RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Actieplan om meer, beter en sneller te helpen

Deze mededeling beoogt de doeltreffendheid, de samenhang en de impact van de EU-ontwikkelingshulp te verbeteren. Zij sluit aan op de in 2005 door de EU gedane toezeggingen om de ontwikkelingshulp te verhogen, het effect ervan te verbeteren en het gebruik ervan te versnellen, ter verwezenlijking van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkelingssamenwerking, die tegen 2015 bereikt moeten zijn.

BESLUIT

Mededeling van de Commissie van 2 maart 2006 getiteld: EU-bijstand: meer, beter en sneller helpen [COM(2006) 87 def. - Niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

Het in deze mededeling uiteengezette actieplan bestaat uit negen maatregelen van beperkte duur die door de Commissie en de lidstaten gezamenlijk ten uitvoer gelegd zullen worden. Sommige maatregelen, zoals de kartering van de communautaire hulp door de atlassen van de regionale donors, de steun voor het lokale coördinatieproces of de ontwikkeling van een gemeenschappelijk kader voor de programmering van de hulp kunnen onmiddellijk gestart worden. Andere zoals het voorgestelde cofinancieringsmechanisme voor EU-fondsen, kunnen in de volgende vier jaar verwezenlijkt worden.

Het actieplan is in drie delen verdeeld: het eerste deel vat de negen, door de EU als groep te nemen maatregelen samen en bevat het tijdschema; het tweede deel beschrijft de vier eerste maatregelen die al zijn ontwikkeld, en aangenomen en onmiddellijk uitgevoerd kunnen worden in een aantal partnerlanden; het derde deel beschrijft de vijf overige maatregelen die in 2006 uitgewerkt en tegen 2010 uitgevoerd moeten worden.

De verbintenissen van de EU betreffende de doelmatigheid van de hulp kunnen in drie samenhangende componenten verdeeld worden die respectievelijk betrekking hebben op:

  • een transparante kartering en controle;
  • implementatie van de gezamenlijke verbintenissen vastgesteld in de Verklaring van Parijs (pdf) (EN ) (ES ) (FR ) over harmonisatie en onderlinge afstemming;
  • implementatie van de component doelmatigheid van de steun van het nieuwe strategische EU-kader, dat is vastgelegd in de nieuwe beleidsverklaring inzake ontwikkeling (de " Europese consensus ") en de EU-strategie voor Afrika.

Deel een: follow-up van de verbintenissen

Om de organisatie en de verdeling van de taken te verbeteren moet de atlas van de donors herzien worden, aangezien de eerste editie van de EU-donoratlas een concentratie van de steun liet zien in bepaalde "aantrekkelijke" landen en sectoren, waardoor bepaalde andere landen en sectoren werden verwaarloosd of uit het oog verloren, en een versnippering van de activiteiten, wat leidde tot een zeer groot aantal actoren en kleinschalige projecten.

Wat de EU-regels op het gebied van de ontwikkeling betreft is het nuttig een overzicht van de in alle lidstaten geldende regels te geven; deze zullen in handleidingen verzameld worden om het werk van alle operatoren te vergemakkelijken. Een andere belangrijke doelstelling die, op lange termijn gerealiseerd moet worden is tot een gezamenlijke programmering te komen. Met het oog daarop zal binnen het gezamenlijke meerjarig programmeringskader een mechanisme in het leven worden geroepen, dat de elementen van de systemen van de lidstaten die elkaar overlappen kan samenvoegen en zo de transactiekosten van de communautaire programmering kan beperken.

De verklaring over het ontwikkelingsbeleid (de "Europese consensus") en de EU-strategie voor Afrika, die beide in 2005 werden aangenomen, voorzien in een betere verdeling van de taken met het oog op een versterking van de complementariteit en de doelmatigheid van de hulp, de vermeerdering van het aantal gezamenlijke activiteiten met een intensiever gebruik van cofinanciering en versterking van de bijdrage en de invloed van de EU.

Deel twee: onmiddellijke actie

De vier doelstellingen die in 2006 al zouden kunnen worden bereikt betreffen de donoratlas, de monitoring van de processen van de EU en van de Comités voor Ontwikkelingshulp (DAC) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), de routekaart en het gezamenlijk programmeringskader.

De herziene EU-donoratlas II zal de regionale dimensie versterken, waarbij de kartering van de hulp op het niveau van de staten wordt uitgevoerd, en alle actieve donors in elk land bestrijken. De monitoring zal de in Parijs vastgestelde internationale doelstellingen betreffen en de concrete operationele doelstellingen van de Unie, die vanaf 2006 via het jaarverslag over de follow-up van Monterrey gecontroleerd zullen worden.

De toepassing van de routekaarten moet worden verbeterd en de controlebevoegdheden moeten versterkt en verdeeld worden. De bevoegdheden zouden tegen 2006 vastgesteld moeten zijn en alle doelstellingen zouden tegen 2010 bereikt moeten zijn. Het gemeenschappelijk programmeringskader zou tegen medio 2006 vastgesteld moeten zijn en op een pragmatische, progressieve en realistische manier toegepast moeten worden. Het moet geïntroduceerd worden in de landen waar al een gemeenschappelijke steunstrategie van donors is gestart (Tanzania, Oeganda en Zambia) en naar alle overige landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACS-landen) uitgebreid moeten worden, alsook naar alle landen die de Verklaring van Parijs ondertekend hebben tegen 2010.

Deel drie: uitvoering van de agenda

De vijf doelstellingen, die tegen eind 2006 uitgewerkt moeten zijn, betreffen de operationele complementariteit, de ontwikkeling van gemeenschappelijke activiteiten met een cofinancieringsrol voor de EU, de versterking van de visie van de EU, de gemeenschappelijke lokale instrumenten alsmede handleidingen van EU-ontwikkelingsvoorschriften.

Tegen eind 2006 zullen de pragmatische operationele principes voor de complementariteit van de taken vastgesteld moeten zijn. Deze principes zouden ter plaatse samen met de toekomstige regionale hoofdstukken van de herziene donoratlas aangewend kunnen worden. Bovendien zouden de communautaire regels die cofinanciering belemmeren, herzien moeten worden, zodat er tegen 2008 een gestructureerd cofinancieringsmechanisme voor de EU-fondsen kan worden ontwikkeld.

Om de visie van de EU te versterken moeten de volgende maatregelen worden genomen:
- de oprichting van een netwerk van onderzoekscentra voor ontwikkelingsvraagstukken;
- de invoering van Europese ontwikkelingsdagen;
- een Europese opleidingskaart met alle beroepsopleidingsprogramma's voor ontwikkelingswerkers.
Tenslotte zullen er tegen 2006 handleidingen van EU-programmeringsvoorschriften, van EU-voorschriften inzake overheidsopdrachten, van EU-voorschriften en -beginselen voor NGO's en EU-subsidievoorschriften opgesteld worden en in 2008 worden herzien. Daarin zal rekening worden gehouden met de harmonisatie van de voorschriften die ondertussen heeft plaatsgevonden.

GERELATEERDE BESLUITEN

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 2 maart 2006 getiteld: "Ontwikkelingsfinanciering en effectiviteit van de hulp - Uitbreiding van de EU-hulp 2006-2010 [COM(2006) 85 def . Publicatieblad C 130 van 3 juni 2006].

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 2 maart 2006, getiteld: "De Europese ontwikkelingshulp doeltreffender maken: een gemeenschappelijk kader voor het opstellen van de nationale strategiedocumenten en de gezamenlijke meerjarenprogrammering" [COM(2006) 88 def . - Publicatieblad C 130 van 3 juni 2006].

Laatste wijziging: 11.09.2007
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven