RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


De toekomst van de gezondheidszorg en de ouderenzorg: de toegankelijkheid, de kwaliteit en de betaalbaarheid waarborgen

De zorgstelsels van de lidstaten worden voor drie grote uitdagingen gesteld: de vergrijzing in Europa, de meer geavanceerde, maar daardoor ook duurdere gezondheidszorg en de steeds veeleisender geworden patiënt, die zich feitelijk als 'zorgconsument' opstelt. Om deze drie uitdagingen het hoofd te kunnen bieden, heeft de Commissie zichzelf drie doelstellingen voor de lange termijn gesteld: universele gezondheidszorg, voortdurende verbetering van de kwaliteit van de zorg en betaalbare nationale zorgstelsels.

BESLUIT

Mededeling van de Commissie van 5 december 2001: De toekomst van de gezondheidszorg en de ouderenzorg: de toegankelijkheid, de kwaliteit en de betaalbaarheid waarborgen [COM(2001) 723 def. - Niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

In vergelijking met de rest van de wereld zijn de algemene gezondheidstoestand en de zorgstelsels in de Europese Unie uitzonderlijk goed. Dat is te danken aan de invoering van een universele dekking voor ziekte en invaliditeit, de gestegen levensstandaard, verbeterde levensomstandigheden en betere gezondheidsvoorlichting.
De totale uitgaven voor de gezondheidszorg stegen tussen 1970 en 1998 van circa 5 % tot ruim 8 % van het BBP. In veel landen stegen ook de overheidsuitgaven voor de gezondheidszorg sneller dan het BBP.

GEMEENSCHAPPELIJKE UITDAGINGEN VOOR ALLE ZORGSTELSELS IN DE EU

Gevolgen van de vergrijzing voor de zorgstelsels en de uitgaven

De vergrijzing in Europa heeft twee aspecten:

  • de levensverwachting bij de geboorte is sinds 1970 met 5,5 jaar gestegen voor vrouwen en met bijna 5 jaar voor mannen. Deze ontwikkeling brengt ook met zich mee dat ouderen langer in goede gezondheid c.q. zonder handicap leven;
  • het bevolkingsaandeel van ouderen neemt toe. Het aandeel 65-plussers in de Europese bevolking zal van 16,1 % in 2000 toenemen tot 27,5 % in 2050, terwijl het percentage 80-plussers zal stijgen van 3,6 % in 2000 tot 10 % in 2050.

Als de basisscenario's van Eurostat uitkomen, zouden de overheidsuitgaven voor gezondheidszorg in de periode 2000-2050 met 0,7 tot 2,3 punten van het BBP kunnen stijgen.
De aangroei van die leeftijdsgroepen leidt tot een nieuwe, langdurige vraag naar zorg.
Daarom moeten de structuur, de financiering en de organisatie van de zorg worden aangepast. Er is met name een groeiende behoefte aan gekwalificeerd personeel, omdat de kleinere en minder stabiele familiestructuren het gebruikelijke sociale netwerk kunnen ondermijnen.

De ontwikkeling van nieuwe technologieën en behandelingen

De ontwikkeling van nieuwe medische technologie (gentherapieën, kweek van organen, nieuwe geneesmiddelen enz.) heeft voordelen voor de patiënt, zoals een verminderd risico op bepaalde ziekten en de mogelijkheid van preventieve behandelingen. Maar deze innovaties kosten geld en de vraag is waar dat geld vandaan moet komen. Er moeten duidelijke, doorzichtige en efficiënte regelingen voor uitgavenbeheersing komen. Alleen zo kan gegarandeerd worden dat zo veel mogelijk mensen in aanmerking komen voor nieuwe producten en behandelingen.

Veranderde verwachtingen van patiënten

Sinds een halve eeuw groeit de vraag naar gezondheidszorg, door het stijgende levenspeil en onderwijsniveau, harder dan het inkomen per hoofd van de bevolking. Dit fenomeen heeft drie gevolgen:

  • een hoger onderwijsniveau leidt tot gezondere levenswijzen en preventieve maatregelen waardoor men op de lange termijn geen beroep hoeft te doen op dure behandelingen. Daarom richten de zorgstelsels zich steeds meer op preventie en voorlichting;
  • patiënten verwachten in toenemende mate kwaliteit en efficiëntie in de zorg. Dankzij de ontwikkelingen in de informatietechnologie zijn zij beter geïnformeerd over het zorgaanbod op Europees niveau en kunnen zij steeds beter een geïnformeerde keuze maken;
  • patiënten willen door zorgverleners, maar ook door de overheid actief bij de zorg worden betrokken. Bovendien verwachten zij meer openheid over de prestaties en kwaliteit van zorginstellingen.

DRIE LANGETERMIJNDOELSTELLINGEN: TOEGANKELIJKHEID, KWALITEIT EN BETAALBAARHEID

De organisatie van de zorgstelsels, de financiering (verhouding publieke-private financiering) en de planning van het zorgaanbod op basis van de behoeften van de bevolking, behoren tot de bevoegdheid van de lidstaten. Deze bevoegdheid heeft echter steeds meer raakvlakken met andere onderdelen van het Gemeenschapsbeleid (onderzoek, volksgezondheidsbeleid, vrij verkeer van personen en diensten, houdbaarheid van de overheidsfinanciën). Alle reden voor Europese samenwerking.

De mededeling noemt drie langetermijndoelstellingen voor de nationale stelsels, die tegelijk moeten worden nagestreefd.

Toegankelijkheid

Het recht op gezondheidszorg is verankerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Niettemin hangt de toegang tot de zorg vaak samen met de sociale positie van de persoon. Daarom moet speciale aandacht uitgaan naar de toegang tot de zorg van achterstandsgroepen en minder draagkrachtigen.
Het gezamenlijke beoordelingsverslag van de nationale actieplannen voor sociale insluiting beschrijft drie categorieën maatregelen:

  • ontwikkeling van preventie en gezondheidsvoorlichting (ouder-kindzorg, schoolgeneeskunde en arbeidsgeneeskunde);
  • verbetering van de toegang tot de zorg door hogere of zelfs volledige vergoedingen voor lage inkomens;
  • maatregelen gericht op achterstandsgroepen, waaronder geesteszieken, migranten, daklozen, alcohol- of drugsverslaafden enz.

Kwaliteit

Het verstrekken van kwalitatief goede zorg betekent voor de nationale regeringen dat ze moeten streven naar een zo goed mogelijke verhouding tussen de gezondheidsvoordelen en de kosten van de producten en behandelingen. Deze benadering van kwaliteit is echter bijzonder complex door:

  • de verschillen in organisatie en niveau van het zorgaanbod, factoren die van invloed zijn op de zorgvraag en daarmee op het niveau van de uitgaven;
  • de verscheidenheid van de behandelingspraktijken.

Een vergelijkende analyse van zorgstelsels en behandelingspraktijken kan dienen om "goede praktijken" te bepalen en kan zo bijdragen tot een betere kwaliteit van de zorgstelsels.

Betaalbaarheid

Kwalitatief hoogwaardige, universeel toegankelijke gezondheidszorg kost geld. Los van de organisatievorm van het zorgstelsel zullen in alle lidstaten de kosten van de gezondheidszorg onder druk komen te staan. Met het oog hierop hebben de EU-landen sinds het begin van de jaren negentig de volgende hervormingen doorgevoerd:

  • regulering van de vraag: premieverhoging of hogere eigen bijdragen van de eindgebruiker;
  • regulering van het aanbod: vaststelling van budgetten of vaste vergoedingen voor zorgverleners, het sluiten van contracten tussen "inkopers" en "leveranciers".

Toch is het vaak moeilijk onderscheid te maken tussen de kortetermijneffecten en de structurele effecten van deze hervormingen, dat wil zeggen de mate waarin zij de ontwikkeling van de uitgaven betaalbaar kunnen houden. Een intensievere uitwisseling van ervaringen zou volgens de mededeling kunnen helpen de balans van het gevoerde beleid op te maken en zou een nuttig hulpmiddel zijn om vergelijkingen te maken en verdere vooruitgang te boeken.

Daarom is het van wezenlijk belang dat alle betrokken partijen (overheden, professionele zorgverleners, instanties voor sociale zekerheid, verzekeraars voor aanvullende verzekeringen en gebruikers) intensiever gaan samenwerken.

Achtergrond

Deze mededeling sluit aan op de conclusies van de Europese Raad van Lissabon (maart 2000), waarin is benadrukt dat de stelsels voor sociale bescherming moeten worden hervormd om een hoogwaardige zorgverlening te garanderen. De mededeling komt tevens tegemoet aan het verzoek van de Europese Raad van Göteborg (juni 2001) om een verslag op te stellen voor de voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad in 2002 betreffende beleidslijnen voor de gezondheidszorg en van de ouderenzorg.

Kerncijfers van het besluit
  • Levensverwachting in 2000: 74,7 voor mannen en 81,1 voor vrouwen
  • Levensverwachting in 2050 (vooruitzichten Eurostat): 79,7 voor mannen en 85,1 voor vrouwen
  • Aandeel van de Europese bevolking ouder dan 65 in 2000: 16,1 %
  • Aandeel van de Europese bevolking ouder dan 65 in 2050: 27,5 %
  • Aandeel van de Europese bevolking ouder dan 80 in 2000: 3,6 %
  • Aandeel van de Europese bevolking ouder dan 80 in 2050: 10 %

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Commissie van 20 april 2004 - Modernisering van de sociale bescherming voor de ontwikkeling van hoogwaardige, toegankelijke en duurzame gezondheidszorg en langdurige zorg: steun aan de nationale strategieën door middel van de "open coördinatiemethode" [COM(2004) 304 def. - Niet in het Publicatieblad verschenen]
Deze mededeling stelt voor om de "open coördinatiemethode" uit te breiden naar de gezondheidszorg en de langdurige zorg. Op die manier kan een kader worden gecreëerd om ervaringen en "goede praktijken" uit te wisselen en zo de lidstaten te ondersteunen bij de hervorming van de gezondheidszorg en de langdurige zorg.

Gezamenlijk verslag van de Commissie en de Raad van 13 maart 2003 - Gezondheidszorg en ouderenzorg: ondersteuning van nationale strategieën voor een hoog niveau van sociale bescherming (DE ) (EN ) (FR ).
De Europese Raad van Barcelona van 2002 verzocht de Commissie en de Raad de vraagstukken betreffende toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid nader te onderzoeken. Aan de lidstaten is daarom een vragenlijst toegestuurd om informatie te verzamelen over de wijze waarop de lidstaten deze drie doelstellingen aanpakken.Het gezamenlijk verslag is gebaseerd op de antwoorden die de lidstaten in 2002 op deze vragenlijst hebben gegeven.
Dit gezamenlijk verslag is op 6 maart goedgekeurd door de Raad Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumentenzaken en op 7 maart door de Raad Economische en Financiële Zaken als bijdrage aan de Europese Raad van maart 2003.

Laatste wijziging: 14.10.2005
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven