Verplichting om de werknemer te informeren over de toepasselijke arbeidsvoorwaarden
Deze richtlijn verplicht de werkgever de werknemer te informeren over de voorwaarden die op zijn arbeidsovereenkomst of -verhouding van toepassing zijn. Zij stelt de belangrijkste gegevens vast die respectievelijk aan nationale werknemers en in het buitenland werkende werknemers moeten worden verstrekt. Zij bepaalt bovendien welke wijzen van informatie zijn toegestaan en welke termijnen moeten worden nageleefd.
BESLUIT
Richtlijn 91/533/EEG van de Raad van 14 oktober 1991 betreffende de verplichting van de werkgever de werknemer te informeren over de voorwaarden die op zijn arbeidsovereenkomst of -verhouding van toepassing zijn.
SAMENVATTING
De richtlijn is van toepassing op alle werknemers met een arbeidsovereenkomst of -verhouding die in de wetgeving van een lidstaat omschreven is en/of onder die wetgeving valt. De lidstaten kunnen bepalen dat zij niet van toepassing is op werknemers met een arbeidsovereenkomst of -verhouding:
- waarvan de totale duur niet langer is dan een maand en/of waarvan de wekelijkse arbeidstijd niet meer is dan acht uur;
- of die incidenteel en/of van bijzondere aard is, mits voor de niet-toepassing objectieve redenen bestaan.
Informatieplicht
De werkgever is verplicht de werknemer in kennis te stellen van de volgende essentiële gegevens:
- identiteit van de partijen;
- plaats van het werk;
- titel, rang, hoedanigheid, categorie van de arbeid, beknopte kenmerken of omschrijving van de arbeid;
- aanvangsdatum van de arbeidsovereenkomst of -verhouding;
- voorzienbare duur indien het een tijdelijke arbeidsovereenkomst of -verhouding betreft;
- duur van het betaald verlof of wijze waarop dit verlof wordt toegekend of vastgesteld;
- duur van de opzegtermijnen die de werkgever en de werknemer in acht moeten nemen indien de arbeidsovereenkomst of -verhouding beëindigd wordt of, bij gebreke daarvan, de wijze waarop die termijnen worden vastgesteld;
- basisbedrag en overige bestanddelen van het loon, alsmede de periodiciteit van de betalingen;
- normale arbeidstijd van de werknemer;
- in voorkomend geval, een verwijzing naar de toepasselijke collectieve overeenkomsten.
Wijze van informatie
De informatie kan worden vervat in een schriftelijke arbeidsovereenkomst, een aanstellingsbrief of één of meer schriftelijke documenten. Deze documenten moeten uiterlijk twee maanden na het begin van het werk aan de werknemer worden verstrekt. Indien geen van deze documenten binnen de vastgestelde termijnen aan de werknemer is verstrekt, moet hem een door de werkgever ondertekende schriftelijke verklaring worden verstrekt.
In het buitenland werkende werknemer
Wanneer de werknemer in een ander land moet werken, moet hij vóór zijn vertrek in het bezit zijn van één van de in punt 3 vermelde documenten, dat moet worden aangevuld met de volgende gegevens:
- duur van het werk in het buitenland;
- muntsoort waarin het loon wordt uitbetaald;
- in voorkomend geval, de aan het werk in het buitenland verbonden voordelen;
- in voorkomend geval, de wijze waarop de terugkeer van de werknemer naar zijn land geregeld is.
Deze voorwaarden zijn niet van toepassing als het werk niet langer dan een maand wordt uitgeoefend.
Iedere wijziging van de gegevens van de arbeidsovereenkomst of -verhouding moet schriftelijk worden meegedeeld.
Deze richtlijn belet de lidstaten niet om voor de werknemers gunstigere bepalingen toe te passen of in te voeren.
Context
De richtlijn heeft tot doel de werknemers, geconfronteerd met de toename van het aantal soorten arbeidsverhoudingen, te beschermen tegen miskenning van hun rechten door op communautair niveau voor de werkgever de verplichting vast te stellen de werknemer schriftelijk te informeren over zijn arbeidsvoorwaarden.
REFERENTIES
| Besluit | Inwerkingtreding | Uiterste datum voor omzetting in nationaal recht | Publicatieblad |
|---|---|---|---|
|
Richtlijn 91/533/EEG |
28.10.1991 |
30.6.1993 |
L 288 van 18.10.1991 |



