RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 10 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Gemeenschappelijke ordening der markten in de sector groenten en fruit - (hervorming 2007)

Archief

In 2007 is de gemeenschappelijke marktordening (GMO) in de sector groenten en fruit grondig hervormd om het concurrentievermogen van de sector te verbeteren, de consumptie te verhogen en het milieu te beschermen. Met deze verordening wordt beoogd telers ertoe aan te zetten zich te organiseren in telersverenigingen die de sector kunnen versterken via een reeks instrumenten zoals de financiële bijdragen van de Gemeenschap.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 1182/2007 van de Raad van 26 september 2007 tot vaststelling van specifieke voorschriften voor de sector groenten en fruit, tot wijziging van de Richtlijnen 2001/112/EG en 2001/113/EG en de Verordeningen (EEG) nr. 827/68, (EG) nr. 2200/96, (EG) nr. 2201/96, (EG) nr. 2826/2000, (EG) nr. 1782/2003 en (EG) nr. 318/2006, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2202/96.

SAMENVATTING

De gemeenschappelijke marktordening (GMO) voor groenten en fruit regelt de telersverenigingen en brancheorganisaties in deze sector en voorziet in de regeling voor het handelsverkeer met derde landen.

Toepassingsgebied

Deze verordening geldt voor twee groepen producten die tot 2008 geregeld werden bij twee verschillende GMO's:

  • verse producten zoals groenten, fruit en bepaalde kruiden (zie de tot eind 2007 geldende regelgeving) ;
  • verwerkte producten op basis van groenten en fruit die zijn bereid, gekookt en bewaard (zie de tot eind 2007 geldende regelgeving).

Verse producten mogen slechts op de markt worden gebracht indien ze van gezonde handelskwaliteit zijn en indien het land van oorsprong is vermeld.

TELERSVERENIGINGEN

Telers van verse producten kunnen verenigingen oprichten om hun leden aan te zetten tot milieuvriendelijke productie-, beheers- en teeltpraktijken. Deze verenigingen kunnen de productie en het productaanbod ook beter rationaliseren. Voorts verbinden bij een vereniging aangesloten telers zich ertoe bepaalde verplichtingen na te komen:

  • de voorschriften van de vereniging inzake productie, afzet en milieuzorg toe te passen;
  • hun productie via de vereniging te verkopen;
  • de vereniging de voor statistische doeleinden vereiste gegevens te verstrekken;
  • bij te dragen in het actiefonds.

Elke vereniging moet worden erkend door de lidstaten. Een erkenning wordt slechts verleend indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan. De vereniging moet bijvoorbeeld een minimumaantal leden en een minimale productiewaarde hebben. Voorts mag zij geen dominante positie op een bepaalde markt hebben. Telers die een erkende vereniging willen oprichten, kunnen zich organiseren in producentengroeperingen: dit zijn juridische entiteiten die worden opgericht voor een overgangsperiode, namelijk totdat de groepering beantwoordt aan de voorwaarden voor erkenning als telersvereniging.

Telersverenigingen kunnen zich op hun beurt organiseren in groeperingen van telersverenigingen.

Operationele programma's

Telersverenigingen kunnen operationele programma's ten uitvoer leggen met een looptijd van 3 tot 5 jaar. Met deze programma's worden commerciële doelstellingen beoogd zoals een rationalisatie van de productie, prijsregulering, verbetering van de kwaliteit van producten en preventie en beheer van crises in al hun aspecten. Daarnaast omvatten ze ten minste twee milieuacties of gaat ten minste 10% van de uitgaven naar dergelijke acties.

Deze programma's worden gefinancierd door de vereniging of haar leden, en kunnen ook in aanmerking komen voor nationale en communautaire financiële steun. De bijdragen van de vereniging zelf en de communautaire bijdragen gaan naar een actiefonds dat uitsluitend wordt aangewend voor de financiering van de operationele programma's. De nationale financiële steun komt bovenop het actiefonds wanneer de betrokken lidstaat door de Commissie gemachtigd is steun te verlenen aan telersverenigingen. De communautaire bijdrage in het actiefonds komt doorgaans overeen met de door de telersvereniging betaalde financiële bijdrage en bedraagt maximaal 50% van de verrichte uitgaven en 4,1% van de waarde van de door de telersvereniging afgezette productie. Onder bepaalde voorwaarden kunnen deze maxima worden verhoogd.

De operationele programma's worden door de lidstaten goedgekeurd na beoordeling ervan op basis van de door de telersvereniging verstrekte gegevens. Deze gegevens bevatten met name het geraamde bedrag van het actiefonds per jaar, de uitgaven van het lopende jaar en de vorige jaren, alsook de nodige bewijsstukken.

Gedurende maximaal drie verkoopseizoenen kunnen de lidstaten besluiten om bepaalde verplichtingen van bij verenigingen aangesloten telers uit te breiden tot niet-aangesloten telers die in dezelfde economische regio * zijn gevestigd. Het betreft de toepassing van de door de vereniging vastgestelde voorschriften inzake productie, afzet en milieubescherming en afzetbevordering en communicatie in geval van een crisis.

BRANCHEORGANISATIES EN -OVEREENKOMSTEN

Verenigingen en groeperingen voor de productie, verhandeling en verwerking van verse groenten en fruit kunnen een brancheorganisatie vormen.

Een dergelijke organisatie kan bepaalde activiteiten uitoefenen om de productie, de markt, de kwaliteit en de bescherming van producten te verbeteren en voor een betere communautaire regelgeving te zorgen.

De organisatie mag deze activiteiten slechts uitoefenen wanneer zij erkend is door de lidstaat. Er wordt slechts een erkenning verleend indien aan een aantal vereisten is voldaan. De organisatie moet bijvoorbeeld een aanzienlijk deel van de productieketen voor verse groenten en fruit vertegenwoordigen, zonder evenwel zelf een activiteit op het gebied van productie, afzet of verwerking van deze producten uit te oefenen. De erkenning van de lidstaat wordt aan de Commissie gemeld, die kan verzoeken de verleende erkenning in te trekken.

In afwijking van de verordening inzake de toepassing van de regels betreffende de mededinging op de voortbrenging van en de handel in landbouwproducten worden de door de brancheorganisaties uitgeoefende activiteiten vrijgesteld van bepaalde bij het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgestelde mededingingsregels.

In bepaalde omstandigheden en gedurende een beperkte periode kunnen de lidstaten bepaalde overeenkomsten, besluiten of feitelijke gedragingen in het kader van een organisatie uitbreiden tot marktdeelnemers die niet zijn aangesloten, maar in dezelfde regio werkzaam zijn. Hiertoe moet de organisatie als representatief * voor de productie, verhandeling of verwerking van een product worden beschouwd.Toezicht van de Commissie op de uitbreiding van de voorschriften

De uitbreiding van de voorschriften van de telersverenigingen en de brancheorganisaties wordt gecontroleerd door de Commissie, die een lidstaat in bepaalde gevallen kan verzoeken de uitbreiding in te trekken.

HANDELSVERKEER MET DERDE LANDEN

In het kader van de handelsregeling voor verse en verwerkte groenten en fruit is de toepassing van enige heffing van gelijke werking als een douanerecht verboden, evenals de toepassing van enige kwantitatieve beperking of maatregel van gelijke werking.

De Commissie kan de invoer en uitvoer van één of meer producten afhankelijk stellen van de afgifte van een certificaat.

Invoer

Voor de handel in groenten en fruit gelden de invoerrechten van het gemeenschappelijk douanetarief. Om bepaalde nadelen voor de communautaire markt te voorkomen, wordt bij invoer een aanvullend invoerrecht toegepast indien de invoer plaatsvindt tegen een prijs die lager is dan de reactieprijs * of indien het invoervolume het reactievolume overschrijdt *. Deze aanvullende invoerrechten staan in verhouding tot het doel en worden slechts geheven wanneer de invoer de communautaire markt dreigt te verstoren.

De invoertariefcontingenten worden jaarlijks geopend en zo beheerd dat elke vorm van discriminatie van de betrokken marktdeelnemers wordt voorkomen, op basis van één van de onderstaande beginselen: "wie het eerst komt, het eerst maalt", "gelijktijdig onderzoek", "traditionele/nieuwe marktdeelnemers".

De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief vrijwaringsmaatregelen nemen.

Regelingen voor actieve en passieve veredeling

De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief overgaan tot opschorting van de regelingen voor actieve en passieve veredeling.

STEUN AAN DE SECTOR

De bedrijfstoeslagregeling is van toepassing op de sector groenten en fruit. Deze regeling wordt evenwel geleidelijk ingevoerd. In een eerste overgangsfase kunnen de lidstaten met betrekking tot de producten die vóór de hervorming in aanmerking kwamen voor verwerkingssteun, een deel van de bedragen behouden en een extra betaling doen aan de betrokken landbouwers. Bovendien kunnen de lidstaten gedurende deze overgangsperiode oppervlaktesteun verlenen. In dat geval stellen ze op niet-discriminerende wijze het steunbedrag per hectare voor deze groenten en fruit vast. Bij deze verordening wordt de duur van de overgangsperiode voor de verschillende producten vastgesteld, alsook, voor elke lidstaat, het bedrag dat mag worden behouden.

Tot en met 31 december 2012 ontvangen telers van voor verwerking geleverde aardbeien en frambozen oppervlaktesteun voor een bedrag van 230 euro per hectare. Deze steun kan vergezeld gaan van nationale steun voor een bedrag van maximaal 170 euro per hectare. Aan de betrokken lidstaten wordt een maximaal nationaal gegarandeerd areaal toegewezen.

Comitéprocedure

De Commissie wordt bij het beheer van deze GMO bijgestaan door het comité van beheer voor groenten en fruit (FR).

Context

Bij deze verordening wordt de sinds 1996 geldende GMO voor groenten en fruit hervormd. Er zijn twee grote vernieuwingen ten opzichte van het vorige juridische kader: in de eerste plaats worden de sectoren verse groenten en fruit en verwerkte producten op basis van groenten en fruit eengemaakt; in de tweede plaats voorziet de verordening niet in steunregelingen voor de sector, maar worden de desbetreffende bepalingen ingevoegd in de verordening tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor de regelingen inzake rechtstreekse steunverlening in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.

Belangrijkste begrippen
  • Economische regio: een geografische zone die bestaat uit aan elkaar grenzende of naburige productiegebieden met homogene productie- en afzetomstandigheden.
  • Representatieve brancheorganisatie: een organisatie die ten minste tweederde van de productie, de verhandeling of de verwerking een product in een bepaalde regio voor haar rekening neemt.
  • Reactieprijs: de prijs die de Gemeenschap aan de Wereldhandelsorganisatie heeft gemeld.
  • Reactievolume: in procenten van het betrokken interne verbruik gedurende de voorgaande drie jaren, vastgesteld volume.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtreding - VervaldatumUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 1182/20076.11.2007-PB L 273 van 17.10.2007.

GERELATEERDE BESLUITEN

Uitvoeringsbepalingen

Verordening (EG) nr. 1580/2007 [Publicatieblad L 350 van 31.12.2007].
Naar aanleiding van de vaststelling van Verordening (EG) nr. 1182/2007 werden in de onderhavige verordening de uitvoeringsbepalingen voor deze sector opgenomen en herschikt. Zij regelt de indeling van de producten, de telersverenigingen en de handel met derde landen. De bijlagen erbij bevatten de gegevens van de officiële instanties en de controleorganen, alsook de modellen van bepaalde voor het handelsverkeer in deze producten vereiste certificaten en documenten.

Laatste wijziging: 01.05.2008
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven