RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 15 talen
Nieuwe beschikbare talen:  CS - HU - PL - RO

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


De verkoop van en de waarborgen voor consumptiegoederen

Regelgeving omtrent de verkoop van consumptiegoederen in de Europese Unie (EU) garandeert dat er een minimumniveau is aan uniforme consumentenbescherming. Met name ingeval de goederen niet overeenstemmen met de koopovereenkomst is de consument beschermd.

BESLUIT

Richtlijn 99/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen.

SAMENVATTING

De richtlijn betreft de wettelijke garantie en de handelsgaranties:

Het begrip "wettelijke garantie" omvat de wettelijke bescherming van de koper ten aanzien van gebreken aan verworven goederen. Deze wettelijke bescherming is bij wet verplicht en is niet afhankelijk van de koopovereenkomst. De richtlijn vestigt zo het beginsel van overeenstemming van het goed met de overeenkomst.

Het begrip "handelsgarantie" verwijst daarentegen naar de wilsuiting van een persoon, de garantiegever, die zich aansprakelijk stelt voor bepaalde gebreken.

In de richtlijn wordt deze terminologie niet overgenomen. Wanneer de term "garantie" wordt gebruikt, verwijst die uitsluitend naar handelsgaranties, die als volgt worden gedefinieerd: "elke door een verkoper of producent tegenover de consument zonder bijkomende kosten aangegane verbintenis om de betaalde prijs terug te betalen, of om de consumptiegoederen te vervangen of te herstellen, of om zich er op enigerlei wijze om te bekommeren, indien de goederen niet overeenstemmen met de beschrijving in het garantiebewijs of in de desbetreffende reclame".

Onder consumptiegoederen wordt verstaan alle roerende materiële zaken, behalve:

  • goederen die executoriaal of anderszins gerechtelijk worden verkocht;
  • water en gas die niet marktklaar zijn gemaakt in een bepaald volume of in een bepaalde hoeveelheid;
  • elektriciteit.

De lidstaten kunnen bepalen dat tweedehandsgoederen die worden verkocht op een openbare veiling waarop de consument in eigen persoon aanwezig kan zijn, niet als "consumptiegoederen" worden beschouwd. 7. Overeenkomsten tot levering van te vervaardigen of voort te brengen consumptiegoederen vallen daarentegen wel onder de richtlijn.

Koopovereenkomsten

Consumptiegoederen moeten met de koopovereenkomst in overeenstemming zijn. De goederen worden verondersteld in overeenstemming met de overeenkomst te zijn, indien zij bij levering aan de consument:

  • in overeenstemming zijn met de door de verkoper gegeven beschrijving ervan, en de eigenschappen bezitten van het goed dat de verkoper aan de consument als monster of model heeft getoond;
  • geschikt zijn voor het gebruik waartoe de goederen van dezelfde soort gewoonlijk dienen;
  • geschikt zijn voor elk specifiek, door de consument gewenst gebruik dat deze aan de verkoper bij het sluiten van de overeenkomst heeft medegedeeld, en welke de verkoper heeft aanvaard;
  • wat de kwaliteit en de prestaties ervan betreft, bevredigend zijn, gezien de aard van het goed en de mededelingen die de verkoper, de producent of diens vertegenwoordiger daaromtrent publiekelijk hebben gedaan.

De verkoper is jegens de consument aansprakelijk voor elk bij de aflevering van het goed bestaand gebrek aan overeenstemming dat binnen een termijn van twee jaar, te rekenen vanaf het tijdstip van levering, duidelijk wordt. Er kan echter geen gebrek aan overeenstemming worden ingeroepen indien de consument op het moment dat de koopovereenkomst wordt afgesloten van dit gebrek wist of het redelijkerwijs onmogelijk is dat hij het toen niet wist.

Indien het goed niet in overeenstemming is met de publiekelijk afgelegde verklaringen van de verkoper, de producent of diens vertegenwoordiger, is de verkoper niet aansprakelijk indien hij aantoont dat:

  • hij van de betreffende verklaring onkundig was en daarvan redelijkerwijze niet op de hoogte kon zijn;
  • hij de betreffende verklaring heeft rechtgezet op het tijdstip van de verkoop;
  • de beslissing tot aankoop niet door de betreffende verklaring kon worden beïnvloed.

Gebrek aan overeenstemming ten gevolge van een verkeerde installatie van de consumptiegoederen wordt gelijkgesteld met gebrek aan overeenstemming van de goederen met de overeenkomst, wanneer de installatie deel uitmaakt van de koopovereenkomst betreffende de goederen en door de verkoper of onder diens verantwoordelijkheid is uitgevoerd. Hetzelfde geldt als voor montage door de consument bestemde goederen door de consument zijn geïnstalleerd en de verkeerde installatie een gevolg is van een gebrek in de montagehandleiding.

De gebreken aan overeenstemming die binnen een termijn van zes maanden, gerekend vanaf het tijdstip van levering, aan het licht komen, worden geacht op dat tijdstip te hebben bestaan, tenzij:

  • het bewijs van het tegendeel wordt geleverd;
  • deze veronderstelling onverenigbaar is met de aard van de goederen of van het gebrek aan overeenstemming.

Wanneer een verkoper op een gebrek aan overeenstemming wordt gewezen heeft de consument het recht om van deze te verlangen:

  • hetzij de kostenloze herstelling, hetzij de vervanging van het goed, binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor de consument;
  • hetzij een passende vermindering van de prijs, hetzij de ontbinding van de overeenkomst, indien de herstelling en de vervanging onmogelijk of buiten verhouding zijn, of indien de verkoper de vorm van genoegdoening niet binnen een redelijke termijn of zonder ernstige overlast voor de consument verricht.

Ontbinding van de overeenkomst is niet mogelijk indien het gebrek aan overeenstemming van geringe betekenis is.

Wanneer de eindverkoper aansprakelijk wordt gesteld jegens de consument uit hoofde van een gebrek aan overeenstemming dat voortvloeit uit een handelen of een nalaten van de producent, van een eerdere verkoper in dezelfde contractuele keten of van enige andere tussenpersoon, heeft de eindverkoper het recht die persoon aansprakelijk te stellen

Conformiteit van de handelsgarantie

De verkoper of producent die een handelsgarantie biedt, is daardoor juridisch gebonden volgens de in het garantiebewijs en de desbetreffende reclame aangegeven voorwaarden. In de garantie moet vermeld staan dat de consument bovendien wettelijke rechten heeft en moet duidelijk worden gesteld dat de garantie die rechten onverlet laat. In de garantie moeten eveneens in duidelijke en begrijpelijke taal de inhoud van de garantie en de essentiële gegevens vermeld staan die noodzakelijk zijn om van de garantie gebruik te kunnen maken, met name de duur en het geografische toepassingsgebied van de garantie, alsmede de naam en het adres van de garant.

Op verzoek van de consument wordt de garantie schriftelijk of in de vorm van een andere duurzame drager beschikbaar gesteld. De lidstaat waar de consumptiegoederen op de markt worden gebracht, kan bepalen dat op zijn grondgebied de garantie wordt gesteld in één of meer talen die hij uit de officiële talen van de Gemeenschap kiest.

Indien een handelsgarantie niet overeenstemt met de voorschriften van de richtlijn doet dat op generlei wijze afbreuk aan de geldigheid ervan en kan de consument zich er toch op beroepen.

Andere bepalingen inzake consumentenbescherming

De consument is niet gebonden door contractuele bepalingen of afspraken die zijn overeengekomen met de verkoper en die afwijken van de door de richtlijn gecreëerde rechten of die rechten, direct of indirect, beperken.

De lidstaten kunnen strengere bepalingen invoeren, verenigbaar met het Verdrag, teneinde de consument een hogere graad van bescherming te verzekeren.

Context

Deze richtlijn is gebaseerd op het groenboek van de Commissie van 1993 betreffende garantie op consumptiegoederen en service na verkoop.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingOmzetting in de lidstatenPublicatieblad

Richtlijn 99/44/EG [goedkeuring: medebeslissing COD/1996/0161]

7.7.1999

1.1.2002

PB L 171 van 7.7.1999

GERELATEERDE BESLUITEN

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende consumentenrechten (Voor de EER relevante tekst) [COM(2008) 614 definitief – Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].
Dit voorstel heeft de harmonisatie tot doel van de minimumbepalingen inzake de contractuele rechten van consumenten. Het moet leiden tot een herziening en een samenvoeging van verschillende wettelijke bepalingen, richtlijn 1999/44/EG, richtlijn 85/577/EEG inzake buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten, richtlijn 93/13/EEG inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten en richtlijn 97/7/EG inzake op afstand gesloten overeenkomsten.
Een meer volledige harmonisatie zal bijdragen tot de ontwikkeling van de interne markt van de consumenten, en hen een hoog niveau van consumentenbescherming bieden.

Mededeling van de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement van 24 april 2007 betreffende de uitvoering van Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen, inclusief analyse van de mogelijkheid om producenten rechtstreeks aansprakelijk te stellen [COM(2007) 210 definitief – Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].
Deze mededeling brengt verslag uit van de omzetting van de richtlijn door nagenoeg alle lidstaten. Toch bleek deze omzetting in bepaalde lidstaten problematisch, vanwege juridische leemtes of significante legislatieve eigenaardigheden. Door de minimale-harmonisatieclausule konden de lidstaten striktere bepalingen invoeren, wat ertoe leidde dat uiteenlopende bepalingen werden ingevoerd.
Deze divergenties vormen obstakels voor het handelsverkeer en leiden tot bijkomende kosten voor bedrijven die grensoverschrijdend handelen. Ze creëren uiteenlopende niveaus van bescherming, die het consumentenvertrouwen in de interne markt verminderen.
Het groenboek moet als uitgangspunt dienen voor een herziening van Richtlijn 99/44/EG.

Groenboek van 8 februari 2007 inzake de herziening van het consumentenacquis [COM(2006) 744 definitief – Niet bekendgemaakt in het Publicatieblad].

Richtlijn 85/374/EEG van de Raad van 25 juli 1985 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der lidstaten inzake de aansprakelijkheid voor producten met gebreken [Publicatieblad L 210 van 7.8.1985].
Deze richtlijn regelt de rechtstreekse aansprakelijkheid van de producent ingeval van producten met gebreken. De consument beschikt over een termijn van 3 jaar om te reageren, vanaf de dag waarop hij de schade opliep. De aansprakelijkheid van de producent vervalt 10 jaar nadat het betreffende product in omloop is gebracht.

Raadpleeg de geconsolideerde versie .

Laatste wijziging: 29.01.2010

Zie ook

  • Voor meer informatie kunt u terecht op de site van het directoraat-generaal Gezondheid en consumenten (EN).
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven