringsmaatschappijen, waarbij mannen en vrouwen in verschillende pools worden verdeeld voor de premieberekening - aangezien zij niet dezelfde risico's lopen, in het bijzonder met betrekking tot hun levensverwachting - als een vorm van discriminatie. De leefstijl (sociaal-economische factoren, beroep, regionaal gebied, voedingsgewoonten, enz.) is een factor die een veel grotere impact op iemands levensverwachting heeft dan het geslacht..

Niettemin kunnen de lidstaten besluiten dit verbod niet toe te passen in de gevallen waarin sekse een bepalende factor is bij de beoordeling van het risico op basis van relevante en nauwkeurige actuariële en statistische gegevens, die aan het publiek bekend worden gemaakt. Vijf jaar na de omzetting van de richtlijn moeten de lidstaten nagaan of deze uitzonderingen nog steeds gerechtvaardigd zijn in het licht van de meest recente actuariële en statistische gegevens.

De lidstaten moeten echter garanderen dat de verzekeringskosten die verband houden met zwangerschap en moederschap (zoals een ziektekostenverzekering) gelijkelijk verdeeld worden over mannen en vrouwen. De lidstaten moeten uiterlijk op 21 december 2009 aan deze bepaling voldoen.

Organen voor de bevordering van gelijke behandeling

De richtlijn verplicht de lidstaten een of meer nationale organen aan te wijzen om de gelijke behandeling van vrouwen en mannen op de door de richtlijn bestreken terreinen te bevorderen. Deze organen zijn bevoegd om de problemen in kwestie te analyseren, aanbevelingen te doen en concrete bijstand aan de slachtoffers te verlenen.

Standaardbepalingen

De richtlijn voorziet in de mogelijkheid voor slachtoffers om gerechtelijke en/of administratieve procedures aan te spannen teneinde een passende schadeloosstelling of vergoeding te verkrijgen. De straffen moeten doeltreffend, evenredig en ontradend zijn. Wanneer de eiser voor de rechter feiten aanvoert die discriminatie kunnen doen vermoeden, berust de bewijslast bij de verweerder. Tevens is bepaald dat slachtoffers en getuigen van seksediscriminatie tegen vergeldingsmaatregelen moeten worden beschermd. Voorts bevordert dit voorstel de dialoog met niet-gouvernementele organisaties die bijdragen tot de bestrijding van seksediscriminatie.

Tijdschema

De lidstaten zorgen ervoor dat de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die met het beginsel van gelijke behandeling in strijd zijn, worden afgeschaft en dat met het beginsel van gelijke behandeling in strijd zijnde contractuele bepalingen en interne reglementen van ondernemingen en verenigingen nietig worden verklaard of worden gewijzigd.

De lidstaten bepalen welke sancties gelden voor overtredingen van de ter uitvoering van deze richtlijn vastgestelde nationale bepalingen, zorgen ervoor dat de inhoud van de richtlijn breed verspreid wordt en delen de Commissie uiterlijk op 21 december 2009 en daarna om de vijf jaar alle beschikbare informatie over de toepassing van deze richtlijn mee.

De Commissie stelt uiterlijk op 21 december 2010 een verslag op dat een evaluatie omvat van de praktijken in de lidstaten met betrekking tot het gebruik van sekse als een factor bij de berekening van premies en uitkeringen.

Context

Deze richtlijn is het resultaat van het voornemen van de Commissie om een voorstel in te dienen om seksediscriminatie buiten de arbeidsmarkt te verbieden, overeenkomstig de raamstrategie inzake de gelijkheid van mannen en vrouwen (2001-2005) en de Agenda voor het sociaal beleid van juni 2000. De Europese Raad van Nice in december 2000 heeft de Commissie hierin gestimuleerd door haar het verzoek te doen een voorstel voor een richtlijn aan te nemen ter bevordering van de gelijkheid van vrouwen en mannen op andere gebieden dan werkgelegenheid en beroep.

Deze richtlijn is gebaseerd op artikel 13 van het EG-Verdrag, waarin wordt bepaald dat de Raad met eenparigheid van stemmen op voorstel van de Commissie en na raadpleging van het Europees Parlement passende maatregelen kan nemen om discriminatie, in het bijzonder op grond van geslacht, te bestrijden.

Sleutelwoorden van het besluit
  • Directe discriminatie: er is sprake van directe discriminatie wanneer iemand op grond van zijn sekse ongunstiger wordt behandeld dan een ander in een vergelijkbare situatie wordt, is of zou worden behandeld.
  • Indirecte discriminatie: er is sprake van indirecte discriminatie wanneer een ogenschijnlijk neutrale bepaling, maatstaf of procedure personen van de ene sekse in vergelijking met personen van de andere sekse bijzonder benadeelt, tenzij die bepaling, maatstaf of procedure objectief wordt gerechtvaardigd door een legitiem doel en de middelen voor het bereiken van dat doel passend en noodzakelijk zijn.
  • Intimidatie: er is sprake van intimidatie bij ongewenst seksegerelateerd gedrag dat tot doel of gevolg heeft dat de waardigheid van een persoon wordt aangetast en een bedreigende, vijandige, kwetsende, vernederende of aanstootgevende omgeving wordt gecreëerd.
  • Seksuele intimidatie: er is sprake van seksuele intimidatie bij ongewenst fysiek, verbaal of non-verbaal gedrag van seksuele aard dat tot doel of gevolg heeft dat de waardigheid van een persoon wordt aangetast en een bedreigende, vijandige, kwetsende, vernederende of aanstootgevende omgeving wordt gecreëerd.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Richtlijn 2004/113/EG [goedkeuring: raadpleging CNS/2003/0265]21.12.200421.12.2007L 373 van 21.12.2004

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de regio's "Naar een communautaire raamstrategie inzake de gelijkheid van mannen en vrouwen (2001-2005)" [COM(2000) 335 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]

Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de regio's "Een agenda voor het sociaal beleid" [COM(2000) 379 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad].

Laatste wijziging: 29.08.2005
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven